Politieke correctheid en autisme (2)

door lievendebrouwere

In De Morgen voorspelt Guido Everaert het einde van de cafés.
Hun dagen zijn geteld, zo beweert hij.
De reden?
Niemand durft nog te zeggen wat hij denkt, niemand durft nog een grapje te maken.
Want altijd is er wel iemand die verontwaardigd reageert als er iets ‘kwetsends’ wordt gezegd over moslims, berbers, zwarten, holebi’s, joden, vrouwen, gehandicapten, vegetariërs en andere minderheden.
Big Brother is overal.
Dat laatste zegt Everaert er niet bij, en hij spreekt ook niet over politieke correctheid – hij zal wel gek wezen – maar het is duidelijk wat hij bedoelt.
Volgens hem zullen de cafés vervangen worden door geheime genootschappen waarvan de leden zorgvuldig gescreend worden zodat ze veilig grapjes kunnen vertellen.
De Vrijmetselaars van de Lach, zo noemt hij ze.
Hij zegt het al gekscherend, maar ik vermoed dat hij heel ernstig is.

Het lachen zou een mens voor minder vergaan.
In reactie op de recente uitspraken van Bart De Wever heeft de politieke correctheid weer eens haar spierballen laten rollen.
Politici, journalisten, moslimorganisaties, opiniemakers, schrijvers: ze gingen allemaal zo hevig tekeer dat vrijwel niemand het nog durfde opnemen voor de politicus die nochtans verondersteld wordt een derde van de bevolking achter zich te hebben staan.
Naar verluidt is men zo beducht voor de politiek-correcte furie dat niemand er zelfs nog durft voor uitkomen dat hij voor de N-VA heeft gestemd.
Of de intimidatie ook al is doorgedrongen tot in de cafés weet ik niet, maar in de media wordt alleszins maar met één stem meer gesproken: die van Big Brother.
En die stem klinkt dreigender dan ooit.

Bij een dergelijke machtsontplooiing zou men denken dat de politiek-correcte intellectuelen triomferen.
Want als Bart De Wever veroordeeld wordt en ermee stopt (zoals hij beweert), dan verdwijnt hun laatste tegenstander, de enige publieke figuur die het nog tegen hen durft en kan opnemen.
Maar in plaats van te juichen, doen ze net het tegenovergestelde.
Ze zijn de wanhoop nabij, ze weten niet meer wat ze moeten doen om de verrechtsing en het racisme tegen te gaan.
Ze zijn radeloos en voelen zich helemaal in de hoek gedrumd.
Volgens Jan Blommaert – die de N-VA, het Vlaams Belang en Lijst De Decker als extreemrechts (en de klassieke partijen als rechts) bestempelt – is links in Vlaanderen een bedreigde minderheid geworden die zich slechts met de grootste moeite nog staande houdt.

Aan de ene kant is er dus de vrije meningsuiting die langzaam helemaal verstikt wordt door de politieke correctheid, aan de andere kant is er de politieke correctheid die zich langzaam helemaal verstikt voelt door de vrije meningsuiting.
Twee partijen die zich allebei door elkaar verstikt voelen.
Twee doodsvijanden die zich allebei slachtoffer van de ander voelen.
Twee kampen die elkaar precies hetzelfde verwijten.
Hoe kan dat nu?
Hoe kun je tegelijk dader en slachtoffer zijn?
Dat kan maar op één manier: als je voor een spiegel staat en het niet weet.
Alleen als de ander je weerspiegelt kun je hem bij de keel grijpen en tegelijk voelen hoe je zelf gewurgd wordt.

