De Dag van de Arbeid

door lievendebrouwere

De gedachte waarmee ik opstond op deze dag van de arbeid, is de volgende. De wereld raakt in toenemende mate verdeeld in twee kampen die elkaar op leven en dood bevechten. In grote delen van de wereld is dat een fysieke strijd, hier bij ons is het vooralsnog een mentale en emotionele strijd. Op deze 1ste mei zullen er weer optochten, manifestaties en toespraken worden gehouden door de socialisten, de traditionele arbeiderspartij. Die partij betekent niet veel meer in ons land, maar ik stel me zo voor dat ze weer hevig van leer zal trekken tegen rechts, dat overigens ook niet veel voorstelt in dit land. Is dat niet hoogst merkwaardig? Alle politieke partijen verdringen zich in het midden, maar hoe meer ze op elkaar gaan lijken, hoe meer ze elkaar extreem-rechts en extreem-links noemen en hoe heviger ze elkaar bestrijden. 

Het doet me een beetje denken aan die Italiaanse hertog die lang geleden over zijn aartsvijand zei: ‘we zijn het volkomen met elkaar eens, we vinden allebei dat Venetië van ons is’. Ook links en rechts zijn het met elkaar eens: de wereld is van hen en van niemand anders. Ze willen allebei de macht, de volledige macht, want de ander is het vleesgeworden kwaad en niemand wil in een wereld leven waar het kwaad het mee voor het zeggen heeft. Het idee dat de macht verdeeld zou kunnen worden tussen links en rechts en dat beiden dus zouden kunnen samenwerken, komt niet meer op in moderne geesten. Het hedendaagse streven is helemaal gericht op eenheid, en volgens links moet die eenheid links zijn en volgens rechts moet ze rechts zijn. Tertium non datur

Dit streven naar eenheid is een geestelijk streven, een Michaëlisch streven: de grenzen verdwijnen, de wereld wordt één. Het is dan ook op geestelijk gebied dat deze eenheid gerealiseerd moet en kan worden. Maar juist degenen die zo hevig naar eenheid streven, geloven niet in het bestaan van een geestelijke dimensie. Dat heeft tot gevolg dat de eenheid die ze nastreven, gezocht wordt in de materiële dimensie. Daar ontmoeten ze echter degenen die precies hetzelfde nastreven maar … op de tegenovergestelde manier. En dat resulteert in een nietsontziende strijd, een strijd die paradoxaal genoeg gevoed wordt door het streven naar eenheid, naar vrede, naar liefde. 

Het beeld dat zichtbaar wordt, is dat van een mensheid die één gezamenlijk doel nastreeft, maar terugkaatst tegen de muur van het materialisme en daardoor slaags raakt met zichzelf. Een ander beeld is dat van de Goetheaanse Steigerung: twee tegenpolen worden tot de grootste intensiteit opgevoerd waarna er uit de spanning tussen beide iets nieuws ontstaat. Dat nieuwe ontstaat echter op een hoger niveau en dat is juist het niveau dat in onze materialistische tijd ontkend wordt. Daardoor wordt de spanning niet opgelost maar blijft ze zich opstapelen tot ze uiteindelijk explodeert. Dat beeld roept weer een ander beeld op: dat van de menselijke sexualiteit. Ook hier gaat het om de stijgende spanning tussen twee tegenpolen – man en vrouw – die zich ontlaadt in een eenwording op een onbewust niveau (dat van zaadcel en eicel) en resulteert in een kind.

Volgens de antroposofie is het fysieke lichaam van de mens het meest volmaakte deel van zijn wezen en toont het ons als in een spiegel het ideaalbeeld van ons nog zeer onontwikkelde Ik. Aan dat spiegelbeeld kunnen we aflezen dat de Steigerung, de eenwording van de tegenpolen op een hoger niveau, een bijzonder ingewikkeld en dramatisch proces is. We weten nog niet zolang wat er precies gebeurt bij de bevruchting: het hele proces was tot voor een paar honderd jaar nog één groot mysterie. Op dezelfde manier is de relatie tussen de tegenpolen en het ‘geestelijke kind’ dat uit de spanning tussen beide wil geboren worden (en met hen een ‘driegelede’ relatie wil tot stand brengen) vandaag nog een mysterie. Maar alles wijst erop dat ook dit mysterie ontsluierd moet worden en dat we met ons bewustzijn moeten doordringen in de geheimen van dit ‘conceptieproces’. 

Ik vrees echter dat daar niet veel van te merken zal zijn tijdens de toespraken op deze Dag van de Arbeid. Alles zal weer gaan over de fysieke arbeid en over de fysieke strijd, en over de geestelijke arbeid en de geestelijke strijd zal als altijd zedig gezwegen worden. Op dát vlak zijn links én rechts het roerend met elkaar eens …
  
(Albert Marquet: vrouw in de regen)

Advertenties