De vrouw die de honden eten gaf

door lievendebrouwere

20140123-163033.jpg

Dit is Kristien Hemmerechts, de bekendste Vlaamse schrijfster.
Ze was al een tijdje uit het nieuws, maar nu is ze er weer in.
Ze heeft namelijk een nieuw boek geschreven waarover in Vlaanderen nogal wat ophef is ontstaan.
‘De vrouw die de honden eten gaf’ gaat namelijk over Michelle Martin, de onlangs uit de gevangenis ontslagen vrouw van Dutroux.
Over die vrijlating was ook heel wat ophef ontstaan, en Kristien Hemmerechts, nooit te beroerd om de goegemeente te choqueren, heeft die ophef geprolongeerd.
Daarover toont ze zich heel verbaasd.
Ze begrijpt het niet: het boek is nog niet verschenen en het wordt al veroordeeld!

In het West-Vlaams noemen we zo iemand een ‘totentrekker’.
(Voor de anderssprekenden: een ‘tote’ is een gezicht)
Kristien Hemmerechts hangt de vermoorde onschuld uit, terwijl ze heel goed weet wat ze doet. Of niet soms?

Wel, ik denk dat het allebei is.

20140123-163100.jpg

Kijkt u eens naar de omslag van haar boek.
Mij maak je niet wijs dat Hemmerechts er niet op uit is om ophef te maken. Daarom geeft ze ook interviews aan kranten, tijdschriften, radio en tv. Er is geen betere promotie voor een boek dan een flink schandaal. En ze heeft de centen zeker nodig, want een huis op de Cogels-Osylei onderhouden: dat kost geld. Nee nee, la Hemmerechts is een gehaaide tante die de media weet te bespelen als geen, dat lijdt geen twijfel.

Maar hoe valt die doortraptheid te rijmen met haar ‘onschuld’, met de verbazing over de ophef die haar boek veroorzaakt?

Ik denk dat we hier te maken hebben met de typische gespletenheid van het moderne bewustzijn dat enerzijds onschuldig, naïef en wereldvreemd is en anderzijds geslepen, berekenend en keihard.
Tussen die twee ‘bewustzijnen’ is geen contact: de linkerhand weet niet wat de rechter doet.
In het centrum van het moderne bewustzijn heerst dus … bewusteloosheid.
De moderne mens is zich helemaal niet bewust van zijn verregaande gespletenheid.
Neem nu het prototype van dit ‘bewusteloze bewustzijn’: de politiek correcte mens.
Hij gaat vreselijk tekeer tegen zijn onverdraagzame medemensen, maar heeft geen idee van zijn eigen onverdraagzaamheid.
Als men hem daarop wijst, ontploft hij zowat, want hij waant zich juist een stuk bewuster dan anderen.
De ‘bewusteloosheid’ in de kern van de politiek correcte geest is dus niet zomaar een afwezigheid van bewustzijn, het is de aanwezigheid van een ánder bewustzijn, een bewustzijn dat niet gekend wil worden.

20140123-163333.jpg

Ik herinner mij nog een tv-gesprek tussen Kristien Hemmerechts en Marion van San.
Marion van San was de sociologe die in opdracht van de Vlaamse overheid onderzoek had gedaan naar de relatie tussen allochtonen en criminaliteit. Haar conclusies waren echter niet politiek correct (er bleek wel degelijk een verband tussen etniciteit en criminaliteit te bestaan) en dus werd het onderzoek onder de mat geveegd en Marion van San door het slijk gehaald.
Kristien Hemmerechts is zowat de meest politiek correcte aller Vlaamse schrijvers, dus een gesprek tussen die twee beloofde vuurwerk.
En dat kwam er ook.
Op een gegeven moment werd Van San de linkse theorieën en ‘sociale bewogenheid’ van la Hemmerechts beu en zei: denkt u misschien dat ik niet weet waar u woont?
Het was een verwijzing naar de alombekende Cogels-Osylei in Berchem, waar de huizen als kastelen zijn.
Dat schot trof Hemmerechts pal in haar ‘bewusteloosheid’ en wat daar toen uit opsteeg was pure haat, moordlustige haat.
Marion van San had de vinger op de wonde gelegd en die wonde was de actieve bewusteloosheid in het centrum van het moderne bewustzijn, een bewusteloosheid die veroorzaakt wordt door een van haat vervulde geest die zich slechts toont als men hem in het nauw drijft.