Ik heb de politieke correctheid verleden keer beschreven als een vorm van autisme.
Mensen als Jan Blommaert – die zichzelf beschrijven als ze het over Bart De Wever hebben – gedragen zich als autisten en ze weten het niet.
Ze projecteren hun eigen kwaal op de wereld en proberen die te genezen.
Uiteraard verzet de wereld zich tegen die genezingspogingen: niemand wil zich laten behandelen door een dokter die ze niet alle vijf op een rijtje heeft.
Maar waar het probleem precies zit, zien geen van beiden.
‘De wereld’ voelt wel dat er iets fout zit met de politieke correctheid, maar hij kan de vinger niet op de wonde leggen want hij lijdt er zelf aan.
De moderne samenleving is zelf autistisch.
Daarom komt ze er niet toe om de ‘gekke dokters’ gewoon aan de kant te schuiven.
Daarom laat ze zich zo intimideren: omdat ze ergens beseft dat ze gelijk hebben.

Beide partijen lijden aan dezelfde ziekte: daar ligt het probleem.
De politieke correctheid is een vorm van autisme die tot uiting komt in de linkse intellectuelen maar die latent aanwezig is in de hele moderne maatschappij.
Autisten zijn als bolle spiegels: ze weerkaatsen in geconcentreerde vorm wat overal om hen heen leeft.
Maar het zijn levende spiegels: ze weerkaatsen het autisme van de samenleving in de vorm van verwijten, beschuldigingen en aanklachten.
Aanvankelijk kijkt die samenleving met verbazing naar die moraliserende autisten, maar geleidelijk gaat ze de eeuwige beschuldigingen terugkaatsen en wordt ze zelf tot een spiegel.
Op die manier komen twee spiegels tegenover elkaar te staan en ontstaat er een eindeloos heen en weer kaatsen van beschuldigingen dat zijn kracht ontleent aan het feit dat de beschuldigingen … juist zijn.
Dat is de tragiek van de politieke correctheid en de vernietigende tweespalt die ze in de samenleving teweegbrengt: de drijvende kracht achter die scheiding is de waarheid.
Daarom zal de ‘burgeroorlog’ waar we op afstevenen alleen vermeden kunnen worden als die waarheid boven water komt, als beide partijen begrijpen aan welke gemeenschappelijke ziekte ze lijden.

Mensen als Jan Blommaert zijn ziek, maar ze zien hun ziekte alleen bij anderen.
Ze winden zich hevig op omdat die anderen niet willen toegeven dat ze ziek zijn.
En als die anderen dan ook nog eens gaan beweren dat niet zij maar de politiek-correcten ziek zijn, dan weten de Jan Blommaerts dezer wereld geen blijf meer met hun verontwaardiging.
Ze worden dan agressief en gewelddadig.
Momenteel heerst in linkse, politiek-correcte kringen de overtuiging dat er een grens overschreden is, dat het echt niet verder meer kan, dat er moet ingegrepen worden.
Betogingen draaien steeds vaker op geweld uit, er worden harde maatregelen geëist, en zelfs politici zijn niet meer veilig voor hun aanklachten.
Het heeft dus geen zin om met deze autisten in de clinch te gaan, want dan ‘ontploffen’ ze.
De zaak moet juist ontmijnd worden en dat doe je niet door beschuldigingen terug te kaatsen.
Je doet het door de beschuldigingen ernstig te nemen en ze te gebruiken als een middel om tot inzicht te komen in de gemeenschappelijke ziekte.
Autisme is niet voor niets de meest bestudeerde afwijking van onze tijd.
Maar zolang de onderzoekers zich niet bewust worden van het feit dat ze in een spiegel kijken, zolang ze zich niet bewust worden van hun eigen autistische benadering, zal hun onderzoek geen resultaten opleveren.
Het zal alleen méér autisme genereren.

Laten we dus eens kijken naar dat autisme aan de hand van de uitspraken van Bart De Wever.
Het feit dat ze zo’n buitensporige reactie hebben uitgelokt bij de politiek-correcte intelligentsia, wijst op een onbewuste herkenning.
Deze autisten hebben zichzelf herkend in die uitspraken en daarom waren ze in alle staten.
Wat is het nu precies dat ze (zonder het te beseffen) herkend hebben?
Ik zie drie elementen.

