Van koeien en mensen

door lievendebrouwere

20140328-135948.jpg

In een reactie op een stuk van Chris Dusauchoit over het ‘euthanaseren’ van twee leeuwinnen in de zoo van Kopenhagen, schrijft Michel Vandenbosch, voorzitter van dierenrechtenorganisatie Gaia het volgende:

‘In de natuur gebeurt er van alles dat je niet in morele zin kan beoordelen. Als een leeuw een gazelle verscheurt, is de verleiding groot om de leeuw te veroordelen voor zoveel wreedheid. Maar die leeuw heeft geen keuze: hij kan niet anders dan jagen op prooidieren. Mensen daarentegen kunnen zich wel degelijk afvragen of hun handelingen ethisch door de beugel kunnen.’

Tot zover niks aan de hand.
Maar dan komt het.

‘Elke gedode leeuw was een voelend individu. Door ernaar te verwijzen als ‘exemplaren’, reduceert Dusauchoit die leeuwen tot voorwerpen. Voor de ethische dimensie van de leeuwen als moreel waardevolle individuen, heeft hij geen oog.’

Tot slot zegt hij nog:

‘Een dier uit een onwaardige situatie redden en het een kwaliteitsvoller leven gunnen, geeft blijk van empathische menselijkheid. Dat zijn morele reflexen en deugden die je niet genoeg kan versterken in onze samenleving.’

En hij besluit met:

‘En daaraan ontbreekt het helaas in de zoo van Kopenhagen en, in het geval van de dode leeuwen, ook bij Chris Dusauchoit.’

Dat je dieren niet moreel kunt beoordelen, is een waarheid als een koe.
Dat het getuigt van moraliteit om dieren goed te behandelen, is niet minder waar.
We kunnen het streven van Michel om dierenleed te verminderen dus alleen maar toejuichen.
Maar de manier waarop hij dat doet, is een heel ander paar mouwen.
Hij komt namelijk voor de dieren op door ze gelijk te schakelen met mensen.
Hij noemt de leeuw een ‘individu’.

Michel spreekt daarmee zichzelf tegen, want kort tevoren had hij nog gezegd dat je dieren niet moreel kunt beoordelen en mensen wel.
Hij maakt dus enerzijds een scherp onderscheid tussen mens en dier: een dier kan alleen maar doen wat zijn natuur hem ingeeft, terwijl een mens morele keuzes kan maken.
Vandenbosch veroordeelt dan ook heel scherp de zoo van Kopenhagen én Chris Dusauchoit: hij verwijt ze allebei een gebrek aan moraliteit en menselijkheid.
Anderzijds schakelt hij mens en dier echter gelijk: het zijn allebei ‘individuen’ en ‘het resultaat van miljoenen jaren van natuurlijke evolutie’.

Zijn reactie leest dan ook als een hoop onsamenhangende kolder.
Ach ja, denk je, ’t is weer Michel Vandenbosch!
Maar is zijn manier van ‘denken’ wel zo verschillend van de mainstream?
Hamert de moderne evolutietheorie er niet al tientallen jaren op dat mens niet meer is dan een dier?
Wordt er niet naar gestreefd om dieren dezelfde rechten toe te kennen als mensen?
En is dat niet de onvermijdelijke, logische consequentie van het Darwinistische mensbeeld?

20140328-163816.jpg

Ik twijfel er niet aan dat Michel Vandebosch oprecht begaan is met de dieren.
Maar dat neemt niet weg dat hij probeert de levenskwaliteit van de dieren te bevorderen door die van de mens te verminderen.
Door dieren ‘individuen’ te noemen, haalt hij dat begrip naar beneden.
Hij maakt er eigenlijk een soortbegrip van.
En daarin blijkt hij dus zeer politiek correct te zijn.
Want de politieke correctheid ziet de mens in de eerste plaats als lid van een groep: het blanke ras, de moslimgemeenschap, de holebi’s, de personen-met-een-migratieachtergrond, de progressieven, de extreem-rechtsen, enzovoort.
Tegen die groeps-identiteiten moet de individuele mens het steeds weer afleggen.

De achterliggende gedachte is dat de mens een dier is, en dus tot een bepaalde soort behoort zoals bijvoorbeeld de leeuw, die niet anders kan dan op prooidieren jagen.
Eén van de gevolgen van die materialistische mensvisie is het ‘Marokkanenprobleem’.
Blijkbaar behoort het tot de (tijdens miljoenen jaren van natuurlijke evolutie ontwikkelde) genetische code van jonge Marokkanen dat ze zich gedragen als leeuwen: ze jagen in groep op prooidieren.
Aangezien bij blanken de materialistische overtuiging heerst (ongetwijfeld ook het resultaat van miljoenen jaren natuurlijke evolutie) dat mensen dieren zijn, worden de Marokkaanse jongeren niet moreel veroordeeld: ze kunnen namelijk niet anders, ze zijn zo geprogrammeerd.
We moeten begrip hebben voor hun ‘anders-zijn’, dat wil zeggen voor de soort waartoe ze behoren.
Dat zijn we moreel aan onszelf verplicht.

Maar hier komt de kink in de denkkabel: we reserveren onze materialistische mensvisie voor … de andere rassen. We passen ze niet op onszelf toe.
De Maghrebijnen, de Afrikanen, de Indianen, de Arabieren: dat zijn allemaal soortmensen, dierlijke rassen eigenlijk die we niet moreel kunnen beoordelen.
Ze handelen zoals het in hun natuur ligt.
Het blanke ras daarentegen is – in onze politiek correcte ogen – moreel verregaand superieur, want het bestaat uit individuen met een hoge morele standaard.
En dus moet het blanke ras moreel beoordeeld worden, zeer streng zelfs.

