Oud en nieuw

door lievendebrouwere

Zo. Het is achter de rug!
De drempel van het nieuwe jaar is overschreden.
Moge de rust weerkeren, na het geknal, geknetter en gevuurwerk van vannacht.
De dag begon alvast met dezelfde blakende zon van kerstochtend, maar gedempter.
Algauw werd ze in nevelen gehuld, om later op de dag weer tevoorschijn te komen.
Maar wat een zuiver licht goot ze over de blote aarde!
Hoe fris en helder was het buiten!
Het was een belevenis om ’s morgens een wandeling te maken, terwijl de mensheid nog z’n roes lag uit te slapen.
In een enkel huis zaten kinderen al naar televisie te kijken, maar verder was er geen leven te bespeuren.

20140101-191914.jpg

De zon was als een kind dat pas komt kijken in een wereld die nog kil en kaal en levenloos is.
Het straalt omdat het niet anders kan – het kinderwezen is nu eenmaal zonnig – maar algauw verdwijnt het weer in nevels van droom en slaap.
Het is een heel bijzonder licht dat deze nieuwe zon over de aarde werpt.
Vrolijk kun je het niet noemen, daarvoor zit er te weinig beweging in.
Het is een heel rustig licht, dat heel dicht bij zichzelf blijft, maar de wereld toch laat meegenieten van zijn kinderlijke zuiverheid en onschuld.
Je kunt niet zeggen dat de wereld er als nieuw uitziet, want hij oogt juist heel oud, met zijn stramme bomen en roestige kleuren. Maar het licht dat op die oude wereld valt, is gloednieuw, alsof het net uit zijn verpakking is gehaald.
Een kadootje aan de wereld!

Louter fysiek gezien, is er waarschijnlijk nauwelijks verschil tussen deze nieuwjaarszon en de zon van een paar weken geleden.
Ze staat nog niet vroeger op, ze klimt nog niet hoger aan de hemel en ze slaagt er evenmin in om de aarde te verwarmen.
Maar wanneer ik die twee zonnen, of beter misschien: het licht dat ze op de wereld werpen, met elkaar vergelijk, dan kan ik alleen maar zeggen dat het twee heel verschillende zonnen zijn: een oude zon en een nieuwe zon.
Zo dicht bij elkaar en toch zo verschillend.
De oude zon is ondergegaan en de nieuwe zon is opgekomen.
Als ik aan die oude zon terugdenk, dan is het alsof ze dicht bij de aarde was gekomen en haar licht er overheen scheerde.
Maar het licht van de nieuwe zon scheert niet over de aarde.
Het vleit er zich als het ware op neer, zoals een kind zich vol aanhankelijkheid tegen je aan kan komen vleien.
Het is een teer licht, dit nieuwjaarslicht, maar het weet wat het wil.
Net als een kind, is het veel krachtiger dan je zou denken.

20140101-200345.jpg

Zoals ik al zei, vrolijk en opgewekt kun je het niet noemen, hoewel het die kwaliteiten wel in zich draagt. Maar ze worden nog in toom gehouden door de kinderlijke ernst. En kinderen kunnen heel ernstig zijn.
Als ik soms gekheid uithaal met Anna, zijn er momenten dat ze opeens tegen me zegt: zachtjes, zachtjes! Dan is het alsof de rollen worden omgedraaid en zij een wijze, bedaagde volwassene is en ik een onstuimig kind.
Nee, een kind kan verrassend ernstig zijn.