Om te beginnen was er het algemene feit dat wat Bart De Wever vertelde niet politiek-correct was.
Op zich hadden zijn woorden niet veel om het lijf: hij zei niets dat niet allang geweten was en dat anderen niet al vóór hem hadden gezegd.
Maar Bart De Wever is zowat de belichaming van het verzet tegen de politieke-correctheid en dus krijgt alles wat hij zegt veel meer gewicht.
Niet WAT hij zei was zo’n doorn in het oog van intellectueel links maar DAT hij het zei.
Zijn misdaad was dat hij het waagde in te gaan tegen de politieke correctheid.

Het is bekend dat autisten niet tegen verandering kunnen.
Zelfs het verplaatsen van een voorwerp in hun kamer kan aanleiding zijn tot paniek.
En dat was precies wat Bart De Wever deed.
Het politieke en intellectuele landschap wordt nagenoeg volledig beheerst door de politieke correctheid. Niemand durft er nog afwijkende meningen op nahouden, want één ‘verkeerde’ opmerking kan iemands carrière breken.
Als een echte autist waakt de politiek-correcte intelligentsia erover dat niets in dat landschap verandert, dat iedereen in de pas loopt, dat er niet één onvertogen woord valt.
Bart De Wever bestond het echter om een klein boompje op te zetten en dat deed de hele politieke en intellectuele wereld ‘ontploffen’.

De autist is zo extreem overgevoelig voor de minste verandering in zijn omgeving omdat zijn bewustzijn onvoldoende verbonden is met zijn lichaam.
Het zweeft er als het ware omheen en dat veroorzaakt een fundamenteel gevoel van onveiligheid.
De autist voelt zich als een astronaut die een ruimtewandeling maakt: bij het minste dat verkeerd gaat, slaat hij alarm en probeert zo vlug mogelijk de veiligheid van de ruimtecapsule weer op te zoeken.
Het idee om los te raken en in de eindeloze ruimte te verdwijnen, jaagt hem de stuipen op het lijf.
Maar ook in de ruimtecapsule is de veiligheid relatief: het kleinste foutje kan desastreuze gevolgen hebben.
Doordat het bewustzijn van de autist zich in meer of mindere mate buiten zijn lichaam bevindt, mist het de vaste structuur van dat lichaam.
Die vaste structuur probeert de autist dan in zijn omgeving te creëren, maar dat lukt natuurlijk slechts zeer ten dele want het fysieke lichaam is onwaarschijnlijk gecompliceerd.
De autist voelt zich dan ook nooit veilig, hij is voortdurend op zijn hoede voor zelfs de kleinste verandering.
Daarom zal de politieke-correctheid maar tevreden zijn als de laatste afwijkende of ‘foute’ mening verdwenen is, als het denkleven helemaal dood is.
En hoe dichter ze bij dat ideaal komt, des te ‘gevoeliger’ wordt ze, want waar het stil is, klinkt lawaai veel luider.

De tweede uitspraak van Bart De Wever waarop de intellectuele wereld zo heftig reageerde, was de bewering dat racisme relatief is.
Voor diezelfde uitspraak had Liesbeth Homans eerder al de banbliksems naar het hoofd gekregen.
Wie daar nuchter over nadenkt, begrijpt niet waarom iedereen zich als door een wesp gestoken voelde.
Er wordt namelijk niets anders mee beweerd dan dat racisme geen exclusief blanke aangelegenheid is.
Integratieproblemen worden niet enkel veroorzaakt door blanke autochtonen, ook gekleurde allochtonen hebben daar hun aandeel in.
Eigenlijk is dat een open deur intrappen – voor ruzie moet men met twee zijn – maar toch wekt het de woede op van de politieke correctheid.
De idee dat bijvoorbeeld Berbers mee verantwoordelijk zijn voor de bestaande integratieproblemen wordt schandalig en verfoeilijk gevonden.
Ik kan daar alleen maar uit opmaken dat alle schuld bij de blanke autochtonen gelegd wordt en dat alleen zij racistisch zijn.
Dat is een onversneden … racistische overtuiging, maar zo heet het natuurlijk niet, want als een blanke het blanke ras racistisch noemt, dan is het oké.
Voor alle duidelijkheid: ik beschouw de politieke correctheid als een blanke aangelegenheid.
Ze wordt weliswaar gretig overgenomen door (vooral) moslims, maar dat ervaar ik in de eerste plaats als opportunisme.

