Simon & Garfunkel

door lievendebrouwere

Toen we dinsdag van Mechelen terugkeerden en van op de autostrade de zon in roze en rood zagen ondergaan, klonk in de auto de muziek van Simon & Garfunkel.
Geen idee waarom ik precies die cd had meegenomen (ik luister nooit naar de radio) maar de muziek paste perfect bij die betoverende zomeravond.
Daarom heb ik gisteren nog eens gekeken naar de dvd van hun optreden in Central Park in 1981.

20130829-120946.jpg

Opnieuw trof het me dat deze onsterfelijke muziek zo goed past bij deze tijd van het jaar.
Het legendarische concert in Central Park – meer dan 500.000 mensen woonden het bij – vond trouwens plaats op 19 september.
Het baadde helemaal in de Maagd-sfeer.

Om te beginnen de plaats.
Central Park is een immens park in het hartje van Manhattan.
Een oase van groen te midden van een stenen woestijn.
Een stuk ‘maagdelijke’ natuur op wat zowat de dichtst bebouwde plek ter wereld moet zijn.
Het park is nochtans aangelegd.
Het is mensenwerk.
Het is dus geenszins woeste natuur.
Wel integendeel.

Central Park is een zinnebeeld van wat de natuur vandaag geworden is:
een plek die zorgvuldig behoed moet worden tegen het geweld van de overal oprukkende ‘cultuur’.
Want Central Park mag er tegenwoordig dan wel keurig en veilig bijliggen, het was ooit anders.

20130829-123228.jpg

Ik kan me levendig voorstellen hoe belangrijk dit park moet zijn voor de New Yorkers, die opgesloten zitten tussen beton en staal en eindeloze drukte.
Central Park moet voor hen als een baarmoeder zijn waar ze nieuwe levenskarachten kunnen opdoen, waar ze zich kunnen onttrekken aan het geweld van de wereld waarin ze leven.
En er ís veel geweld in Amerika.

Toen ik gisteren zat te kijken naar dat hartverwarmende concert – een half miljoen jonge mensen die in een park, op een stille septemberavond, luisteren naar twee andere jonge mensen die samen zingen – moest ik onwillekeurig denken aan die andere zo jong en onschuldig uitziende Amerikaan, president Obama, houder van de Nobelprijs voor de Vrede, die op het punt staat zich in een zoveelste uitzichtloze oorlog te storten.

De twee gezichten van Amerika: scheppend en vernietigend.
De twee gezichten van de moderne wereld.

Het concert in Central Park staat bekend als een van de grootste uit de muziekgeschiedenis.
Dat wil wat zeggen, in een tijd die aan de lopende band muziekfestivals organiseert.
En niet alleen worden die festivals steeds massaler, ze worden ook steeds luider.
Jonge mensen moeten oordopjes meenemen om niet doof terug naar huis te keren.
Op de een of andere manier gaat er een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit van al dat auditieve geweld.
Ik heb sowieso een ontzettende hekel aan electronisch lawaai, maar als ik soms een glimp opvang van de ‘muziek’ die op de hedendaagse festivals gespeeld wordt, kan ik me niet van de indruk ontdoen dat het in de eerste plaats gaat om: zoveel mogelijk lawaai maken.
Alsof de moderne mens zijn meest barbaarse instincten wil ontketenen.
Alsof hij alleen op die manier nog iets kan beleven.

Wat een enorm verschil met twee ‘maagdelijk’ uitziende schooljongens (in werkelijkheid waren ze 40 jaar oud) die samen tere, poëtisch liedjes zingen!
En daarmee 500.000 jonge mensen op de been krijgen!
Dat kan ik me vandaag niet meer voorstellen.

Als ik luister naar de muziek waarmee ik ben opgegroeid, de muziek uit de jaren ’60, dan hoor ik daarin een naïeviteit en een ‘maagdelijkheid’ die vandaag verdwenen is.
Het was de tijd van de flower power, van love & peace, van de hippies, van de lange haren.

20130829-130139.jpg

Ik heb daar zelf nooit echt aan meegedaan – afgezien van het lange haar natuurlijk – maar ik denk er toch met vertedering aan terug: hoe onschuldig was het allemaal niet!
Het had iets van een nieuw begin, een nieuw leven.
Bloemen in plaats van stenen en beton.
Make Love not War.
Het was een tijd van verliefdheid op een ideaal, op een onzichtbare nieuwe mens die geboren zou worden.
Van dat verliefde idealisme blijft vandaag niets meer over.
De realiteit heeft de dromen ingehaald.
Jonge mensen spreken vandaag niet meer over liefde en vrede en be sure to wear some flowers in your hair.
Ze spreken over winners en losers.
Ze spreken over de keiharde struggle for life.
En ze kijken meewarig, om niet te zeggen vol afkeer, naar hun ouders, naar de generatie van mei ’68 die toen zo kinderachtig deed en vandaag zo cynisch is geworden.

Ik kan ze geen ongelijk geven.
Het maagdelijke idealisme van toen en het cynische geweld van nu zijn twee kanten van dezelfde medaille.
En die twee kanten bestonden toen al.
De studenten van mei ’68 riepen: de verbeelding aan de macht!
Maar tezelfdertijd klommen ze op de barricaden en voerden oorlog in de straten.
Die kern van geweld heeft zich ontwikkeld en haar love & peace uiterlijk afgeworpen.
Alhoewel.
Is Barack Obama geen Nobelprijswinnaar?
Ziet hij er niet jongensachtig onschuldig uit?
En roept ook de jongensachtige, en ooit zo idealistische, Guy Verhofstadt vandaag niet op tot oorlog?

