Lichtbaken (1)

door lievendebrouwere

  

Zoals u heeft kunnen merken is er de laatste maanden weinig activiteit te bespeuren geweest op deze blog. Dat wil echter niet zeggen dat ik mijn dagen in ledigheid heb doorgebracht, wel integendeel. Ik was me al die tijd aan het voorbereiden op de internationale antroposofische conferentie Lichtbaken die afgelopen weekend in Antwerpen plaatsvond en waar ik een workshop moest geven, iets wat ik nog nooit had gedaan. Een half jaar lang ben ik daarmee bezig geweest, ononderbroken, dag in dag uit, van ’s morgens tot ’s avonds, weekends inbegrepen. Alleen de verhuis van Destelbergen naar Scheldewindeke onderbrak wat de langst volgehouden inspanning van mijn leven is geworden. En dat allemaal om één uur lang te spreken en daarna wat vragen te beantwoorden. Was ik dan zo bang om een figuur te slaan in dat internationale gezelschap? Dat ook natuurlijk, maar er was nog een andere reden. 

Laat ik echter eerst iets vertellen over die conferentie. Het was lang geleden dat er in ons land nog eens een internationale antroposofische conferentie plaatsvond. De vraag is zelfs of dat ooit gebeurd is. Het ging dus om een uitzonderlijk evenement. Wat was de aanleiding? Waarover ging het? Wel, het ging om 1917. Dit jaar is het honderd jaar geleden dat … ja, wat gebeurde er eigenlijk in 1917? Wat was er zo bijzonder aan dat jaar dat er een hele conferentie werd aan gewijd? Tijdens een inleidende voordracht van Wilbert Lambrechts, de initiatiefnemer en ook degene die me gevraagd had om mee te doen, vernam ik dat 1917 het annus horribilis was van Europa. Het was het jaar dat de Amerikanen zich in de oorlog mengden, het was ook het jaar dat de bolsjevisten in Rusland aan de macht kwamen. Beide machtsblokken – het kapitalistische en het communistische – zouden Europa in twee scheuren en haar midden vernietigen. 

Duitsland werd vernederd, verketterd en gedemoniseerd, Europa gedegradeerd tot een vazalstaat van Amerika, en de EU breidde haar macht uit in communistische stijl. De uitersten vielen samen en het midden verdween spoorloos. Maar niet helemaal. Want in datzelfde onheilsjaar 1917 presenteerde Rudolf Steiner zijn driegeledingsidee, waar hij 30 jaar had aan gewerkt. De sociale toepassing ervan was volgens hem de enige oplossing voor het oorlogsgeweld dat een dualistische wereld teisterde. Dat werd uiteraard niet begrepen, laat staan aanvaard, maar het was een zaadje dat, aldus Steiner, gezaaid moest worden. En dat wilde de Antwerpse Lichtbaken-conferentie van 2017 herdenken. Ze wilde tevens een stand van zaken opmaken. Wat was er van dat zaadje geworden? Hoe had de driegeleding zich de afgelopen honderd jaar ontwikkeld? Daar mocht ik dus mijn steentje toe bijdragen.

Ook voor mezelf is 1917 een cruciaal jaar, want toen werd de hedendaagse kunst geboren, waarvan ik het bestrijden tot mijn levensmissie heb gemaakt. Precies honderd jaar geleden stelde Marcel Duchamp de pispot tentoon die in geen tijd de wereld zou veroveren en een eind maken aan een eeuwenoude artistieke traditie. Na al die tijd is mijn verbijstering daarover nog altijd even groot. Hoe is het in godsnaam mogelijk dat de schitterende Europese cultuur in pakweg vijftig jaar aan de kant werd geschoven door een ‘kunst’ wier spectrum zich uitstrekt tussen pispot en kakmachine? Het is in wezen dezelfde vraag hoe het mogelijk was dat het land van Goethe en Schiller in de ban kon raken van iemand als Hitler. Die vraag blijft tot op de huidige dag onbeantwoord. Er worden tal van redenen en verklaringen aangevoerd, maar geen ervan raakt de kern van de zaak. Want die kern is geestelijk van aard. De oorzaak van de val van Europa kan niet in de materiële wereld worden gevonden. 

Zou de conferentie doordringen tot de kern van de zaak? Zou zij antwoord geven op de vraag die ik al m’n hele leven stel? Dat was weinig waarschijnlijk. In een wereld die Joseph Beuys op handen draagt, kun je geen ‘helderziendheid’ op artistiek vlak verwachten. Ik zou het dus zelf moeten doen. Maar laat ik niet op de zaken vooruitlopen. Dat alles was nog niet aan de orde toen ik geëngageerd werd. De afspraak was dat ik het zou hebben over de relatie tussen tweegeleding en driegeleding. Daarover had ik enkele gedachten geformuleerd die blijkbaar in goede aarde waren gevallen. Over kunst was in eerste instantie geen sprake, laat staan over hedendaagse kunst. Het was dan ook het verst van mijn gedachten om daar op de Antwerpse conferentie over te beginnen. Dat zou ik bij mijn internationale debuut nooit gewaagd hebben. Een mens moet zijn plaats kennen. Maar het lot besliste daar anders over. 

(wordt vervolgd)

Advertenties