Onverdoofd slachten

door lievendebrouwere

  

De Antwerpse schepen van jeugd, kinderopvang, leefmilieu en dierenwelzijn Nabilla Ait Daoud (N-VA) heeft zich op haar blog nogmaals uitgesproken tegen het onverdoofd slachten van schapen op het Offerfeest. Ze heeft daarbij een foto geplaatst van het verdronken Syrische jongetje Aylan Kurdi en eronder geschreven: Kijk naar deze foto, en je weet wat je moet doen.’

Ik heb deze raadselachtige woorden niet gelezen omdat ik haar blog volg – ik had nog nooit gehoord over Nabilla Ait Daoud – maar omdat de krant ze gepubliceerd heeft. Een mens kan zich afvragen waarom. Het voor de hand liggende antwoord luidt: om te stoken, om verontwaardiging te wekken. Want welke nieuwswaarde heeft dit blogbericht? Mijns inziens: geen. Er zijn vandaag tienduizenden bloggers die de foto van Aylan gepost hebben met een of ander commentaar erbij. Maar Nabilla is lid van de N-VA, ze spreekt zich uit over een heikel thema, en ze gebruikt als voorbeeld een ander heikel thema. Samen geeft dat een cocktail waar misschien wel een brandje mee te stoken valt. En die kans laat een ‘kwaliteitskrant’ natuurlijk niet liggen. Beetje jammer wel dat Nabilla moslima is, anders was de zaak nog een stuk ontvlambaarder geweest. 

Het is een zoveelste voorbeeld van het onophoudelijke gestook van de kranten. Het lijkt mij goed om daarop te wijzen want hoe duidelijker je dat dwangmatige gestook onderkent, des te minder laat je je opstoken, des te minder laat je je meesleuren door de algemene sfeer van verontwaardiging die – laten we het niet vergeten – ook aan de basis ligt van de hele vluchtelingenellende. Want wat heeft het vuur aan de lont gestoken van de wereldbrand die al die mensen nu op de vlucht jaagt? Dat is de verontwaardiging over de aanslag op de twin towers, een aanslag waarvan ik nog altijd overtuigd ben dat hij een inside job was, dat wil zeggen: een gecreëerde of uitgelokte aanleiding om the war on terror te kunnen starten die het Midden-Oosten heeft doen ontploffen, het islam-monster heeft wakker gemaakt en Europa in nauwe schoenen heeft gebracht. Als Amerika zijn verontwaardiging had ingeslikt, en als de media niet meteen oorlog waren beginnen stoken – ik herinner mij nog altijd hysterische, opruiende titels als ‘Amerika in oorlog!’ – dan leefden we nu in een andere, vreedzamer wereld. Met 9/11 begon het tijdperk van de Grote Verontwaardiging en steeds meer Europeanen verdrinken in een (Middellandse?) zee van verontwaardiging, die steeds feller wordt opgezweept. 

Maar dat is niet de eigenlijke reden waarom ik over dat blogbericht van Nabilla begin. Nee, wat me treft in dat bericht is de raadselachtigheid ervan. Kijk naar de foto, schrijft de blogster, en je weet wat je moet doen. Wel, ik kijk naar die foto, maar ik heb geen idee wat ik moet doen. Wat heeft dat verdronken kind nu te maken met het onverdoofd slachten van schapen? Op hetzelfde moment dat ik me die vraag stel, begint me iets te dagen. Dat kind is een ‘arm schaap’, het is het onschuldige slachtoffer geworden van geweld. Het is bijna letterlijk een offerlam dat op het altaar van de oorlog werd geslacht. Hou daarmee op, lijkt Nabilla te zeggen. Hou op met het slachtofferen van onschuldige kinderen en … schapen. 
Op het moment dat ik deze – eigenlijk voor de hand liggende – interpretatie neerschrijf, begin ik te beseffen wat deze moslima hier eigenlijk zegt. Zelf geeft ze als interpretatie dat we dieren niet onnodig moeten laten lijden – net zoals we kinderen niet onnodig moeten laten lijden. Maar wat bedoelt ze daar eigenlijk mee? Dat Aylan verdoofd had moeten worden vóór hij verdronk? Want Nabilla spreekt zich niet uit tegen het slachten van schapen (voor het Offerfeest), ze spreekt zich uit tegen het onverdoofd slachten van schapen. Door dat te vergelijken met de dode Aylan, lijkt ze dus te zeggen: ik heb geen bezwaren tegen het slachtofferen van kinderen, ik vind alleen dat Aylan eerst verdoofd had moeten worden. 