Ik herinner me nog een klein voorval, een Anneke Dote zeggen we hier sinds vanmorgen.
Ik was een winterse wandeling aan het maken.
Je moest werkelijk goed ingepakt zijn want de vrieskou beet in alles wat niet bedekt was.
Op een gegeven moment kwam ik een grootmoeder tegen die haar kleinkind in een buggy voor zich uitduwde. Het was een klein ukje van een jaar of twee schat ik, en het was zodanig ingepakt dat het wel een klein mummietje leek. Het kon geen vin verroeren.
Ik moest onwillekeurig lachen, want het was een vermakelijk tafereel.
En terwijl ik lachend naar dat kind keek, verscheen op zijn gezichtje een glimlach waaruit een bewustzijn sprak dat véél groter was dan dat kind.
Zijn ogen zeiden: ja, ik weet het, het is inderdaad om te lachen zoals ik er hier bij lig, maar ja – wat doe je eraan!
In die ene blik vol verstandhouding lag zoveel begrip dat ik opeens besefte dat het lichaam van een kind wel klein is, maar dat er een oude, wijze geest kan in schuilen.
En die geest komt tevoorschijn als in de volwassen mens het kind tevoorschijn komt.
Die twee herkennen en begrijpen elkaar: de oude man in het kind, en het kind in de oude man.
Ik heb zelden zo’n zuiver moment van wederzijds begrip meegemaakt als toen tussen mij en dat ingepakte kind.

20140101-201027.jpg

Ik moet onwillekeurig denken aan de relatie tussen beide Jezuskinderen.
Wat er tussen die twee gebeurde, was waarschijnlijk iets gelijkaardigs: de oudste – de ondergaande zon van de oude wereld – werd weer kind en daardoor werd in de jongste – de rijzende zon van de nieuwe wereld – de wijze man wakker.
Alleen gebeurde het niet bij wijze van spreken, zoals tussen mij en dat mummie-kindje, het gebeurde letterlijk: het Ik van de oudere Jezus ging over in de jongere Jezus en ontwaakte daar in een nieuwe vorm.
Kort daarop stierf de oudere Jezus, maar de quintessens van zijn wijsheid, de wijsheid van het verleden, leefde voort in de jongere Jezus.

Datzelfde gebeuren meen ik waar te nemen tussen kerstmis en nieuwjaar.
Met kerstmis wordt het nieuwe kind geboren.
Een week later sterft het oude jaar, maar de dag daarop verrijst het in een geheel nieuwe gedaante als de nieuwjaarszon. Die nieuwjaarszon is dezelfde als de kerstzon, maar gedempter en meer op maat van de mensenwereld dan die oogverblindende zon van kerstochtend.
In het licht dat ik vandaag op de wereld zag schijnen, lag zowel de kracht en helderheid van de jeugd als het begrip en de mildheid van ouderdom.

Je kunt het nieuwe maar karakteriseren wanneer je het in het licht van het oude plaatst, net zoals je het oude pas echt naar waarde kunt schatten als het er niet meer is.
In de 12 heilige nachten tussen kerstmis en driekoningen ontmoeten oud en nieuw elkaar en maken ze elkaar als het ware zichtbaar.
Hun relatie is heel complex en paradoxaal.
In december, de laatste maand van het oude jaar, is alles gericht op het nieuwe, op de toekomst. Dat herken je ook in de Boogschutter, die zijn pijlen op verre doelen schiet.
Januari echter, de eerste maand van het nieuwe jaar, valt onder de Steenbok, het meest behoudende en op het verleden gerichte teken van de hele zodiak.
Beide tekens staan voor wijsheid en inzicht: het zijn ‘filosofische’ tekens.
In Boogschutter is die wijsheid nog levend, groots en kosmisch.
In Steenbok is ze veel aardser, doodser en concreter geworden.
Ze is als het ware gestorven en tot starre materie geworden.
Maar ze is tevens geïncarneerd in het kind, dat geboren is in een grot.
En die grot is Saturnus, de sombere, de donkere, de harde.
Het is de zwarte, kale, troosteloze aarde in januari.

20140101-201303.jpg

Het geheim van de aardse Steenbok, is het kind dat diep verborgen in zijn schoot leeft, als een baby die in zijn wieg ligt te slapen.
Af en toe opent het de ogen, en dan wordt de dodelijke grauwheid van januari doorbroken met dagen of momenten dat het wel lente lijkt.
Maar dan sluimert het kind weer in en blijft de aarde schijnbaar doods achter.
Zowel Boogschutter als Steenbok zijn sterke tekens, die hun kracht ontlenen aan het kind dat geboren wordt op de grens tussen beide.
Boogschutter zoekt het kind, gaat op reis naar het kind, is als in een rechte lijn gericht op het kind. Daarom kan dit teken model staan voor de oude zielen, de Christuszoekers.
Steenbok daarentegen zoekt het kind niet, hij draagt het in zich en laat zijn leven erdoor bepalen, als een ouder die zich bewust is van zijn plicht en verantwoordelijkheid. Daarom kan dit teken model staan voor de jonge zielen, de Michaëldienaars.
De eersten leven in verwachting van het kind, met hun ogen gericht op de hemel, waar het vandaan komt.
De laatsten leven in verantwoordelijkheid voor het kind, met hun ogen op de aarde gericht, waar het nu leeft.

