Brugge zien en sterven …

door lievendebrouwere

Zondag ben ik nog eens naar Brugge geweest, dit keer samen met An, as in the good old days. Het leek opnieuw zo’n goeie ouwe dag te worden: de zon scheen, ik had er zin in, en An verheugde zich op het weerzien met de oude collega’s (die nu de mijne zijn). We waren vroeg, acht uur, en hadden de Dijver voor ons alleen. Dat zag er zo uit:

  

Ons enige gezelschap bestond uit …
  
… zeven zwanen en een alleenstaande moeder:

  
Kan een dag idyllischer beginnen? 

Terwijl An een praatje sloeg met Marijke …

  
… stelde ik m’n kraam op zoals ik het prefereer: in m’n eentje, op m’n gemak en in alle stilte. Daarna ging ik snel nog even een wandeling maken want … wat is Brugge mooi zonder toeristen! 
  
  

Daarna riep de plicht me en nam ik het roer van An over. Een half uur Later had ik al een schilderijtje verkocht. Dat begon goed: het was nog geen middag en ik was al uit de kosten! Het beloofde een aangename dag te worden. De ervaren-marskramer-in-mij maande me aan niet te vroeg victorie te kraaien en dat deed ik dan ook niet. Maar dat nam niet weg dat de teleurstelling toenam naarmate de dag vorderde, want ik verkocht niets meer. An viel erbij in slaap.

  
Toen ze weer wakker werd, besloot ik nog een stapje in de wereld te zetten. Ik wilde wel eens weten hoe bont ze het hadden gemaakt met hun triënnale, een verplicht artistiek nummer (kostprijs: 2,8 miljoen euro) dat iedere stad die niet als oubollig te boek wil staan, moet opvoeren. 

Het viel al bij al nogal mee. ’t Had zoveel erger kunnen zijn, om de dichter te citeren. 

  

Wat dacht u van volgend krachtige statement ?

  
Ja, ze zijn toch zo kritisch, onze kunstenaars! Vooral als je hen genoeg betaalt, en dat doen ze in Brugge, kijk maar:

  
Dit installeer je niet voor 500 euro, een bedrag waarvoor ik heel wat doeken en verf kan kopen. Maar welke idioot schildert nu nog met verf als hij op de Grote Markt van Brugge kan prijken en al die onnozele toeristen kan bedienen die alleen maar geïnteresseerd zijn in zichzelf!

  
De intellektuwelen die daar een mooi verhaaltje bij verzinnen, hoeven de kunstenmakers niet eens zelf te betalen. Daar zorgt de stad Brugge wel voor. 

 

Er is geen woord van gelogen, want in deze tussenruimte die het potentieel heeft om de open ruimte te overbruggen, had ik een ontmoeting met mezelf:

  

Ja, kunst kan schoon zijn …

Advertenties