Sexisme en materialisme

door lievendebrouwere

  

Onwaarachtigheid doet bovenzinnelijke ervaringen wegsmelten. Dat willen mensen maar niet geloven. Toch is het zo. De eerste eis met betrekking tot de bovenzinnelijke wereld is de pijnlijkste waarachtigheid ten aanzien van de zintuiglijke ervaringen. Wie het daar niet zo nauw mee neemt, kan nooit tot een juiste opvatting van de bovenzinnelijke wereld komen.

(Rudolf Steiner – GA 196 – Dornach, 18 januari 1920)

Dit is Yasmine Schillebeeckx. Ze is 25 en blogster over gender issues en female empowerment. Nadat een blogbericht van haar de krant haalde en ze mee aan de basis stond van #WijOverdrijvenNiet, heeft ze nu een boek geschreven over sexisme: Echte vrouwen bestaan niet. Het gaat snel voor Yasmine. Klagen over sexisme loont, en aangezien Yasmine overal sexisme ziet, zal ze nog niet gauw uitgeklaagd zijn. Tja, je bent een vrouw of je bent het niet! Klagen zit vrouwen in het bloed en dat komt doordat ze een etherische man in zich hebben. Die etherische man is heel idealistisch ingesteld en vindt de realiteit in hoge mate tekortschieten. De fysieke vrouw daarentegen is realistisch en past zich aan de omstandigheden aan. Dat maakt het voor een vrouw niet eenvoudig om een evenwicht te vinden tussen deze tegenpolen. Neigt ze teveel naar de fysieke kant, dan past ze zich aan tot ze zelf niet meer bestaat. Neigt ze teveel naar de etherische kant, dan wil ze alles veranderen en is ze nergens tevreden over. Neigt ze naar allebei tegelijk dan krijg je iemand als Yasmine Schillebeeckx.

Nu moet ik toegeven dat ik deze blogster van haar noch pluimen ken. Eigenlijk heb ik in de krant slechts één zinnetje van haar gelezen, maar dat volstond. ‘Vrouwen taxeren op hun uiterlijk? Ik betrap mezelf er ook op.’ Aldus Yasmine. Dat beschouwt ze dus als sexistisch, en daar wil ze iets aan doen. Het is nogal wat! Zou dat eigenlijk wel bestaan: mensen die vrouwen NIET op hun uiterlijk taxeren? Alle mannen doen het, dat spreekt vanzelf. En als ik vrouwen stiekem een blik zie werpen op een andere vrouw, dan is die blik doorgaans méér dan taxerend. Dus ook vrouwen doen het, zoals Yasmine trouwens toegeeft. Alleen kinderen doen het niet. Maar dat komt doordat ze nog geen oog hebben voor de uiterlijke wereld. Ze merken het niet eens als hun moeder in verwachting is en een buik als een ton heeft. Anders zouden ze haar wel taxeren, genadeloos zelfs. Want iederéén taxeert, een mens kan gewoon niet leven zonder te taxeren, hij moét zich een oordeel vormen over de wereld waarin hij leeft, want hij bezit geen instinct dat hem op ieder moment vertelt wat hij moet doen. 

Naarmate de mens opgroeit verliest hij het kinderlijke ‘helderziende’ vermogen en is hij aangewezen op het uiterlijk van dingen en mensen. Als hij die zichtbare wereld niet leert taxeren, loopt hij in zeven sloten tegelijk. Natuurlijk bestaat die zintuiglijk waarneembare wereld uit méér dan iemands fysieke uiterlijk. Hij bestaat ook uit wat iemand zegt en doet. Dáár moeten we mensen op beoordelen, lijkt Yasmine Schillebeeckx te zeggen, niet op hun uiterlijk. Maar is dat dan zoveel beter? We leven in politiek-correcte tijden: één verkeerd woord kan je carrière breken en je een levenslang stigma bezorgen. We beseffen nauwelijks nog hoe genadeloos we mensen indelen in goede (correcte) mensen en slechte (foute) mensen. We vinden dat heel normaal, even normaal als een man vrouwen indeelt in mooie en lelijke vrouwen. Over dat laatste winden we ons in toenemende mate op, het eerste daarentegen verdwijnt geleidelijk uit ons bewustzijn en wordt een instinct. Is dat dan zoveel beter en humaner dan het reflexmatige taxeren van vrouwen op hun uiterlijk? Of is het juist een stuk erger?

Als we mensen taxeren op hun woorden, staan we open voor alle mogelijke misleidingen, want mensen zeggen om het even wat. De leugen regeert de moderne wereld, het is vanzelfsprekend geworden om te liegen. In de islam is het zelfs een religieuze plicht. Wie een moslim op zijn woord gelooft moet accepteren dat de islam voor vrede staat en zijn ogen sluiten voor het geweld dat overal ter wereld van de islam uitgaat. En dat doen we ook. Ons vermogen om mensen te taxeren op hun daden is zo zwak geworden, dat we kruimeldieven zwaar veroordelen en zware criminelen vrijuit laten gaan. Als moslima’s ons uitdagen en sarren door overal hun hoofddoek op te dringen, dan interpreteren we dat als … het tegenovergestelde. Als vrouwen en kinderen massaal worden aangerand en misbruikt, dan reageren we door te waarschuwen voor … racisme. Ons oordeelsvermogen is zo zwak geworden dat we geen verschil meer zien tussen goed en kwaad. Zo gaat dat wanneer we ons, zoals Yasmine Schillebeeckx suggereert, enkel mogen richten op iemands woorden en daden. 