De algemene opvatting is bijvoorbeeld dat het blanke ras racistisch is.
Een blanke die een racismeklacht indient tegen een niet-blanke wordt door Jozef De Witte gewoon weggelachen, want iedereen weet: alleen blanken zijn racistisch.
Volgens het Darwinistische mensbeeld dat we zo ongeremd toepassen op andere rassen, zouden we nu moeten zeggen: die blanken kunnen daar niks aan doen, want ze zijn genetisch zo bepaald.
Zoals de Marokkanen zich als jagende leeuwen gedragen, zo gedragen de blanken zich als racisten.
Dat zou logisch en consequent materialistisch denken zijn.
Maar – en dat is het probleem – we zijn geen consequente materialisten.
We behandelen de blanken niet zoals de andere rassen, dat wil zeggen als een diersoort die doet wat ze niet laten kan.
Nee, we vellen een vernietigend moreel oordeel over de blanken: ze zijn racistisch, onverdraagzaam, haatdragend, xenofoob, verzuurd, en noem maar op.
Er is eigenlijk niks goed aan het blanke ras, en dat mag vreemd heten, want zijn de blanken dan geen dieren zoals de zwarten, de Marokkanen, de bosjesmannen enzovoort?
Blijkbaar niet.
Blijkbaar is het blanke ras verregaand superieur aan alle andere rassen, want terwijl het gedrag van deze laatsten steevast vergoeilijkt wordt, wordt het gedrag van de blanken zeer streng veroordeeld.

20140328-162606.jpg

De politieke correctheid is dus fundamenteel racistisch.
Ze gaat uit van de morele superioriteit van het blanke ras.
De andere rassen mogen de beest uithangen, het wordt hen vergeven want ‘ze kunnen niet anders’.
Een blanke mag echter niet één woord verkeerd zeggen of het land staat op stelten.
Niet de kleinste zonde wordt van de blanke getolereerd.
Als Chris Dusauchoit bijvoorbeeld zegt dat het doden van een paar oude leeuwinnen nodig was om de jonge leeuwen te redden – een volkomen rationeel standpunt – dan wordt hem een tekort aan moraliteit en menselijk inlevingsvermogen verweten.

De – we mogen wel zeggen krankzinnige – morele zelfverheffing van de politiek correcte blanke is dus niet het gevolg van een materialistische mensvisie.
Ze is het gevolg van de onbewuste vermenging van twee mensvisies: een materialistische en een spirituele.
Het siert Michel Vandenbosch dat hij zo gevoelig is voor het lot van de dieren.
Het siert de politiek correcte mens dat hij zo streng is voor het eigen blanke ras.
Daaruit blijkt een hoge morele gevoeligheid.
Maar wat Michel en zijn politiek correcte collega’s allesbehalve siert en wat hen in feite tot morele krankzinnigen maakt, is dat zij hun hoge (en in wezen christelijke) moraliteit vermengen met de materialistische visie dat de mens een dier is onder de dieren.

Waar het hen aan ontbreekt, is onderscheidingsvermogen.
Waar het hen aan ontbreekt, is moed.
De moed om hun moraliteit te onderscheiden van hun Darwinistische overtuiging en in te zien dat die twee niet samengaan.
Want als ze dat doen, worden ze geconfronteerd met de kloof die tussen beide gaapt en die ze niet kunnen overbruggen.

Dus doen ze wat vandaag een tweede natuur aan het worden is: ze hinken van het ene been op het andere, ze pendelen heen en weer tussen hoofd en buik, ze vallen langzaam in twee stukken uiteen die van elkaar geen weet hebben.

Enkele bladzijden verder in dezelfde krant lees ik dat Colruyt het vlees van oude Hollandse melkkoeien gaat verkopen.
‘De dieren hebben misschien acht jaar melk gegeven en zijn aan het eind van hun carrière gekomen. We geven hen dan een tweede bestemming.’
Aldus vleesleverancier Bart De Pooter.

Hoe menselijk!
‘Aan het eind van hun carrière gekomen.’
‘Ze krijgen een tweede bestemming.’
De koeien (ongetwijfeld stuk voor stuk ‘voelende individuen’) worden na hun pensionering dus niet afgeschreven.
Hun leven krijgt een nieuwe zin.
Wat wil een koe nog meer!

Maar even later klinkt het al heel anders.
‘Ik verwacht dat er op jaarbasis toch tweehonderd ton zal worden verkocht.’
‘We vertrekken van een afgeschreven product en we maken er een premium-product van.’
Tweehonderd ton per jaar?
Afgeschreven producten?
Is hier dezelfde Bart De Pooter aan het woord die daarnet nog sprak over koeien als over mensen?
En zou die Bart De Pooter ook over mensen spreken als over koeien?

Ik las onlangs in de krant dat er in ons land dagelijks bijna één miljoen kippen worden geslacht.
Eén miljoen.
Per dag.
Het hele jaar door.
Allemaal voelende individuen …

Is het niet krankzinnig om je dan dik te maken over twee dode oude leeuwen in een zoo?
En vooral: om anderen te verwijten dat het hen aan moraliteit en menselijkheid ontbreekt omdat ze die krankzinnigheid niet delen?

20140328-161318.jpg
(Bart De Pooter, duidelijk een premium-product)

Advertenties