Zwarte Piet voelt zich gekwetst

door lievendebrouwere

  

De Nederlandse overheid, zo lees ik in de krant, moet zich actief inzetten om Zwarte Piet tijdens het Sinterklaasfeest aan te passen. Dat is de conclusie van het VN-comité rassendiscriminatie. Zelfs een diepgewortelde culturele traditie rechtvaardigt geen discriminatoire praktijken en stereotypen, aldus dat comité. Het roept de Nederlandse overheid dan ook op om actief campagne te voeren tegen die kenmerken van Zwarte Piet die negatieve stereotypen reflecteren en door veel mensen van Afrikaanse afkomst worden ervaren als een overblijfsel van de slavernij.

Hier worden de zaken duidelijk uitgesproken: de Nederlandse overheid moet actief campagne voeren tegen haar eigen bevolking. Want die houdt vast aan de traditie van het Sinterklaasfeest en een onderdeel daarvan, Zwarte Piet dus, is kwetsend voor zwarte immigranten. Onzin natuurlijk. Want als dat laatste een argument zou zijn, dan kunnen we meteen ook het beroep van schoorsteenveger verbieden. Zwarte Piet is evenmin bedoeld om zwarten te kwetsen als het vegen van schoorstenen dat is. Nu beweren zwarte immigranten dat Zwarte Piet hen herinnert aan de tijd van de slavernij. Of dat zo is, durf ik sterk te betwijfelen. Zwarte immigranten hebben wel andere dingen aan hun hoofd, lijkt me, dingen die héél wat kwetsender zijn dan ‘herinneringen’ uit een verleden dat ze zelf niet meer hebben meegemaakt. Maar stel dat ze zich wél gekwetst voelen, waarom zou hun gekwetstheid dan zwaarder wegen dan die van de plaatselijke bevolking? Want die kan door de aanwezigheid van zwarte immigranten ook ‘herinnerd’ worden aan de tijd toen blanken als slaven naar Afrika werden gevoerd. En er zijn méér blanken als slaven naar Afrika gevoerd dan omgekeerd. Maar daar hoor je natuurlijk nooit over spreken …

Als we gekwetse gevoelens gaan beschouwen als een argument om tradities te veranderen, dan kunnen de Nederlanders ook gaan pleiten voor het veranderen van de (oude) traditie van het gastvrij ontvangen van vluchtelingen en asielzoekers. Ze kunnen dan argumenteren: al die zwarte immigranten in ons land herinneren ons pijnlijk aan de tijd toen blanken tot slaaf werden gemaakt en naar Afrika gevoerd. Onzin natuurlijk! Maar niet méér dan de onzin van zwarte immigranten die door Zwarte Piet (of andere schoorsteenvegers) pijnlijk herinnerd worden aan de tijd toen zwarten tot slaaf werden gemaakt. 
Je voelt meteen dat die Zwarte-Pietdiscussie eigenlijk een machtsstrijd is, een strijd tussen de overheid en haar bevolking, die op haar beurt strijd tegen een nog grotere overheid. Het is kortom een strijd tegen de zeggenschap van het volk, een strijd tegen de democratie, een strijd tegen de hele mensheid eigenlijk. En die strijd is duidelijk niet aan ras gebonden want zwarte immigranten doen er vrolijk aan mee, zoals kunstenaar Quincy Gario, die in dezelfde krant mag komen vertellen hoe hij met de dood bedreigd wordt omdat hij ageert tegen Zwarte Piet. Het is een tragisch voorbeeld van hoe allochtonen en autochtonen tegen elkaar worden uitgespeeld en hoe kunstenaars daarbij het voortouw nemen. Kunstenaars en overheid: één in hun acties tegen het volk. Kunst als wapen tegen de democratie. Kan het nog tragischer?

Advertenties