Ik herinner me nog dat ik mijn vrouw voor het eerst zag. Nog vóór ze iets had gezegd of gedaan, had ik haar getaxeerd. Op haar uiterlijk, jawel. En 40 jaar later houdt die taxatie nog altijd stand. Er zijn sindsdien ontelbare woorden gesproken (waar ik het lang niet altijd mee eens was) en ontelbare daden verricht (die me lang niet altijd gelukkig maakten) maar geen moment heb ik mijn allereerste taxatie moeten herzien. Ze staat nog altijd als een rots. Ze is eigenlijk de hoeksteen van mijn leven, want ik taxeer mensen en dingen nog vóór ik er iets van afweet. Ik beoordeel mensen nog vóór ze iets gezegd hebben en ik beoordeel kunstwerken nog vóór ik weet wie ze gemaakt heeft. Ik taxeer de hele wereld op zijn uiterlijk en op zijn uiterlijk alleen. Ik geef geen cent om een oordeel dat niet gebaseerd is op de uiterlijke wereld die ik met mijn zintuigen kan waarnemen. Wat dat betreft ben ik een overtuigd volgeling van Goethe. Ik hoef hem trouwens niet te volgen, ik ben al heel m’n leven een hartstochtelijk liefhebber van de uiterlijke, zintuiglijke wereld. Dat is de grond waarop ik sta. 

En die grond wil Yasmine Schillebeeckx – en de moderne feministen en politiek-correcten mét haar – onder mijn voeten vandaan halen. Niet alleen onder mijn voeten trouwens, want welke andere grond heeft de moderne mens om op te staan? De geestelijke wereld? Daar heeft hij geen enkele (bewuste) waarneming van. Alles is hier geloof, hypothese, speculatie en abstractie. Tot wat een dergelijke ‘bestaansgrond’ leidt, zien we in de hedendaagse islam: als we ons oordeel niet meer baseren op de concrete, zichtbare realiteit, maar op een onzichtbare Allah, dan komen we terecht in bedrog, leugen, geweld en zelfvernietiging. We zien het ook in de sacrosancte mensenrechten: ze zijn even tegenstrijdig als de islam en veroorzaken dan ook meer ellende dan ze voorkomen. Ze zijn niet gebaseerd op de zichtbare, uiterlijke werkelijkheid die we allemaal gemeen hebben, maar op een onzichtbare geestelijke werkelijkheid die ieder kan interpreteren zoals hij wil, waarna de sterkste wint en de anderen zijn interpretatie opdringt. Dat is wat moslims doen, dat is wat politiek-correcten doen, dat is wat Yasmine Schillebeeckx doet.  

Het streven naar gelijkheid tussen man en vrouw (en tussen mensen in het algemeen) is heel prijzenswaardig en heel humaan, maar onder dat wollige schaapsvel gaat een grauwe wolf schuil. De gelijkheid tussen man en vrouw bestaat namelijk alleen op geestelijk vlak, en aangezien de geestelijke dimensie ontkend wordt, zoeken we de gelijkheid waar ze NIET bestaat, namelijk op fysiek vlak. Als gevolg daarvan maken we onze zintuiglijke waarneming ondergeschikt aan het gelijkheidsideaal: we zien wat we willen zien en niet wat er echt te zien is. Want het uiterlijk van een mens weerspiegelt zijn Ik. We nemen beide waar wanneer we naar een mens kijken. Maar we onderdrukken de geestelijke dimensie van die waarneming, we willen ze eenvoudig niet zien en dus verdwijnt ze uit ons bewustzijn. Maar niet helemaal. Ze concentreert zich in het geslachtelijke: dat is namelijk een wereld waarvan we de geestelijke dimensie niet kunnen negeren. En juist doordat we de geestelijke dimensie van de rest van het menselijk uiterlijk miskennen, richt onze geestelijke honger zich op het geslachtelijke en wordt tot een verscheurende wolf.  

Yasmine Schillebeeckx wil niet langer getaxeerd worden op haar uiterlijk. Onzin natuurlijk! Waarom zouden vrouwen zoveel tijd besteden aan hun uiterlijk als het niet was omdat ze daarop getaxeerd willen worden! Ze willen echter niet materialistisch (en derhalve louter sexueel) getaxeerd worden. Ze willen getaxeerd op hun Ik zoals dat tot uiting komt in hun uiterlijke verschijning. Ze willen dat mannen de geestelijke dimensie van die verschijning leren onderscheiden. Ze willen dat hun lichaam gezien wordt als een kunstwerk en getaxeerd wordt door ervaren kunstliefhebbers die verder kijken dan het ‘mooie prentje’. Ze willen zeker geen ‘hedendaags’ kunstwerk zijn waarbij alleen de woorden van de kunstenaar ertoe doen. Het is de (kunstzinnige) eenheid van geest en materie die ze nastreven, maar daar zijn ze zich – als materialisten – niet van bewust. Als gevolg daarvan spreken ze zichzelf voortdurend tegen en hebben hun woorden net zoveel betekenis als de uitleg van een ‘hedendaags’ kunstenaar: geen dus. Want er is geen enkel verband met hun zintuiglijke verschijning. 

Advertenties