Titanic (1)

door lievendebrouwere

  

In een vorig bericht noemde ik Titanic de laatste grote film, de zwanenzang van de klassieke filmkunst. Op het eerste gezicht is daar natuurlijk niet veel van te merken. De filmindustrie draait nog altijd op volle toeren en Titanic heeft de naam een sentimentele love story te zijn. Maar schijn bedriegt. Wie dieper kijkt, merkt dat de neergang van de klassieke film wel degelijk begonnen is: films zoals Titanic worden niet meer gemaakt. Ik herinner me nog de eerste keer dat ik de film zag. Ik was meegetroond door een gezelschap, want uit eigen beweging zou ik de film waarschijnlijk niet zijn gaan zien. Rampenfilms zeggen me niets: veel spektakel en weinig inhoud. Dat bleek ook zo te zijn. Maar Titanic was voortreffelijk gemaakt en ik heb altijd bewondering voor mensen die hun vak verstaan. Ik was dus aangenaam verrast. Maar wat me nog meer verraste, was de gedachte die aan het eind van de film in me opkwam. Toen ik de achtersteven van de Titanic als een reusachtig mechanisch monster uit de zee zag oprijzen, drong het als in een flits tot me door: dit is geen fictie, dit is werkelijkheid! Het zinkende schip was een metafoor voor een wereld die ten onder ging. Later zou ik begrijpen dat de hele film, van begin tot eind, één grote metafoor was, maar voorlopig bleef het bij die ene flits van intuïtief inzicht. 

Ik begon pas over Titanic na te denken naar aanleiding van een schooltoneel van mijn jongste dochter. Van dat toneel zelf herinner ik me niks meer, behalve dat één beeld eruit me de sleutel verschafte waarmee ik toegang kreeg tot de metaforische dimensie van Titanic. Onder het oppervlak van de film bleek nog een tweede film schuil te gaan, die even diepzinnig was als de eerste oppervlakkig leek. Geleidelijk kwam ik tot de conclusie dat Titanic in feite een moderne versie is van de zoektocht naar de graal. Ik maak me trouwens sterk dat deze esoterische inhoud verantwoordelijk is voor het gigantische succes van de film. Natuurlijk bezit Titanic ook zonder die dubbele bodem kwaliteiten genoeg om dat succes te verklaren, maar dat kan bijvoorbeeld niet gezegd worden van De Da Vinci Code, het boek dat zes jaar later een even gigantisch succes werd. Deze thriller verschilt in niets van talloze andere, veel minder succesrijke thrillers, behalve dan dat hij eveneens een moderne zoektocht naar de graal tot onderwerp heeft. Het monstersucces van zowel Titanic als de De Da Vinci Code doet vermoeden dat het graalthema de moderne mens heel sterk aanspreekt, ook al is hij zich daar totaal niet van bewust. Hij wordt er instinctief toe aangetrokken zonder te weten wat het is dat hem aantrekt. 

Titanic is een nauwkeurige reconstructie van de scheepsramp uit 1912, maar het is tegelijk een metafoor voor de ondergang van de moderne beschaving, en het is ten slotte ook een beeld van iets wat zich diep in de ziel van de moderne mens afspeelt: de zoektocht naar de graal. De film speelt zich af op drie verschillende gebieden: de uiterlijke werkelijkheid, de innerlijke werkelijkheid en de kunstzinnige werkelijkheid (die beide andere met elkaar verbindt). Vooral die laatste werkelijkheid is buitengewoon merkwaardig, want ze maakt van Titanic een film die over … zichzelf gaat. We zien in de film trouwens drie keer het beeld opduiken van een man die de Titanic filmt. Het filmen zelf wordt dus gefilmd. Titanic is inderdaad een kunstwerk dat … zichzelf tot onderwerp heeft. De ondergang van het beroemde schip is niet alleen een metafoor voor de ondergang van de film, maar ook voor de ondergang van de klassieke kunst. De filmkunst bundelt namelijk de verschillende klassieke kunsten – beeldende kunst, literatuur, muziek, theater – samen tot één geheel. En Titanic doet hetzelfde met geboorte en dood van de klassieke kunst: hij combineert de dramatiek van de Griekse tragedies met de reflectie van de Hedendaagse Kunst. Dat maakt deze film tot een samenvatting, zowel in ruimte als tijd, van de hele klassieke kunst.

