Was ik maar een vluchteling!

door lievendebrouwere

  

Gisteren las ik in de krant een stukje van ene Willem Groeneveld. Hij schreef:

‘Was ik maar een vluchteling. Nu moet ik hard werken om te leven. Elke dag minimaal acht uur. En thuis soms ook nog. Dan ook nog het huishouden, jaren wachten op een sociale huurwoning en ook al twee jaar amper vakantie gehad door drukte. Nee, dan vluchtelingen. Wat een leven. Na een spannende roadtrip, wandelend langs kilometers donker spoor in een uitgestrekt Balkan-landschap, gezellig uren met tientallen lotgenoten in een donkere laadcabine van een vrachtwagen vertoeven en een bijzonder avontuur met een klein bootje op de Middellandse zee, wacht de beloning, waar wij Nederlanders kennelijk alleen maar van kunnen dromen. Er zijn maar weinigen in Nederland die het beter hebben dan die verdomde gelukszoekers. Ik wacht al jaren op mijn sociale huurhuisje in de stad. Zij krijgen er direct een. Ik moet werken voor mijn geld en zorgverzekering betalen. Zij krijgen geld en de zorg is gratis. Waarom, ik ben toch eigen volk? 
Dit verhaal hing ik op toen mij werd gevraagd wat ik het liefste wilde zijn. De stemming sloeg pardoes om. Ogen staarden mij vol ongeloof aan, zelfs die van mijn meest ‘rechtse’ vrienden. Dit kon ik toch niet menen. Ik meen het ook niet. Maar het is wel de tendens die leeft bij veel te veel Nederlanders, als je reacties leest onder elk willekeurig bericht over vluchtelingen. Waar halen die veelal volgevreten, en op een wolk van welvaart levende, Nederlanders het gore lef vandaan om zo te oordelen over mensen die op de vlucht zijn voor bommen, door onze F16’s geworpen. Voor honger, voor dorst, voor ISIS, op zoek naar waarden die elk mens zoekt in zijn leven: voedsel, veiligheid, een dak en kansen. Hoe ziek is de samenleving aan het worden, dat elk greintje empathie is ingeruild voor angst om onze welvaart te verliezen. Welvaart die potdomme voor een deel gestoeld is op het leegroven van de landen, waarvan de bevolking nu geen kant meer op kan, behalve letterlijk het spoor naar ‘veiligheid’ volgen. Niets menselijks is hun vreemd. In tegenstelling tot de menselijkheid in Nederland, die steeds verder wegzakt in het moeras van xenofobie. Ik ben banger voor het hatelijke, totaal empathieloze sentiment in Nederland, dan voor een Middellandse Zee vol met vluchtelingen, op zoek naar wat wij allemaal zoeken. Ik smacht naar de mensheid die pal staat voor menselijkheid in plaats van ‘ons geld’.’

Willem Groeneveld verwoordt op een brutaal-cynische manier wat veel mensen vandaag denken en voelen. Hoe is het toch mogelijk dat mensen zo weinig meegevoel hebben met die vluchtelingen! Hoe is het mogelijk dat ze zo wantrouwig en zelfs vijandig staan tegenover deze sukkelaars! Wat moet er gebeuren vóór ze inzien hoe onmenselijk ze zich gedragen? Dat is in een paar woorden wat je dagelijks in de kranten leest: één langgerekte kreet van verontwaardiging over onze onmenselijke houding tegenover weerloze, gekwelde en opgejaagde mensen. 

Bij het lezen van deze zoveelste uitroep van verontwaardiging komt er een vraag in me op, een vraag die ik aan Willem Groeneveld zou willen stellen, en wel in zijn eigen stijl: ‘ALS JE HET DAN TOCH ZO ERG VINDT, WAAROM HOU JE ER DAN GODVERDOMME NIET MEE OP?’ Ik zou er nog willen aan toevoegen: ‘jij volgevreten Nederlander!’. Maar dat doe ik welbewust niet, ook al kook ik van woede over de schijnheiligheid van deze zoveelste toeteraar in het orkest der politiek-correcten. Ik verbijt mijn verontwaardiging omdat ik niet wil meegesleurd worden in de vicieuze cirkel van mensen die verontwaardigd zijn over mensen die verontwaardigd zijn over mensen die verontwaardigd zijn, enzovoort. 