Waar komt al die bloeddorstigheid toch vandaan?
Waarom hebben die geweldenaars vaak zo’n onschuldig, jongensachtig gezicht?

20130829-132531.jpg

Ik denk dat al die vernietigingskrachten niets anders zijn dan gefnuikte scheppingskrachten.
De mens is een scheppende geest, en dat is hij vandaag meer dan ooit.
Maar die geest is ingesloten door een muur van harde materie waar hij niks kan mee aanvangen.
En dus moet hij die muur eerst afbreken.
Hij moet de materie eerst kneedbaar maken, zoals een beeldhouwer die wil boetseren.
Hij moet eerst chaos creëren, wil hij een nieuwe orde kunnen scheppen.

Dat is ook wat gebeurt als een maagd bevrucht wordt.
In haar bevruchte eicel ontstaat een totale chaos die nergens anders in de natuur voorkomt.
En die chaos kan een menselijke geest aangrijpen om zichzelf een lichaam maken waarmee hij scheppend kan optreden in de wereld van de materie.
Maar die chaos wordt gecreëerd in de veilig afgeschermde omgeving van de baarmoeder.
En pas als ze overwonnen is en tot een nieuwe orde – het kind – is gemaakt, wordt de grens overschreden.

Ik maak me sterk dat het geweld dat de wereld vandaag overspoelt, niets anders is dan een buitenbaarmoederlijke zwangerschap, een scheppingsproces dat buiten de baarmoeder plaatsvindt.

Onze wereld heeft nood aan ‘baarmoeders’, aan Maagdelijke krachten die veilige plekken creëren waar in alle rust en afzondering chaos kan gecreëerd worden en waar het nieuwe de kans krijgt om zich ongestoord te ontwikkelen.
Het resultaat van dergelijke ‘maagdelijke krachten’ zag ik tijdens dat concert in Central Park.
Ik zag twee ‘maagdelijke’ jongens die in een idyllische omgeving tere liedjes zongen en die geen geweld nodig hadden om een mensenzee geestdriftig te maken.
Hoe etherisch klonken hun liedjes bij momenten niet!
Met hoe weinig wisten ze dat enorme publiek in de ban te houden!
Het had bij momenten iets onwaarschijnlijks.
En dat was het in wezen ook.

Simon en Garfunkel zijn hun carrière in 1965 begonnen.
In 1970 gingen ze uit elkaar.
In die vijf jaar zijn al hun onsterfelijke liedjes ontstaan.
Daarna was het afgelopen.
Ze hebben elk hun carrière afzonderlijk voortgezet, maar ‘het’ was er niet meer.
Alleen toen ze nog bij elkaar waren, stroomde de inspiratie.
Paul Simon was het scheppende genie van de twee.
Art Garfunkel was vooral een stem.
En toch kon Simon zonder Garfunkel niet meer scheppen, niet op dat zeldzaam hoge niveau.
Die vijf jaren waren een periode geweest van intense bevruchting en zwangerschap, een onwaarschijnlijke uitbarsting van scheppingskracht.

Tijdens dat legendarische concert was er een klein maar veelzeggend voorval.
Het concert vond plaats in 1981, elf jaar dus na de split.
Op een gegeven moment zingt Paul Simon solo een liedje dat hij pas geschreven heeft en voor de eerste keer laat horen.
Het lijkt nergens op.
Het is een pijnlijke bevestiging van het feit dat de inspiratie verdwenen is.
Het zegt ook iets over de spanningen tussen de twee, want ik kan me niet goed voorstellen dat Garfunkel gelukkig was met deze ‘valse noot’ tijdens een overigens fantastisch concert.
Maar uitgerekend tijdens dit vervelende en misplaatste nummer springt er een man op het podium die met geweld moet verwijderd worden.
Je ziet Simon verschrikt achteruit deinzen.
Maar hij is een professional en blijft gewoon voortzingen.
In zijn ogen is echter een blik verschenen die iets verraadt van de leegte die hij in zichzelf voelt.
Want hij is een lege baarmoeder geworden die niet langer bevrucht wordt, niet met het zaad dat zoveel onsterfelijke muziek heeft voortgebracht.
Hij is een … oude vrijster geworden.
Dat is het tragische besef dat even zichtbaar wordt in al die harmonie.

Het geeft aan het concert iets aangrijpends, en het vertelt ook wat een uitzonderlijke genade het was dat deze twee joodse jongens elkaar gevonden hebben, ook al duurde hun artistieke huwelijk slechts vijf jaar.

Het is alsof Art Garfunkel dat tot uitdrukking brengt in het liedje dat hij, alleen begeleid door de gitaar van Simon, zingt:

April come she will
When streams are ripe and swelled with rain;
May, she will stay,
Resting in my arms again

June, she´ll change her tune,
In restless walks she´ll prowl the night;
July, she will fly
And give no warning to her flight.

August, die she must,
The autumn winds blow chilly and cold;
September I´ll remember.
A love once new has now grown old.

Met die laatste regel wordt het hele concert samengevat.
En hij drukt ook iets uit van het maagdelijke karakter van september.
In April is de liefde nog nieuw en vurig.
In Augustus sterft ze.
En in september is er alleen nog de herinnering,
zacht en teer.

Het is ontroerend om met dat beeld in gedachten te kijken naar de blikken die Simon en Garfunkel uitwisselen. Het zijn liefdevolle blikken, maar ze zijn gevuld met het besef dat ‘het’ voorbij is, dat de baarmoeder leeg is, dat het lange wachten begonnen is.

20130829-141129.jpg

Advertenties