Feminisme en politieke correctheid (4)

door lievendebrouwere

  

In het feministische pamflet Ausnahmlos dat werd gepubliceerd naar aanleiding van de aanrandingen in Keulen staat volgende merkwaardige stelling: Reports about sexualised violence must not ridicule the survivors and trivialise the crimes for example by describing rape as a ‘sex-crime’. Sexualised violence has nothing to do with sex. Volgens deze Duitse feministen heeft geweld dus niets te maken met sex. Wie zich ooit al op het sexuele pad begeven heeft, weet wel beter. Goede sex heeft vaak, zo niet altijd, iets gewelddadigs, iets wilds, iets dat over de schreef gaat. Sex is sowieso grensoverschrijdend, het schakelt de persoonlijke immuniteit uit, het dringt door in een gebied dat anders zorgvuldig afgesloten blijft. Het weerspiegelt in het groot wat er in het klein gebeurt wanneer een zaadcel een eicel binnendringt: er ontstaat chaos en vernietiging. Sex is dus een aanslag op de persoonlijke integriteit van de mens, een brutale verstoring van de harmonie. En dat zou niets met geweld te maken hebben? In wat voor wereld leven die feministen eigenlijk? Het antwoord ligt voor de hand: in een wereld zonder mannen. Wat doorklinkt in hun pamflet – ongewild mogen we hopen – is het verlangen naar een louter vrouwelijke wereld, een wereld zonder sex en geweld. 

Hoeveel mooie woorden feministen ook gebruiken, ze kunnen dit verlangen niet verbergen. Ze dromen van een wereld zonder mannen, een wereld zonder geweld. Logischerwijs is dat ook een wereld zonder kinderen, want niet alleen zijn er zonder mannen geen kinderen, maar zonder geweld kunnen kinderen ook niet ter wereld komen. En inderdaad, feministen spreken nooit over kinderen. Daar hebben ze geen tijd voor, want ze steken al hun energie in de strijd met de mannen. Dat is natuurlijk zo tegenstrijdig als maar kan. Enerzijds dromen feministen van een wereld zonder mannen en zonder geweld, maar anderzijds zoeken ze voortdurend de (harde) confrontatie met die mannen, en bekommeren ze zich niet om een eventuele vruchtbare samenwerking waaruit – fysieke of geestelijke – kinderen zouden kunnen voortkomen. Feministen dromen van een wereld zonder aanrandingen, verkrachtingen en machtswellust, maar ze werpen zich wel op als verdedigers van de islam, zelfs in zijn meest vrouwvijandige vormen, alsof ze tegelijk ook dromen van rauwe, dierlijke sex waarbij ze brutaal worden genomen door mannen die ongegeneerd macht over hen uitoefenen. Ondanks hun agressieve mannelijke houding blijven feministen hoe dan ook … vrouwen. 

Het is dit – typisch vrouwelijke – tegenstrijdige gedrag dat mannen tot wanhoop drijft. En tot geweld. Want wat willen die vrouwen nu eigenlijk? Willen ze een lieve, zachtaardige man die al hun wensen inwilligt, of willen ze een brutale macho aan wie ze zich zelf kunnen onderwerpen? Het antwoord is natuurlijk dat ze het allebei willen. Vrouwen willen het onmogelijke, vandaar hun eeuwige ontevredenheid, hun spreekwoordelijke gezeur en gekijf. Vandaar ook het typische gedrag van de man die er vanonder muist omdat hij de spanning niet langer kan verdragen, de man die optrekt met andere mannen om verlost te zijn van de eisen van zijn vrouw waaraan hij toch nooit kan voldoen, de man die zijn vrouw met de kinderen laat zitten. Het is misschien een karikaturale voorstelling van zaken, maar dat is het feminisme ook. Feministen lijken de moderne man in een hoek te willen dringen met hun onmogelijke, tegenstrijdige eisen. Geen wonder dat die man gewelddadig wordt! Eigenlijk is het merkwaardig dat zowel mannen als vrouwen zich zo karikaturaal gedragen in een tijd die zich laat voorstaan op zijn rationaliteit en beschaving. La guerre des sexes is heviger dan ooit. Hij kan zelfs model staan voor de hedendaagse wereld: overal is de spanning tussen de tegenpolen te snijden.   

We kunnen deze gepolariseerde situatie op twee manieren bekijken: positief of negatief. We kunnen ons de haren uit het hoofd rukken en uitroepen: waar moet dit heen? Het is dan ook geen fraai gezicht: de vijandigheid tussen man en vrouw, moslim en christen, rijk en arm, links en rechts, blank en gekleurd, klassiek en hedendaags – tussen yin en yang zeg maar – is zo groot geworden dat niemand weet hoe dat ooit nog goed kan komen. Het is om wanhopig van te worden. Maar dat is natuurlijk een vrouwelijk-emotionele reactie. De vraag is of we de situatie ook op een mannelijk-rationele manier kunnen bekijken. Op het eerste gezicht wel: er zijn tal van analyses die de toestand in de wereld nuchter benaderen zonder te vervallen in verontwaardiging, woede, verdriet, afkeer, medelijden, haat, onverdraagzaamheid, enzovoort. Maar deze analyses relativeren, nuanceren en minimaliseren de zaken zodanig dat ze eigenlijk de ogen sluiten voor de ernst van de situatie. Hun rationaliteit is schijn, hun mannelijkheid niet meer dan een pose. Ze vertegenwoordigen eigenlijk het verleden, dat de oplossing voor een probleem altijd zocht in het herstellen van het evenwicht tussen tegenstellingen. Maar die oplossing werkt niet meer, daarvoor zijn de spanningen te groot geworden. 