Het is geen wonder dat Kristien Hemmerechts ter hulp geschoten wordt door schrijvende collega’s, of beter: door de bedrieglijke bewusteloosheid die ze in zich dragen.
Zo las ik in de krant van 21 januari een opiniestuk van Ivo Victoria, die ik een tijdje geleden al eens ter sprake bracht en die de kunst verstaat om over anderen te schrijven en tegelijk reclame te maken voor zichzelf (er verschijnt binnenkort een nieuw boek van hem).
Hij vertrekt van de vaststelling dat het boek van Hemmerechts in Nederland heel goed ontvangen wordt terwijl in Vlaanderen alles draait om de relatie tussen fictie en werkelijkheid.
Die twee moeten volgens hem gescheiden worden.

20140123-163925.jpg

‘De mediaheisa in Vlaanderen hoort niet thuis in de recensie van een roman.
Hoé de schrijver de werkelijkheid heeft verwerkt en ge-roman-tiseerd, is in wezen irrelevant. Het gaat om het eindresultaat.
Ah, de wonderlijke wisselwerking tussen feit en fictie – het blijft voor velen een lastige zaak. Vooral wanneer die fictie gebaseerd is op een werkelijkheid die ons niet zint. Misschien moet onze moeizame verhouding tot die ongemakkelijke werkelijkheid de ware inzet van het debat op televisie, radio en opiniepagina’s zijn, in de hoop dat België ooit ‘uitbehandeld’ raakt van zijn post-traumatische Dutroux-stoornis. Ondertussen kunnen literaire recensenten zich dan in alle rust en sereniteit over de kwaliteiten en gebreken van de roman buigen, in plaats van hem aan de werkelijkheid af te meten en hem daarop te be- en veroordelen.’

Kijk, dat vind ik nu eens een verhelderend stukje proza, even verhelderend als dat gesprek tussen Marion van San en Kristien Hemmerechts. Want hier spreekt de geest die zich verbergt in de kern van het moderne bewustzijn en die vooral zeer actief is in schrijvers en intellectuelen. Het is niet Ivo Victoria die dit stukje geschreven heeft, hij heeft er zich alleen toe geleend. Dat zou hij nooit gedaan hebben als hij had beseft dat dit opinieartikel niet over de heisa in Vlaanderen gaat, maar over hemzelf, over het schrijversgild.

Waarom is er in Vlaanderen zoveel heisa ontstaan over een boek dat nog niemand gelezen heeft? Omdat het ‘gestoorde’ Vlaamse publiek geen onderscheid weet te maken tussen fictie en werkelijkheid?
Ja, dat is wat de Hemmerechtsen en Victoria’s graag willen geloven, want tegen die geestelijke duisternis schittert hun ster natuurlijk des te feller.
De waarheid is echter dat het Vlaamse publiek het zat is om door zijn schrijvers en intellectuelen steeds weer afgeschilderd te worden als een verzameling achterlijke gestoorden.
Het heeft geen heisa gemaakt over het boek van Kristien Hemmerechts, het heeft heisa gemaakt over Kristien Hemmerechts zelf, over haar gestoorde relatie met de werkelijkheid, over haar wereldvreemdheid, over haar hautaine gedrag tegenover het Vlaamse publiek.

20140123-164229.jpg

Dat publiek heeft de schaamteloosheid aangeklaagd waarmee Hemmerechts de heisa over Michelle Martin uitbuit, de schijnheiligheid waarmee ze de vermoorde onschuld (sic) uithangt, het gebrek aan menselijkheid van haar en haar vakbroeders.
Daar ging het om, niet om dat ene boek.

Het Vlaamse publiek is niet al te wakker, maar het voelt wel aan door welke geest Hemmerechts geïnspireerd wordt en daarover toont het zich – terecht – verontwaardigd. Het voelt zich in de steek gelaten en verraden door zijn eigen intelligentsia.
Het kijkt met stijgende afkeer naar die verwaande klasse die steeds meer haar greep op de werkelijkheid verliest en de schuld daarvoor op het publiek afwentelt.
Het is het beu om voortdurend beschuldigd te worden door intellectuelen die niet in staat zijn om naar zichzelf te kijken.
Het wil niet langer als spiegel fungeren voor die ijdele troep.

Er gaapt een diepe kloof tussen de Vlamingen en hun intellectuelen.
Verre van hun volk te ‘verlichten’ hebben die intellectuelen zich tegen dat volk gekeerd. Ze worden het maar niet moe om dat volk te kakken te zetten, om het op alle mogelijke (geraffineerde) manieren door het slijk te sleuren, om er zich zoveel mogelijk van te distantiëren.
Het is alsof de Vlaamse intellectuelen niet meer tot hun volk willen behoren, alsof ze er zich helemaal willen van losmaken.

