Na dit leven

door lievendebrouwere

Op 10 november 2008 wordt Eben Alexander om halfvijf wakker, een uur vroeger dan normaal.
De vorige dag heeft hij gezellig gebarbecued met de buren.
All was fine in Virginia, buiten een lichte verkoudheid.
Nu schiet er een scherpe pijn door zijn rug als hij probeert te bewegen.
Even later gilt hij het uit als zijn zoontje hem aanraakt.
Het gaat wel over, stelt hij zijn vrouw gerust.
Om halftien wordt hij de spoedafdeling van het Lynchburg General Hospital binnengereden.
Hij slaat wild om zich heen en slaakt dierlijke kreten.
Wanneer men een lumbaalpunctie wil verrichten, zijn er zes verplegers nodig om hem in bedwang te houden.
Het ruggemergvocht is niet helder, het is niet troebel, het is pure etter.
Eben Alexander is getroffen door een uiterst zeldzame ziekte die jaarlijks slechts bij 1 op de 10 miljoen volwassenen voorkomt. Hij is besmet met een bacterie die bekend staat als E. coli en die het rechtstreeks op de hersenen gemunt heeft.
Van degenen die getroffen worden door deze uiterst agressieve vorm van bacteriële hersenvliesontsteking overleeft slechts 10 procent de ziekte, en meestal brengen ze de rest van hun leven als een plant door.

Eben Alexander raakt in een coma.
De antibiotica slaan niet aan.
Niets helpt.
Iedere dag worden zijn toch al niet grote overlevingskansen kleiner.
Na vijf dagen geeft men de hoop op.
Het is een verloren zaak.

Maar op dag zeven opent Eben Alexander de ogen, kijkt naar de verbijsterde gezichten die hem omringen en vraagt: wat doen jullie hier?

Het duurt een paar dagen voor hij weer de oude is, dagen waarin hij de grootste wartaal uitslaat en de krankzinnigste visoenen heeft.
Maar zijn hersenen herstellen zich, zijn geheugen komt terug en hij herinnert zich wat hem overkomen is tijdens die 7 dagen coma.

Hij is in de hemel geweest.
Hij heeft met God gesproken.
Hij heeft een bijna-dood-ervaring gehad.
En daarover wil hij nu vertellen.

Hij doet dat in het boek ‘Na dit Leven’ dat ik verleden zaterdag gekocht heb, en dat is uitgegeven bij een uitgeverij waarvan ik nog nooit heb gehoord: Lev.
De omslag is knalwit, als van een lijkwade, met een blauw vlindertje erop.
Onder die witte wikkel gaat een boek schuil dat zo knalblauw is dat de nietsvermoedende lezer er bijna een BDE aan overhoudt.
Hier is over nagedacht, dat is duidelijk.
Verder is het een boek dat prettig in de hand ligt en dat prettig leest.
Het zoveelste boek over een bijna-dood-ervaring.
Het zoveelste verslag van iemand die ‘aan de andere kant’ geweest is.

Maar.

Er is een klein detail dat dit boek anders maakt:
Eben Alexander is namelijk een neurochirurg.
Hij is hoogleraar aan de prestigieuze Harvard Medical School in Boston, USA.
Niet de eerste de beste dus.

Wie van dit boek een spannend verslag verwacht van een reis door het hiernamaals komt bedrogen uit. Prof. Alexander vertelt wel over wat hij aan gene zijde beleefd heeft, en hij doet dat heel precies, maar toch beslaat dit verslag slechts enkele van de 35 (korte) hoofdstukken in zijn boek.
De hoofdmoot bestaat uit pogingen om zijn ervaringen ‘aan de andere kant’ te verbinden met zijn ervaringen ‘aan deze kant’, en dat zijn de ervaringen van een vooraanstaand wetenschapper, iemand die beter dan wie ook weet wat hersenen zijn.

Het is juist deze wetenschappelijke benadering die dit boek zo buitengewoon interessant maakt.
Het is beslist spannend om te lezen over ‘het leven na de dood’.
Maar het is nog veel spannender om daar wetenschappelijk over na te denken.