De aloude appeasement-politiek werkt niet meer. De zachte aanpak maakt de zaken alleen maar erger. We hoeven maar te denken aan het moslim-probleem, dat door onze toegeeflijke houding pas écht een probleem is geworden. Een vrouwelijke, welwillende aanpak schept niet langer evenwicht, ze leidt alleen maar tot nog fellere mannelijke reacties, en omgekeerd. Er is a point of no return bereikt, we kunnen niet meer terug naar de beproefde remedies van het verleden. Het is alsof de hele wereld meegesleurd wordt in een sexuele roes die zo verhit is geraakt dat ze niet meer afgekoeld kan worden. Iedere poging daartoe, maakt die roes pas echt explosief. Men kan zich bijvoorbeeld levendig voorstellen hoe feministen zouden reageren als hun scherpe kritiek op de man teruggekaatst werd of zelfs maar gerelativeerd: ze zouden ontploffen van woede en verontwaardiging. En inderdaad, de enige remedie voor de zo hoog oplopende spanningen in de wereld is … een explosie – maar dan geen mannelijk-fysieke explosie, want die veroorzaakt alleen maar een kettingreactie van vernietigend geweld, en ook geen vrouwelijk-emotionele explosie, want ook daar komt geen eind aan. Nee, de explosie die we nodig hebben, is een mannelijk-vrouwelijke explosie, een bewustzijnsexplosie. 

De sexualiteit, wier polariserende dynamiek zo allesbepalend is geworden in onze tijd, toont ons waar de oplossing ligt voor de huidige escalerende spanningen: ze ligt in een ‘innerlijke’ explosie, in een bevruchting van het vrouwelijke door het mannelijke. Deze explosie – die we beleven als een orgasme – maakt op slag een eind aan de ondraaglijke spanningen: ze verandert oorlog in vrede. Ze gaat niet in tegen la guerre des sexes die iedere geslachtsdaad in wezen is, integendeel, ze drijft de ‘oorlogsinspanningen’ nog verder op, tot ze ‘exploderen’. Maar – en dat is essentieel – ze exploderen op een heel ander gebied, een gebied dat het verst van onze gedachten af staat. We moeten ons maar even voorstellen wat sex zou zijn als we niks afwisten van het fenomeen ‘orgasme’, als we niet wisten dat de sexuele spanningen op hun hoogtepunt altijd omslaan in hun tegendeel. We zouden dan de situatie hebben zoals we die vandaag op wereldvlak aantreffen: een mensheid die steeds heviger slaags raakt met zichzelf, die geen eind kan maken aan de vijandelijkheden, en die zich wanhopig afvraagt waar al dat geweld zal eindigen. Eén orgasme volstaat om te weten hoe sex werkt. Het probleem is dat we zo’n orgasme alleen op fysiek gebied kennen, niet op geestelijk gebied. 

Helemaal waar is dat nochtans niet. Op het gebied van het denken kennen we wel degelijk een (bewustzijns)orgasme, en wel wanneer de waarheid tot ons doordringt. De vreugde die we dan beleven, is de geestelijke pendant van het fysieke orgasme. En net als dit laatste is het meestal het resultaat van een langdurige, intense ‘wrijving en botsing’ tussen tegengestelde ideeën. Du choc des idées jaillit la lumière. Er is vaak een hevige ideeënstrijd nodig vóór de waarheid verschijnt. Net als de sexualiteit verliep het denken vroeger veel minder bewust. De waarheid werd geopenbaard, zonder dat de mens zich daar zo hevig moest voor inspannen als vandaag. Maar zowel de sexualiteit als het denken zijn helemaal in handen van de mens gekomen. Het hangt nu helemaal van hemzelf af of kinderen geboren worden dan wel of de waarheid gevonden wordt. Het verband tussen beide wordt trouwens steeds dudelijker: hoe meer de mens gaat denken, des te minder kinderen brengt hij voort. Het zijn dezelfde krachten die in de sexualiteit en in het denken werkzaam zijn. Hoe meer ze voor het een gebruikt worden, des te minder blijft er over voor het ander. Een mensheid die zich overgeeft aan la guerre des sexes is een mensheid die geen fut meer heeft om de ideeënstrijd uit te vechten. 

Het moderne feminisme is in feite een sexualisering van de relatie tussen man en vrouw. Men zoekt de confrontatie, en aan kinderen wordt niet gedacht. De politieke correctheid is net hetzelfde: ze drijft de spanningen tussen bevolkingsgroepen op en is absoluut niet geïnteresseerd in een vruchtbare samenwerking. Ze worden dan ook allebei gekenmerkt door een ontstellende geestelijke armoede. Ze doen alsof ze denken, maar hun denken mist alle kracht. Het is volkomen onvruchtbaar en vermijdt de confrontatie met andersdenkenden. Het is alsof de idee van het ‘geestelijke orgasme’ volkomen uit hun bewustzijn is verdwenen, terwijl het juist veel helderder zou moeten worden. Nu, meer dan ooit, moet het bewustzijn ontstaan van de waarde van de ideeënstrijd, en van de mogelijkheid dat die strijd uitmondt in het ‘orgasme’ van de waarheid. Dat vertrouwen moet niet alleen hersteld worden, het moet ook versterkt worden zodat we gaan zien dat de sexuele dynamiek in wezen een geestelijke dynamiek is, en omgekeerd. De bewustzijnsexplosie die we nodig hebben, is het verschijnen van de waarheid die beide zo tegengestelde gebieden met elkaar verbindt en die geboren wordt uit de – bewuste en vrijwillige – ‘wrijving’ tussen beide.

Advertenties