Zou ze dat nu echt bedoeld hebben? Nee, natuurlijk niet. En toch is het de enige rationele verklaring van haar combinatie van beeld en tekst. Het probleem is dat ze die relatie niet doorgedacht heeft, haar interpretatie van het beeld is lukraak, emotioneel, automatisch. Ik kan me bijna voorstellen welke reeks bliksemsnelle verbindingen in haar hersenen de brug hebben geslagen tussen de foto van Aylan Kurdi en het onverdoofd slachten van schapen. Véél te snelle verbindingen, zo snel dat haar bewuste Ik het niet kon volgen en dus ook niet controleren. Het gevolg is dat zij iets zegt wat zij (hoogstwaarschijnlijk) helemaal niet wil zeggen en ook nooit zou zeggen als ze het wel wist. 

Wat veroorzaakt nu die veel te snelle verbindingen? Dat ligt voor de hand, lijkt me: emoties, verontwaardiging. Zij beletten een mens om langzaam en nauwkeurig te denken, zij verleiden de mens ertoe om zich over te geven aan de roes van de snelheid waarmee zaken in de hersenen verbonden worden. Om het antroposofisch te zeggen: het zijn de wilde luciferische emoties en driften die de mens ertoe brengen zich over te geven aan de ahrimanische snelheid van het automatische hersendenken. Verhitte emoties en kille verstandelijkheid gaan hier dus hand in hand. En dát is een opvallend kenmerk van de ‘Arabische ziel’: enerzijds grote zinnelijkheid en hartstocht, anderzijds kille berekening en intellectualiteit. Ik moet onwillekeurig denken aan dat – onwaarschijnlijke – artikel van Rachida Aziz waarover ik het al een paar keer gehad heb. Ze beschrijft hoe haar ziel, die in volkomen rust verkeert, door een heel kleine vonk opeens explodeert zodat haar bloed begint te koken, ze nauwelijks nog kan ademen en er ‘van ergens heel diep’ (!) luide snikken naar boven komen die ze niet onder controle krijgt. Het lijkt wel een epileptische aanval die haar innerlijk  onbedaarlijk doet schokken, snikken en huilen. Alsof ze plots overvallen wordt door een roofdier dat uit haar eigen diepten tevoorschijn springt en haar volledig in shock brengt. Maar toch blijft ze koel redeneren: ze belt onmiddellijk haar advocaat (die waarschijnlijk een zoveelste aanklacht moet indienen) en meteen daarna stelt ze een vier-stappenplan op dat het Vlaamse racisme moet indijken. 

Hoe doe je dat, vraag ik me af, overspoeld worden door heftige emoties en tegelijk koel berekend te werk gaan? Daar moet je toch een enorme tegenwoordigheid van geest voor hebben! Als ik geëmotioneerd ben, dan kan ik helemaal niet denken, dan moet ik spartelen om het hoofd boven water te houden. Om nuchter en rationeel te kunnen denken, moet het zowel binnen als buiten me rustig en kalm zijn. Maar beide samen? Nee, dat kan ik me niet voorstellen. Tenzij een andere geest dan de mijne het van mij overneemt, en doet wat ik zelf niet kan: de uitersten met elkaar verbinden, emotionele hitte en intellectuele kilte. Dat is volgens mij wat Rachida Aziz overkomen is: door de schok – die nochtans héél klein was – nam een andere geest het van haar over, een onwaarschijnlijk haatdragende geest die eigenlijk liefst van al alle niet-moslims een kopje kleiner zou maken. Ik kan me niet goed voorstellen dat Rachida Aziz zo denkt of voelt, laat staan dat zou willen. Maar als ze begint te schrijven neemt een kwaadaardige geest van haar bezit en laat haar onvoorstelbare dingen zeggen. Als antroposoof denk je dan natuurlijk aan Steiners voorspelling dat Ahriman zou schrijven, op alle mogelijke manieren zou schrijven. 

