Fluiten in het donker

door lievendebrouwere

20140223-165642.jpg

In alle kranten en tijdschriften wordt dezer dagen gesproken over Michaël Borremans, van wie er momenteel een overzichtstentoonstelling loopt in het Brusselse BOZAR.
Borremans is een speciaal geval.
Hij is op en top een Hedendaags kunstenaar (anders zouden we nooit over hem gehoord hebben), maar hij schildert als … een oude, Vlaamse meester.
Hoe valt dat samen te rijmen?
Hedendaagse Kunst en klassieke kunst, zijn dat geen aartsvijanden?
Riep Jan Hoet dertig, veertig jaar geleden niet dat de schilderkunst dood was, dat geen enkele zichzelf respecterende kunstenaar nog schilderijen maakte?
En dan duikt daar opeens iemand op die schildert alsof hij rechtstreeks uit de 17de eeuw onze moderne tijd is binnengestapt en geen idee heeft dat men intussen heel anders schildert, ja dat men zelfs helemaal niet meer schildert, maar conserven op elkaar stapelt, varkens tatoeëert en drollen in plastic verpakt.

Het wordt nog vreemder als je leest dat de man niet eens schilder van opleiding is.
Hij is een graficus, een tekenaar dus.
Pas op z’n 35ste is hij beginnen schilderen en wel meteen op zo’n hoog niveau dat hij zijns gelijke niet kent.
Dat is niet vreemd meer, dat is verbijsterend.
Er bestaan in de beeldende kunst namelijk geen wonderkinderen zoals in de muziek.
Je hebt er te maken met heel concrete en weerbarstige materie en die krijg je zomaar niet in bedwang. Dat vergt een lange, moeizame scholingsweg. Afhankelijk van het talent gaat dat bij de één wat vlugger dan bij de ander, maar bij Borremans lijkt het meesterschap uit de hemel te zijn komen vallen.

Ik heb nu al een hele reeks interviews met de man gelezen, maar nergens wordt hem gevraagd naar deze twee toch wel zeer merkwaardige feiten.
Men doet alsof het allemaal vanzelf spreekt.
Maar het spreekt niet vanzelf.
Het is een mysterie.
Een driedubbel mysterie.

1. Hoe kan iemand zonder enige schilderopleiding zó meesterlijk schilderen?
2. Hoe kan een oude, Vlaamse meester een beroemd Hedendaags Kunstenaar worden?
3. Hoe is het mogelijk dat men zich die vragen niet eens stelt?

Goethe zei ooit dat we omringd zijn met mysteries, dat we temidden van mysteries leven.
Maar het grootste mysterie is misschien wel dat we vandaag geen enkel mysterie meer lijken te zien, ook het meest in het oog springende niet.
We stellen ons geen vragen bij een fenomeen als Michaël Borremans, of beter misschien: we stellen ons de verkeerde vragen.
We vragen bijvoorbeeld wel:
Waarom heeft die meneer zijn jas achterstevoren aan?
Waarom heeft die meneer een groene neus?
Waarom heeft die mevrouw haar hoofd in een pot chocola gestopt?
Waarom heeft dat meisje geen benen?
Waarom steekt die jongen twee stokken in zijn neus?
Enzovoort.
Dat zijn de vragen die Borremans wil dat we stellen.
En dan antwoordt hij: dat weet ik ook niet, dat is the black box, die beelden komen gewoon in me op.
Hij zegt ook dat zijn beelden geen eenduidige betekenis hebben, ja dat het eigenlijk geen zin heeft om naar zo’n betekenis te zoeken.
Dat is het typisch hedendaags-postmoderne adagium: het beeld heeft de betekenis die je eraan toekent. Anders gezegd: iedereen mag erin zien wat hij wil.
Nog anders gezegd: het doet er allemaal niet toe.
Borremans – en daarin is hij heel ‘hedendaags’ – roept dus vragen op waar geen antwoorden op zijn.

Maar dat is niet wat ik bedoel met een mysterie.
Een mysterie is geen vraag-zonder-antwoord.
Dat is een pseudo-mysterie.
Een echt mysterie heeft wel degelijk een antwoord, al kun je dat antwoord misschien niet verwoorden.
De twee vragen die ik hierboven opwierp zijn wél reëel, en er schuilt een hele wereld achter, maar blijkbaar verkiest de moderne mens nep-mysteries boven echte mysteries.
En dat geldt ook voor Borremans.
Hij beweert – zoals iedere Hedendaagse kunstenaar – dat hij alles in vraag wil stellen, dat hij mensen wil doen nadenken, dat hij een andere kijk op de dingen wil geven, maar dat is allemaal maar doen alsof.
Pseudo-mysteries creëren om de echte mysteries niet te hoeven zien.
Pseudo-vragen stellen om de echte vragen uit de weg te gaan.
Fluiten in het donker quoi.

20140223-181037.jpg

Advertenties