Ik heb ‘De vrouw die de honden eten gaf’ niet gelezen. Misschien is het wel een goed boek. Misschien helpt het om te begrijpen wat er gebeurd is. Misschien is het precies wat we nodig hebben om de Dutroux-affaire te verwerken. Dat is best mogelijk (al twijfel ik er sterk aan).
Maar het is gewoon te ver gekomen.
Men is het arrogante gedrag van de hele kunstwereld meer dan beu.
Het nieuwe boek van Hemmerechts is niets anders dan een druppel die de emmer doet overlopen.

20140123-165113.jpg

In dezelfde krant lees ik een stuk van een andere auteur, ene Christophe Van Gerrewey, die zijn beklag doet over de besparingen in de kunstsector.
Hij schrijft:
‘Daardoor ontstaat een vreselijke verschraling van de maatschappij. De culturele diversiteit verdwijnt en middelmaat wordt de norm – geen grijze middelmaat, maar felgekleurde, schreeuwerige, oogverblindende middelmaat, die de dag nadien als een kauwgombel open spat en meteen door nieuw geblaas wordt vervangen. Wat een minderheid van de bevolking doet en belangrijk vindt, wordt niet meer wenselijk geacht. Alleen de grote machinerieën blijven over. De machtigen beslissen wat mag en al de rest is pretentieuze, traditionele, moeilijke marginaliteit. Wie iets anders wil, mag opkrassen. Wie niet aansluit bij de culturele grondstroom, of wie er jong, intelligent en tegendraads bovenuit wil stijgen, die moet binnenkort op geen enkele steun meer rekenen, en mag assimileren of emigreren.’

Dit is opnieuw een verhelderend stukje proza, want opnieuw geschreven door de geest die zich verbergt in de kern van het moderne intellectuele bewustzijn. Dit is niet Christophe Van Gerrewey die schrijft, anders had hij wel geweten dat wat hij hier zegt in feite over hemzelf gaat, over de culturele wereld die hij verdedigt. Want dat is helemaal geen wereld die ‘tegendraads boven de culturele grondstroom uit wil stijgen’, het is die grondstroom zélf. Het is een wereld van ‘felgekleurde, schreeuwerige, oogverblindende middelmaat’, een ‘grote machinerie waar de machtigen beslissen’.

20140123-165257.jpg

Deze tekst is een voorbeeld van hoe de Verborgen Geest die de moderne intelligentsia bezielt te werk gaat: hij projecteert zichzelf naar buiten, op de wereld, op de anderen. En daar kijken de intellectuelen dan met afschuw naar, zonder te beseffen dat ze in een spiegel kijken.
Alles wat Christophe Van Gerrewey zegt, is waar. Het geldt echter niet zozeer de anderen, dan wel hemzelf en de culturele wereld die hij vertegenwoordigt. En in plaats dat het hem nederig maakt en tot nadenken stemt, spuwt hij zijn gal op de spiegel die weigert in te zien hoe belangrijk hij wel is.
De spiegel, dat wil zeggen: de gewone, niet-intellectuele wereld, kijkt verbaasd naar dit arrogante gedrag en denkt: het zal wel koelen zonder blazen.
Maar het koelt niet.
Er komt gewoon geen eind aan de niet aflatende stroom van beschuldigingen.
En de bevolking wordt dat langzaam moe.
Ze krijgt op haar beurt een diepe afkeer van de ‘culturele klasse’ wier voornaamste bezigheid erin lijkt te bestaan zich zo ver mogelijk te distantiëren van de lage driften die (volgens haar) onder de bevolking heersen.
En zo ontstaat de vicieuze cirkel waar de Onzichtbare Geest garen bij spint.
Hij deelt de bevolking in twee – in arbeiders en intellectuelen zeg maar – en zet ze tegen elkaar op. Hij creëert als het ware twee spiegels die elkaar tot in het oneindige weerkaatsen, lees beschuldigen.

Het getuigt niet alleen van een verregaande wereldvreemdheid dat Kristien Hemmerechts niet begrijpt waarom men zich in Vlaanderen zo druk maakt over haar boek, het getuigt ook van een verregaand gebrek aan zelfkennis. Ze is zich, net als haar vakbroeders, niet bewust van de kwaadaardige geest die in haar schuilt. Ze ziet hem overal, behalve bij zichzelf.

‘De vrouw die de honden eten gaf’ is een veelzeggende titel, want de hond is bij uitstek het symbool van Ahriman. En de vrouw die deze hond te eten geeft, is heus niet alleen Michelle Martin. Zou Kristien Hemmerechts haar boek werkelijk zo geschreven hebben: in het besef dat Michelle Martin ook in haarzelf zit? Zou zij begrepen hebben dat zij zelf een vrouw is die honden eten geeft?

Dát zou pas een gebeurtenis zijn in de Vlaamse Letteren!

20140123-165514.jpg