Er zijn intussen al miljoenen gevallen van bijna-dood-ervaringen bekend.
Dat is te danken aan de nieuwe reanimatie-technieken.
Mensen die al ver heen zijn, worden nu weer teruggehaald.
En vaak vertellen ze fantastische verhalen over wat ze gezien hebben.
Maar er blijft altijd een scherpe grens tussen ‘gene zijde’ en ‘deze zijde’.
Wat verteld wordt over ‘ginder’ wordt ‘hier’ doorgaans afgedaan als fictie en inbeelding.
Met name degenen die de objectieve waarheid vertegenwoordigen – de wetenschappers – geloven geen zier van al die verhalen over de hemel en God en zijn engelen.
Dat zijn allemaal visioenen die veroorzaakt worden door ontregelde hersenen.
Wetenschappers weten namelijk waartoe hersenen in staat zijn.
En dat is onder andere het creëeren van de meest overtuigende illusies.
Als mensen hen vertellen over wat ze hebben meegemaakt tijdens de momenten dat ze ‘dood’ waren, denken de wetenschappelijke geesten die dokters en chirurgen zijn: ja, dat is allemaal heel mooi, maar het is fictie, het heeft geen enkele werkelijkheidswaarde. Er bestaat helemaal geen God of hiernamaals, er bestaan alleen hersenen.

Zo dacht prof. Alexander er ook over voor hij in coma raakte en aan de andere kant terechtkwam.
Maar zo denkt hij er nu niét meer over.
Zijn hele materialistische wereldbeeld is overhoop gegooid.
Hij moet alles weer opnieuw gaan overdenken.
En dat doet hij ook.

Ik vind het altijd een genot om echte wetenschappers aan het woord te horen.
Helaas lijken ze alsmaar zeldzamer te worden.
Eén van die zeldzamen verwees me onlangs naar een website waar ik las dat kan worden aangetoond dat de meeste resultaten van modern wetenschappelijk onderzoek zonder meer vals zijn.
Gisteren las ik in de krant over een duur kankermedicijn dat totaal geen effect blijkt te hebben.
Het klinkt als een groot schandaal, maar verleden jaar nog las ik een boek van een dokter die niet alleen beweerde dat heel wat kankermedicijnen geen effect hebben, maar dat zulks algemeen geweten is en dat het de geneesheren niet belet om deze peperdure placebo’s aan de lopende band voor te schrijven.
Ik zou er nog kunnen aan toevoegen: en verontwaardigd te verkondigen dat homeopathie uit louter … placebo’s bestaat.

Ik begin inderdaad – tot mijn verbijstering – te ontdekken dat de hedendaagse wetenschap er al niet veel beter aan toe is dan de hedendaagse kunst. Anders gezegd: het is veel erger dan we ons zelfs maar kunnen voorstellen.
Ik herinner me uit mijn jeugd nog een ophefmakend boek van Ivan Illich, waarin hij met cijfermateriaal aantoonde dat de moderne geneeskunde de grootste bedreiging vormt voor de volksgezondheid. Als er een staking uitbreekt bij de geneesheren gebeurt telkens weer hetzelfde: het sterftecijfer daalt, er sterven minder mensen.

Eben Alexander gaat niet zover.
Maar hij vertelt wel wat de oorzaak is van die wetenschappelijke malaise.

‘Het feit dat de wetenschappelijke methode zich in de afgelopen 400 jaar uitsluitend heeft gebaseerd op het fysieke domein stelt ons voor een enorm probleem: we zijn het grote mysterie in de kern van het bestaan, ons bewustzijn, uit het oog verloren. Het was wijd en zijd bekend en nauw verbonden met premoderne religies, maar in onze seculiere westerse cultuur zijn we het kwijtgeraakt, omdat we ons in toenemende mate liever bezighielden met de macht van de moderne wetenschap en technologie.’

Op nuchtere wijze legt Eben Alexander de vinger op de wonde: het gaat in de wetenschap niet langer om de waarheid, het gaat enkel nog om macht. Moderne wetenschappers zijn (net als moderne kunstenaars trouwens) verslaafd aan macht.
Hij schrijft dan ook:
‘Ik was de typische blijmoedige, maar sceptische arts. En als zodanig kan ik zeggen dat de meeste sceptici eigenlijk helemaal niet sceptisch zijn. Als je werkelijk sceptisch wilt zijn, moet je iets feitelijk onderzoeken en het serieus nemen. En ik had zoals veel artsen nooit de tijd genomen om bijna-doodervaringen te onderzoeken. Ik had gewoon ‘geweten’ dat ze onmogelijk waren.’