Je denkt dan ook aan Steiners aanmaning dat Ahriman onderkend moet worden. We moeten hem ontmaskeren. En dat doe je volgens mij wanneer je probeert het mechanisme te doorgronden waardoor die onwaarschijnlijk haatdragende, sluwe, geraffineerde, intellectualistische teksten van Ahriman ontstaan. Ik meen daarbij te zien hoe Lucifer eerst de vonk levert die een explosie van verontwaardiging doet ontstaan, waarna Ahriman van de consternatie gebruik maakt om het denken over te nemen. En omdat vooral de Arabische ziel of aard daar – door zijn sterke dualisme (dat we herkennen in het woestijnklimaat: overdag verzengend heet, ’s nachts vrieskoud) – zeer vatbaar voor is, manifesteert Ahriman zich het duidelijkst in de islamwereld. Maar juist omdat hij zo innig samenwerkt met Lucifer speelt op de achtergrond een andere, nog veel machtiger geest mee: de Antichrist, het beest uit de Apocalyps. En dat beest manifesteert zich natuurlijk niet alleen in de wereld van de islam, het is ook – en vooral – in het Westen werkzaam. Vooral, omdat het mij voorkomt dat hij in de moslimwereld – en hier wordt het verwarrend – vooral zijn (extraverte) luciferische kant laat zien, terwijl in het Westen vooral zijn (introverte, verborgen) ahrimanische kant werkzaam is.  

Ik denk dat we onderscheid moeten maken tussen de klassieke Lucifer en Ahriman en de hedendaagse Lucifer en Ahriman. Het eerste (duivels)koppel vormt een duidelijke dualiteit, een scherpe tegenstelling. Het tweede (beestige) koppel is als een Januskop die snel ronddraait zodat beide tegenpolen in elkaar overvloeien tot een schijnbare eenheid. En juist die schijnbare eenheid is zo gevaarlijk omdat ze – zonder een scherp onderscheidend bewustzijn, dat wil zeggen zonder een nauwkeurig, zorgvuldig en traag denken – gemakkelijk verwisseld kan worden met de tegenovergestelde christelijke eenheid. Want allebei vormen ze een triniteit: zowel Christus als de Antichrist verbinden Lucifer en Ahriman met elkaar. Ze verbinden beide echter op een heel andere manier, en het is aan die manier dat ze te herkennen vallen.

Eigenlijk was het dát wat me het meest trof in die blog van Nabilla Ait Daoud: haar eigenaardige manier om woord en beeld met elkaar te verbinden. Woorden zijn ahrimanischer, beelden zijn luciferischer. Ik wil daarmee niet zeggen dat Nabilla geïnspireerd werd door de Antichrist, want op de achtergrond meen ik ook Christus te ontwaren. Want er is nog een andere interpretatie mogelijk van haar vreemde blogbericht. In plaats van er een (cynisch en antichristelijk) pleidooi in te zien om kinderen te verdoven vóór ze verdronken, onthoofd, verkracht of op een andere manier ‘geofferd’ worden, zou je er ook een (gedurfd en christelijk) pleidooi in kunnen zien om gewoon op te houden met slachten, of het nu kinderen of schapen zijn. We mogen niet vergeten dat in de voor-christelijke culturen (zoals bijvoorbeeld het jodendom) het slachtofferen van dieren heel gewoon was. De tempel van Jeruzalem, de heiligste plaats voor de joden, werd met Pesach (het christelijke Pasen) herschapen in een slachthuis. Men waadde er werkelijk door het bloed. Het moet (in onze ogen) iets verschrikkelijks zijn geweest, maar in voorchristelijke ogen was het een heilig ritueel dat de mens nader bracht tot God.

Ik denk dat we te weinig beseffen hoe groot de afstand is tussen onze christelijke cultuur en bijvoorbeeld de moslimcultuur, waar de voorchristelijke praktijk van het offeren van schapen nog altijd (en misschien zelfs meer dan ooit) in ere wordt gehouden. Wij gruwelen van dat jaarlijkse bloedbad en we komen er ook in verzet tegen (ook al snijden we daarmee, als vleeseters, in ons eigen vlees (sic)), maar moslims kijken daar heel anders tegen aan. Dat blijkt ook uit het gemak waarmee moslims – vroeger en nu – bloedbaden aanricht(t)en. Ik denk zelfs dat ze daarbij in een soort religieuze extase raken die hen het gevoel geeft dat ze dichter bij God komen. In ons land hebben moslims inmiddels klacht ingediend tegen minister Weyts. Ze willen hem dwingen om de wet op het onverdoofd slachten te herzien. Ik denk dat dit een heel belangrijke krachtmeting is. Als – God verhoede het – Weyts gedwongen zou worden de wet weer in te trekken, dan zal dat voor de moslimfundamentalisten een grote morele overwinning zijn, een erkenning van hun recht op het aanrichten van bloedbaden. Als ze daarentegen in het zand bijten dan kan dat een eerste stap zijn in het overwinnen van die pre-christelijke woestijncultuur. En dat laatste zal maar stap voor stap kunnen gebeuren, want we hebben het al veel te ver laten komen, die verwisseling van Christus en de Antichrist … 

Advertenties