In de week voor en na kerstmis gaat het om hun beider relatie tot Christus.
Ze staan als het ware voor en achter het kind.
De oude zielen laten zich leiden door het licht van het kind en hopen het zo te vinden.
De jonge zielen laten zich voortstuwen door de kracht van het kind, maar ze zien het niet.
In de week voor en na nieuwjaar daarentegen gaat het om de relatie tussen hen beiden.
In de laatste week van het oude jaar brengt het kind hen samen.
En met nieuwjaar culmineert dat in hun eenwording.

20140101-201438.jpg

Voor zover ik het zie en aflees aan de natuur in deze tijd van het jaar, vieren we met Nieuwjaar eigenlijk het mysterieuze gebeuren in de tempel, als de oudere en jongere Jezus één worden.
Vanaf dat moment wordt alles anders.
De ouders van de solomonische Jezus verliezen hun kind.
De ouders van de nathanische Jezus herkennen hun kind niet meer.
En de joden verliezen het spoor van de Messias.
Ze zoeken hem namelijk in de solomonische Jezus, maar die kwijnt weg en sterft.
En de stap van koning naar herder kunnen ze niet zetten.
Daarmee spiegelen zij de moderne mens, die vandaag voor precies hetzelfde probleem staat: hij kan – om een zichtbaar aspect van dit ‘drempelprobleem’ te noemen – de stap van monarchie naar democratie niet zetten.

Tweeduizend jaar geleden vond het Kosmische Kerstmis plaats: Christus werd op aarde geboren.
Vandaag vindt het Kosmische Nieuwjaar plaats: de oude en de jonge zielen moeten één worden.
De hele wereld is vandaag een ‘tempel’ geworden, waar de drempeloverschrijding van de mensheid plaatsvindt.

Het grote verschil tussen deze twee keerpunten is dat het eerste door Christus tot stand werd gebracht, maar dat het tweede door de mens moet worden bewerkstelligd.
Dat kunnen we aflezen aan de manier waarop we kerstmis en nieuwjaar vieren.
Kerstmis is een religieus feest dat in familieverband wordt gevierd en dat, ondanks alles, nog een traditioneel karakter heeft.
Nieuwjaar daarentegen is een zeer werelds feest dat voornamelijk onder vrienden wordt gevierd en dat volkomen vrij wordt ingevuld.
Al dat vuurwerk dat tegenwoordig wordt afgestoken, is een zeer recent verschijnsel.
Het is een beeld van het enthousiasme dat jonge zielen eigen is.
Het is ook een gebeuren dat buiten plaatsvindt en niet zonder risico is.
Kerstmis daarentegen is een uitgesproken ‘binnenfeest’, letterlijk en figuurlijk.
Het wordt veel rustiger en ingetogener gevierd.
Natuurlijk zijn beide feesten ten prooi gevallen aan het materialisme, maar zowel in het in ere houden van de kersttraditie als in het vuurwerk met nieuwjaar zien we oude én jonge zielen uitdrukking geven aan hun (onbewuste) streven naar iets ‘hogers’.

20140101-201614.jpg

Het moderne kerstmis staat in het teken van de traditie, het verleden en de oude verbanden.
Het moderne nieuwjaar staat in het teken van de vrijheid, de toekomst en de broederlijkheid.
En allebei zijn ze nodig om het kind-in-de-mens wakker te maken en op te voeden.
Christus zegt op 25 december: zie, ik maak alles nieuw!
Op 1 januari zegt hij: als jullie dat tenminste willen.

En zo begint een nieuw jaar voor alle mensen van goede wil.

20140101-202041.jpg