Hij verklaart waarom er nooit enig wetenschappelijk bewijs wordt gevonden voor ‘alternatieve’ zaken (ik denk aan mijn recente discussie over homeopathie): de ‘onderzoekers’ wíllen dat bewijs gewoon niet vinden.

‘Ze geloven dat ze de waarheid kennen zonder naar de feiten te hoeven kijken.’

Anders gezegd: veel wetenschappers zijn helemaal geen wetenschapper meer, het zijn gelovigen geworden die menen de waarheid in pacht te hebben, en geen enkel wetenschappelijk onderzoek kan hen daarvan afbrengen.

Dergelijke fundamentele kritiek is natuurlijk al lang bekend in de ‘alternatieve’ sector.
Maar ze werpt geen gewicht in de schaal want de ‘reguliere’ wetenschap is een grootmacht zoals er nog nooit een geweest is.
Het is in die wetenschap net als in de hedendaagse kunst: kritiek, hoe terecht en onderlegd ook, wordt met een schouderophalen afgedaan. Men besteedt er geen aandacht aan, laat staan dat men de moeite doet om ze te weerleggen. Dat laatste laat men over aan hobbyisten: derderangswetenschappers en amateurs die in hun vrije tijd lustig tekeer gaan tegen kwakzalverij.
Nee, kritiek op de hedendaagse wetenschap (of kunst) is niet meer dan een mug die met een verveelde beweging wordt weggeslagen.

Heel anders is het echter als die fundamentele kritiek van binnenuit komt, van een internationaal gereputeerde wetenschapper aan een van de meest prestigieuze instituten ter wereld: Harvard.

Als zo’n wetenschapper zegt dat hij, samen met andere gereputeerde collega’s, alle mogelijke wetenschappelijke verklaringen voor zijn BDE heeft uitgeprobeerd en er geen heeft gevonden,
Als zo’n wetenschapper zegt dat zijn ervaring onmogelijk veroorzaakt kan zijn door zijn hersenen en dat het menselijke bewustzijn dus niet het product is van die hersenen,

ja, dan kun je dat niet zomaar opzij schuiven.

Want deze man zet zijn hele wetenschappelijke kennis en reputatie in.
Bovendien schrijft hij dat hij tijdens zijn bijna-doodervaring ‘feitelijk wetenschap bedreef, wetenschap die vertrouwde op het waarachtigste en geavanceerdste hulpmiddel voor wetenschappelijk onderzoek dat we bezitten: het bewustzijn zelf.’

Dat is revolutionaire taal.

Ik twijfel er niet aan dat ze nauwelijks enig verschil zal maken in het gigantische machtsbastion van de moderne materialistische wetenschap.
Maar voor mensen die met lede ogen kijken naar die nietsontziende machtsontplooiing, is het beslist een opsteker.
Want Dr. Eben Alexander is geen alternatieveling die machteloos zijn vuist zwaait naar de oninneembare vesting van de moderne wetenschap. Hij is een vooraanstand bewoner van die vesting, een wetenschapper in hart en nieren.

Als antroposoof heb je zo’n opsteker niet echt nodig.
Rudolf Steiner is wetenschappelijk en overtuigend genoeg.
Maar het blijft merkwaardig om een verstokte materialist in 7 dagen te zien veranderen in een … antroposoof.
Want in wezen zegt Eben Alexander precies hetzelfde als Rudolf Steiner: dat de wetenschap haar domein moet uitbreiden van de fysieke wereld tot de wereld van het bewustzijn.

En dat bewustzijn is geenszins een product van de fysieke wereld ( in casu de hersenen).
Het is net omgekeerd.
Het bewustzijn is de basis van alles.
Het is veel reëler dan het fysieke bestaan.

‘Wat ik had ervaren was echter dan het huis waarin ik woonde, echter dan de brandende blokken hout in de open haard.’
‘Ik ben daar het levende bewijs van’, schrijft Eben Alexander tot slot van zijn boek dat in het Engels ‘Proof of Heaven’ heet.

