De kloof tussen kunst en wetenschap

door lievendebrouwere

  

Voor het eerst na vele eeuwen werd met een dergelijke (antroposofische) werkwijze de mogelijkheid geopend voor een samenstromen van alle krachten die op de gebieden van kunst, wetenschap en religie werkzaam zijn. Een, sinds de laatste eeuwen steeds verder gaande, splitsing van deze drie gebieden kon hierdoor worden overwonnen. Daartoe is echter vóór alles een grondige afrekening nodig met de begrippen die vanuit het verleden in onze tijd bewaard zijn gebleven. In onze huidige cultuur spreekt men nu eenmaal steeds van de tegenstelling tussen kunst en wetenschap. Tegenover elkaar staan de kunstenaar en de wetenschapper. Beide hebben hun eigen manier om de problemen te zien en te verwerken. De tegenstelling wordt wederzijds geaccepteerd met de stilzwijgende erkenning van de bestaande kloof. Dat is bij een geesteswetenschap zoals Rudolf Steiner die bedoelde, voor de toekomst niet meer mogelijk. Een werkelijk verdere ontwikkeling zal pas ontstaan wanneer men tot een nieuw begrip komt van de uit de geesteswetenschap levende, werkende, scheppende mens, die door zijn uiterlijke beroep weliswaar meer in de ene dan in de andere richting zal worden gedreven, maar die dat beroep juist een nieuwe zin geeft doordat het voor hem niet onder wetenschap of kunst valt, maar pas inhoud en vorm krijgt vanuit het algemeen geesteswetenschappelijke. De geestzoekende, de uit de geest levende mens, valt niet meer onder een bepaalde categorie. Door hem ‘kunstenaar’ of ‘wetenschapper’ te noemen, bindt men hem aan het verleden vast. Dit probleem wordt hier slechts aangeroerd omdat betrekkelijk spoedig na Rudolf Steiners heengaan in de vereniging een tendens is opgekomen om de oude tegenstelling weer te accentueren. 

(Willem Zeylmans van Emmichoven, Ontwikkeling en Geestesstrijd 1923 – 1935) 

Advertenties