Als het echter niet racistisch is om je eigen ras racistisch te noemen, wat is het dan wel?
Hier moeten we eerst de vraag stellen: wie beschuldigt wie?
En dan zien we dat er zich een duidelijke scheiding aftekent.
De beschuldigers zijn de intellectuelen, de bevolkingsklasse bij wie het oordeelsvermogen het sterkst ontwikkeld is.
De beschuldigden zijn de niet-intellectuelen, de gewone mensen zeg maar, die actief zijn op de sociale media.
Gisteren stierf toevallig een prominent lid van de intelligentsia – Steve Stevaert – en tegelijk met de bewondering van zijn collega’s dook in de kranten de diepe afkeer op voor ‘de stinkende riolen van het internet’.
Iemand had namelijk getwitterd: ‘van mij mogen alle rooien in het kanaal springen’.
Fijngevoelig was het zeker niet, maar een halsmisdaad was het evenmin.
Toch was het voor Yves Desmet reden genoeg om een heel artikel te wijden aan ‘hoe hard en dom de samenleving wel is geworden.’
Handig als hij is, betrok hij daar ook de media in, maar overtuigend was het niet, want uitgerekend in dit geval bleken ze verrassend terughoudend.
Niemand ging graven in de verkrachtingszaak waarvoor Stevaert gedagvaard was en een kritische column van Hugo Camps – toch een politiek-correcte coryfee – werd tijdelijk van de website verwijderd.
Het was duidelijk: de rangen werden gesloten.
Kristof Calvo, fractieleider van Groen, vroeg zich zelfs ronduit af: hoe kunnen we vermijden dat deze geweldige bron van interactiviteit (hij bedoelde de sociale media) uitwaaiert naar Vlaanderens grootste vuilbak?

Vlaanderens grootste vuilbak?
Wat zou deze linkse jongen daar wel mee bedoelen?
Heeft hij het over het Vlaams Belang? Of over de N-VA? Of over iedereen die niet politiek correct is?
Hoe dan ook, hij heeft het over heel veel mensen, en die doet hij af als (producenten van) ‘vuilnis’.
Het is een voorbeeld van hoe intens de afkeer is van het ‘hoofd’ voor de ‘buik’ van de samenleving.
Die afkeer is voor een stuk zelfs wederzijds, want het fel gecontesteerde twitter-bericht ‘van mij mogen alle rooien in het kanaal springen’ gaf uiting aan een diepe weerzin voor de socialisten.
Die weerzin stoelt vermoedelijk op ontgoocheling, want ‘de rooien’ zijn massaal overgelopen van de ‘buik’ naar het ‘hoofd’.
Ze noemen zich weliswaar nog altijd links en socialistisch maar ze zijn niet langer de spreekbuis van het volk. Ze behartigen nu de belangen van de intellectuele elite.
Steve Stevaert was daar een treffend voorbeeld van, reden waarom hij (door Koen Meulenaere meen ik) het ‘schijnheilig paterken van Hasselt’ werd genoemd.

Wat de intellectuelen het volk verwijten, is dat het zo grof, zo laag-bij-de-gronds, zo … racistisch is.
Wat het volk de intellectuelen verwijt, is dat ze zo … schijnheilig zijn, dat ze niet anders zijn dan het volk maar zich niettemin beter voelen en daarom menen het recht te hebben het volk voortdurend te kleineren en te schofferen.

(wordt vervolgd)

Advertenties