Want ik ben inderdaad verontwaardigd. Willem Groeneveld klaagt het gebrek aan empathie aan van zijn ‘volgevreten’ landgenoten. Maar waar is zijn empathie met zijn landgenoten die opgejaagd worden om steeds harder te werken zodat ze steeds meer kunnen afdragen aan vadertje Staat die het geld vervolgens verkwist? Waar is zijn empathie met mensen die met de daver op het lijf zitten om hun job te verliezen, om hun huis te verliezen, om hun gezondheid te verliezen? Waar is zijn empathie met mannen en vrouwen die allebei moeten gaan werken om rond te komen en die daardoor hun kinderen niet eens kunnen zien opgroeien? Waar is zijn empathie met die kinderen, die van jongsaf gevangen zitten op een school die hen dwingt om te presteren, want anders zullen ze later uit de boot vallen (sic)? Waar is zijn empathie met mensen die gevangen zitten in een mallemolen waarover ze geen enkele zeggenschap hebben? Waar is zijn empathie met mensen die er dag in dag uit van beschuldigd worden racistisch, onverdraagzaam, haatdragend, verzuurd, xenofoob, islamofoob, homofoob, kortom slecht en kwaadaardig te zijn? Waar is zijn empathie met mensen die hun mond niet meer durven opendoen of ze worden de huid volgescholden door de Groenevelds dezer wereld? Waar is zijn empathie met mensen die als gevolg daarvan hun angst, frustratie en woede koelen op degenen die nóg zwakker zijn? WAAR IS GODDOMME ZIJN EMPATHIE?

En uitgerekend deze man – met zijn verregaande gebrek aan empathie – durft het gebrek aan empathie van anderen aanklagen! Kijkt hij dan nooit in de spiegel? Ziet hij dan niet dat hij geen haar beter is dan degenen die hij aanklaagt? Ziet hij dan niet dat zijn eigen gedrag aan de basis ligt van hun gedrag? Ziet hij dan niet dat de vluchtingen derhalve slachtoffer zijn van zijn eigen houding? Ziet hij dan niet dat hij medelijden heeft met de slachtoffers die hij zelf gemaakt heeft? Ziet hij dan niet dat juist dit zogenaamde medelijden steeds meer slachtoffers maakt? Ziet hij dan niet hoe godgeklaagd schijnheilig hij is? ZIET HIJ DAT WERKELIJK NIET?

Het antwoord is: neen. Hij ziet het niet. En daar ligt de kern van het probleem. Want als ik nu op mijn beurt verontwaardigd zou zijn over Willem Groeneveld dan zou ook ik het niet zien en ik zou het probleem alleen maar groter maken. Maar ik zie het wel en daardoor belet ik mezelf om op zijn manier te reageren, dat wil zeggen om verontwaardigd te zijn over zijn verontwaardiging. Want ergens moet er eind komen aan die vicieuze cirkel, ergens moet er een domino-blokje zijn dat rechtop blijft staan en dat weigert om te vallen als er een ander domino-blokje tegen hem aanvalt. Eén blokje kan een eindeloze kettingreactie veroorzaken, één blokje kan die kettingreactie ook weer stopzetten. En dat is de – individuele – keuze waarvoor we momenteel staan: vallen we om, net als iedereen, of blijven we staan? 

Ik weiger dus om verontwaardigd te zijn over Willem Groeneveld, hoe groot de verleiding ook is. Want hoe meer ik zie wat er aan de hand is, hoe wraakroepender ik reacties zoals de zijne vind. Maar als ik nóg beter kijk, kom ik uiteindelijk bij mezelf uit en is de cirkel rond. Dat is een schok, want pas nu voel ik het volle gewicht van al die verontwaardigde domino-blokjes die tegen me aanvallen. Maar tegelijk is het ook een bevrijding, want ik besef nu dat ik niet machteloos ben. Ik kan iets doen aan dat overweldigende vluchtelingenprobleem. Ik kan een eind maken aan de vicieuze cirkel die ten grondslag ligt aan dat probleem. Want die cirkel loopt ook door mij heen. Als ik hem stop, kan er misschien ander soort kettingreactie ontstaan, een kettingreactie van mensen die ook besluiten om niet om te vallen, om zich niet te laten meesleuren door de collectieve verontwaardiging. Gemakkelijk is dat niet, maar het is wél mogelijk. En dat is al heel veel. 

Advertenties