De Griekse tragedies waren mysteriedrama’s die door het grote publiek intens meebeleefd werden en daardoor een catharsis of innerlijke bevrijding veroorzaakten. Reflectie kwam daar niet aan te pas. In de Hedendaagse Kunst gebeurt net het tegenovergestelde: een klein en select publiek van intellectuelen denkt intens na over kunstwerken en performances die iedere gevoelsmatige beleving afwijzen. Een grotere tegenstelling dan tussen deze uitersten (van de klassieke kunst) is niet denkbaar, en toch wordt ze door Titanic overbrugd. Deze film spreekt zowel de gevoelens van het grote publiek aan als het verstand van de intellectueel, en wel in de allerhoogste mate. Want het gaat hier beslist niet om een compromis – een beetje voelen en een beetje denken – maar om een werkelijke coniunctio oppositorum: een samenvallen van de tegenpolen. Een intense beleving, die reikt tot de grenzen van de geestelijke wereld waar de eeuwige oerbeelden leven (zoals de zoektocht naar de graal), gaat hier samen met een rationeel denken dat zich tot het uiterste moet inspannen om enig licht te brengen in de onwaarschijnlijke complexiteit van deze overweldigende wereld. De beleving spoort het denken aan en het denken verdiept de beleving, in een wederzijds bevruchten. 

Deze coniunctio oppositorum is een verbijsterend verschijnsel voor ons moderne bewustzijn, want dat is helemaal gebaseerd op het tegenovergestelde: op de scheiding der tegenpolen. We hebben ons heldere, rationele bewustzijn te danken aan de scherpe grens die we trekken tussen verstand en gevoel. De wetenschap berust op het radicale afwijzen van alle persoonlijke emoties, terwijl de kunst berust op het radicale afwijzen van alle abstracte gedachten. Juist door die scheiding hebben beide zich kunnen ontwikkelen tot het niveau dat ze vandaag bereikt hebben. Maar die scheiding heeft een grens bereikt, dat kunnen we aflezen aan het feit dat kunst en wetenschap ongemerkt en ongewild weer in elkaar beginnen door te dringen. Kunst en wetenschap zijn als man en vrouw: ze zijn afzonderlijk opgegroeid, ieder in hun eigen wereld, maar nu zijn ze bij wijze van spreken geslachtsrijp geworden: ze zijn klaar om een relatie aan te gaan. Dat kan op twee manieren: bewust of onbewust. In het ene geval worden ze gedreven door sexuele krachten die, wanneer ze extreem worden, ontaarden in geweld. In het andere geval laten ze zich leiden door liefde en transformeren ze de duistere, blinde krachten van de sexualiteit tot het hoofse, kunstzinnige liefdesspel tussen man en vrouw. 

Titanic bezit het overweldigende, meeslepende karakter dat eigen is aan de filmkunst en dat een product is van de sexuele krachten die vandaag overal in de wereld werkzaam zijn. Dat komt niet alleen tot uitdrukking in de inhoud van de moderne film (die hoofdzakelijk uit sex en geweld bestaat) maar ook in zijn vorm. We geven ons over aan een film zoals we ons overgeven aan de sexualiteit: we laten ons wegzakken in een warm bad van zintuiglijke indrukken en vergeten alles om ons heen. Voor veel mensen (Wittgenstein!) is filmkijken een probaat middel om hun gedachten stil te zetten, om een paar uur lang alleen maar waarneming en beleving te zijn. Geen kunst wijst het denken zo krachtig af als de filmkunst. Titanic vormt daar geen uitzondering op. De film is een overweldigend spektakel dat de kijker bijna drie uur aan het scherm kluistert en hem na afloop ademloos achterlaat. Het is, zou je kunnen zeggen, pure mind sex. We krijgen de tijd niet om na te denken, en ook nadien is er geen reden om over de film te reflecteren. Waarom zouden we ook? Niemand begint na te denken na het vrijen, wel integendeel. We voelen ons juist bevrijd van alle muizenissen in ons hoofd. Dat is na het zien van Titanic niet anders. We bevinden ons dan in een andere wereld, een wereld waarin alleen gedroomd wordt. 