We staan inderdaad aan de drempel van een tijdperk waarin het bestaan van de hemel, en alles wat hij bevat, wetenschappelijk zal bewezen worden.
En die bewijzen zullen geen abstracte formules zijn, maar levende mensen.

Zover zijn we echter nog niet.
Er zullen nog veel bijna-doodervaringen nodig zijn om de mensheid over de drempel te helpen.
Waarschijnlijk zal het leven in de nabije toekomst één grote bijna-doodervaring worden.
Als niks meer helpt om ons zieke, aan het materialisme lijdende bewustzijn te genezen, dan moeten de paardemiddelen uit de kast worden gehaald.

‘Na dit leven’ is een buitengewoon dramatisch boek.
De keurige dr. Alexander, een schoolvoorbeeld van de geslaagde Amerikaan, wordt met een enorme uppercut KO geslagen. Zeven dagen lang ligt hij meer dood dan levend in zijn bed.
Maar daarna verrijst hij op wonderbaarlijke wijze ‘uit de doden’, levender dan ooit.
Dat is het eerste wat zijn zoon opmerkt: zijn vader is ‘aanweziger’ dan ooit tevoren.

Eben Alexander is flink op weg om wereldberoemd te worden.
Direct na verschijnen (in 2012) kwam zijn boek binnen op de eerste plaats van The New York Times-bestsellerlijst.
Het wordt nu uitgegeven in meer dan 30 landen.
En, niet te vergeten, prof. Alexander maakte zijn opwachting in Oprahs Super Soul Sunday!

Ik wil tot slot nog iets kwijt over de stijl van dit boek.
Le style, c’est l’homme.
Ik heb heel erg genoten van de jongensachtig-mannelijke geest die dit boek uitademt.
Het is Amerika op zijn best: nuchter, no nonsense en heel open.
Ik was dan ook bijzonder gecharmeerd door de volgende paragraaf:

‘Humor. Ironie. Pathos. Ik heb altijd gedacht dat wij mensen deze eigenschappen ontwikkelden om te kunnen omgaan met deze vaak zo pijnlijke en oneerlijke wereld.
En dat is ook zo.
Maar naast het feit dat ze vertroosting bieden, zijn deze kwaliteiten een erkenning – kort, flitsend, maar o zo belangrijk – van het feit dat welke worstelingen en welk lijden we in deze wereld ook ondervinden, ze waarlijk de grotere, eeuwigdurende wezens die we in werkelijkheid zijn, niet kunnen raken.
Lachen en ironie zijn in wezen herinneringen aan het feit dat we geen gevangenen zijn in deze wereld, maar passanten.’

Zo hoort u het ook eens van een ander.

En dat die ander een Amerikaan is, een inwoner van het land dat bevolkt wordt door superwezens, dat moet u er maar bijnemen.
Je vraagt je af waarom Alexander een bijna-doodervaring moest hebben als hij bij zijn leven al omringd was door louter engelen, door mensen die prachtig, liefdevol, gezegend, kundig, buitengewoon, door God gezonden, ongeëvenaard, fantastisch, gepassioneerd, enthousiast, briljant, wonderbaarlijk, zeer belangrijk, gevoelvol en moedig zijn.
Want zo omschrijft hij in zijn Dankwoord zijn familieleden, vrienden en kennissen.

Tja, nobody is perfect.
Zelfs een Amerikaan na een BDE niet.

20130709-114328.jpg

En wat zeggen de sceptici over Eben Alexander?

Onder andere dit (let op de wetenschappelijke toon):

How could a doctor of the brain make this statement? His Neocortex was not working. How could he say his brain was dead? Simple. He is a silly, superstitious man, who had a good dream and now is making money off of it. The reality is that science saved him. Medicines that were not available 20 years ago, saved his life. How does he repay this kindness? He feeds the extremist Christians with a load of crap that they are feeding to their children.

Superstitions are dangerous. They are the basis for prejudice, violence and wars. Dr. Alexander is fueling this fire with his book and false claims. Congratulations on your Newsweek cover story. You have no idea of the damage you have done.

The medical and educational communities should shun him for his inappropriate leveraging of his title to sell a book of fairy tales and lies.

Advertenties