Vlaanderen en België

door lievendebrouwere

  

Waarom laat iedere Vlaamse voorman de Vlaamse Beweging in de steek als hij op Belgisch niveau actief wordt? Ja, dat is de vraag, nietwaar. Dat was ze in 1977 toen het Egmontpact werd gesloten onder impuls van Hugo Schiltz en Wilfried Martens, en dat is ze vandaag opnieuw. Gaat de N-VA nu een voor die partij tragische periode tegemoet, zoals het Egmontpact dat was voor de Volksunie? Volgens de recent gepubliceerde opiniepeiling van Het Laatste Nieuws die de aanhang van de N-VA laat dalen van ruim 32% bij de verkiezingen van 2014 naar iets meer dan 24%, ziet het er daar wel naar uit. Het volstaat dat het populariteitscijfer van de N-VA tussen nu en de volgende verkiezingen nog zal blijven dalen om een toestand te creëren zoals die van december 1978. Bij de verkiezingen van die datum verloor de Volksunie het grootste percentage kiezers dat na de Bevrijding ooit een partij had verloren. Dit was, als men de zaken vanop afstand beschouwt, het begin van het einde van de Volksunie.

Sinds de jongste verkiezingen en de regeringsdeelneming van een triomferend N-VA hangt dit perspectief in de lucht. Het incasseringsvermogen van de flamingant gaat zeer ver – zelfs de repressie heeft hij overleefd – maar er zijn grenzen. De vraag van de komende periode zal zijn of dat incasseringsvermogen nu bereikt werd, dan wel of er nog meer rek in zit. Dat is onvoorspelbaar en hangt van veel factoren af, maar het zou zeer onvoorzichtig zijn van de N-VA als ze er geen rekening mee hield. De N-VA heeft na de vorige verkiezingen een gok gewaagd die haar bestaansrecht op de helling zou kunnen zetten. Zij mocht in de Belgische regering komen op voorwaarde dat ze ophield Vlaamse eisen te stellen van welke aard ook. Men hoorde geen enkele N-VA’er de Vlaamse zaak bepleiten, behalve voor de façade in interviews en vlugschriften die aan de Franstaligen uitgelegd werden als propaganda.

Ik vrees dat de N-VA zich op een pad heeft gewaagd waarvan geen weg terug is. Als zij terugkomt op haar bereidheid om de Vlaamse zaak on hold te zetten dan verliest ze alles: de voordelen van de macht én de geloofwaardigheid. Het is te verwachten dat zij van nu af aan van toegeving naar toegeving zal rennen. Intussen zit het Vlaams Belang te wachten tot de vruchten vanzelf in haar schoot vallen. De partij wint ook als ze niets doet, ze wint vooral als ze niets doet. Want door te hervallen in de populistische retoriek die haar reeds de vorige desastreuze verkiezingsuitslag heeft opgeleverd, riskeert zij tussen het succes van vandaag – volgens Het Laatste Nieuws zou de partij 14% van de stemmen halen en de derde partij van Vlaanderen worden – en de verkiezingen van morgen, veel van haar nieuwe aanhang opnieuw te verliezen. De modale geradicaliseerde Vlaming slikt niet noodzakelijk de kreten waarmee VB nu uitpakt, zoals ‘Islamterreur: terugslaan’ of ‘Staat van Oorlog’. Dit is goed voor politieke kleuters. Wie spreekt na 32 doden nu van oorlog? De tienduizenden slachtoffers van het bombardement op Dresden keren zich om in hun graf dat ze niet gekregen hebben.

Het Vlaams Belang heeft, zoals het Vlaams Blok voordien, altijd geflirt met de overdrijving die ongeloofwaardig maakt. Dat is de reden waarom de partij sérieux mist, en wat meer is: waarom velen in het kieshokje nog altijd aarzelen om, ondanks hun onvrede met het beleid van de N-VA, voor het Vlaams Belang te stemmen. Het is niet het cordon sanitaire dat de partij tot onmacht veroordeelt, maar wel de aarzeling van zovele Vlaamsgezinden om zich te compromitteren met een politiek taalgebruik dat niet tot het Vlaamse erfgoed behoort, en dat de Vlaamse zachtmoedigheid tart. Velen hebben de neiging te zeggen: dat van het Vlaams Belang, is mijn Vlaanderen niet. Daar staat tegenover dat Karel Dillen wel gelijk had toen hij zei enkel aan een Belgische regering te zullen deelnemen als het de laatste zou zijn. Had Bart De Wever deze houding van Dillen maar tot de zijne gemaakt, in plaats van Schiltz achterna te hollen, de electorale dieperik in.

(Mark Grammens)

Advertenties