Titanic is in alle opzichten een beeld van onze moderne wereld: een wereld die ons verslaafd maakt aan zintuiglijke genietingen en die ons denken reduceert tot een middel om die genietingen groter te maken. De filmkunst is daar het mooiste voorbeeld van: er is onvoorstelbaar veel denkwerk geïnvesteerd in de technologie die de moderne film mogelijk maakt. Vergelijk dat maar eens met de primitieve middelen die de schilder of de beeldhouwer gebruikt. Maar al dat denkvermogen staat ten dienste van louter zintuiglijk genot dat in wezen sexueel van aard is en geen ander doel heeft dan zichzelf. De filmkunst verschilt daarin niet van de hedendaagse werkelijkheid. De moderne mens heeft geen ander doel dan zichzelf: hij probeert zoveel mogelijk te genieten. Daar zijn al zijn denkinspanningen op gericht. Zelfs de wetenschap probeert allang niet meer om de wereld te begrijpen, ze streeft alleen nog macht na. Ze wil de wereld (met geweld) onderwerpen om er des meer genot uit te kunnen puren. De wetenschap (en de wetenschappelijk gevormde mens) gedraagt zich tegenover de werkelijkheid als een man die van zijn vrouw een lustobject maakt. Wat die man niet beseft – en wat ook wij niet beseffen – is dat we op die manier opgesloten raken in onszelf en alleen nog aan zelfbevrediging doen. 

Dat is wat sex met een mens doet, dat is ook wat de moderne kunst én de moderne wetenschap met ons doen. En juist daarom is Titanic een godsgeschenk. Want deze film, die als geen ander onze moderne materialistische wereld in al zijn aspecten belichaamt, biedt ons de mogelijkheid om bewust door te dringen in die ‘gesexualiseerde’ wereld en verlost te raken uit ons onszelf. De film ‘vergeestelijkt’ het hele sexuele proces in die mate dat ons denkende bewustzijn er toegang kan tot krijgen. Pas wanneer we die kans grijpen en beginnen na te denken over Titanic dringt het (langzaam) tot ons door hoe intens sexueel deze film is. Hij toont ons het sexuele proces op alle niveaus van de werkelijkheid, behalve op het fysieke niveau. Daar stijgt hij juist bovenuit. Jack en Rose doen ‘het’ wel degelijk met elkaar, en hun sexuele vereniging vormt zelfs het middelpunt van de film – een middelpunt dat veelbetekenend genoeg samenvalt met de fatale botsing met de ijsberg – maar toch zien we die fysieke vereniging niet. We moeten ze ons ‘verbeelden’. Dat geldt trouwens voor de hele film: zijn kosmisch-sexuele karakter wordt pas zichtbaar in en door onze bewuste beeldvorming. Op die manier tillen we de sexualiteit (verder) in het domein van de vrijheid en de liefde, en wordt het tot een kenvermogen. 

Het spreekt vanzelf dat dit geen eenvoudige opgave is. We moeten ons een nieuwe, kunstzinniger manier van denken eigen maken. Maar van zodra we dat proberen, ondervinden we dat Titanic ons als het ware tegemoet komt. Want de film is een nieuw soort ‘denkende’ kunst, en het loutere bestaan ervan is een wonder. Titanic is een onvoorstelbare prestatie, zowel op materieel vlak als op geestelijk vlak. Dit ‘laatste der grote klassieke kunstwerken’ is tegelijk drager van het zaad van een nieuwe toekomstige kunst. In tegenstelling tot wat de Hedendaagse Kunst ons wil doen geloven, bestaat die nieuwe kunst nog (lang) niet. Maar ze is wel reeds als ‘potentie’ aanwezig in de ‘oude’ kunst en ze wacht tot ze door ons ‘gerealiseerd’ wordt. Titanic geeft ons een idee van het christelijke karakter van deze kunst, want de film laat ons helemaal vrij in het realiseren van zijn potentie, in het zichtbaar maken van zijn esoterische, spirituele dimensie. De film toont ons tegelijk hoe moeilijk het is zo’n vrije daad te stellen, maar hij doet dat met zoveel begrip en liefde voor de zwakke, falende mens dat het moeilijk is om niet diep getroffen te worden door dit genereuze gebaar. En op die manier wordt het kennend doordringen in deze film een beantwoorden van zijn ‘vleesgeworden’ liefde. 

Advertenties