Corona (7)

door lievendebrouwere

  

De corona-crisis is een waarheidscrisis. Niet het coronavirus is het probleem, want ondanks alle onheilsberichten vallen er nog altijd niet noemenswaardig meer doden dan andere jaren. Het echte probleem is dat we overstelpt worden met informatie waarvan we niet weten of ze waar is. Experts voorspellen een katastrofe als er geen drastische maatregelen worden genomen, maar andere experts beweren dat die drastische maatregelen zelf de katastrofe zijn. Er wordt fake news verspreid dat vervolgens ontmaskerd wordt door factcheckers, maar die factcheckers worden er op hun beurt van beticht fake news te verspreiden. Het lijkt wel of er geen bericht de wereld kan in gestuurd worden zonder dat kort daarna ook het tegenovergestelde bericht de ronde doet. De moderne technologie confronteert ons dagelijks met tegenstrijdige berichten die ons van links naar rechts sleuren, van Himmelhoch jauchzend naar zum Tode betrübt, tot niemand nog weet wat hij moet geloven, tot niemand nog weet wat waar is en wat niet. 

Met name in de 21ste eeuw is die waarheidscrisis acuut geworden. Het begon met de dramatische beelden van 9/11 die de wereld rond gingen en onmiddellijk geduid werden door experts die ons wisten te vertellen dat het om een terroristische aanslag door Osama bin Laden ging. Ze legden ons haarfijn uit hoe de vliegtuigen de twin towers hadden doen instorten, maar het duurde niet lang voor er ook andere – niet minder gezaghebbende – stemmen klonken, die even haarfijn uitlegden dat zoiets onmogelijk was. De Amerikaanse regering wachtte de uitslag van deze discussie niet af en begon nog maar eens een oorlog. Nochtans was gebleken dat de vorige oorlog – Desert Storm – gebaseerd was op aanbevelingen van experts die zich compleet vergist hadden en dus fake news hadden verspreid. Inmiddels is het geweld in het Midden-Oosten zodanig geëscaleerd dat er geen enkele twijfel meer kan over bestaan: de remedie (de War on Terror) was duizend erger dan de kwaal (de terreuraanslag zelf). 

Dezelfde geschiedenis herhaalde zich toen de beelden van Al Gores An Inconvenient Truth de wereld rond gingen. Opnieuw spraken de experts elkaar tegen, opnieuw werd een oorlog verklaard. En na deze War on Climate is het vandaag dan de beurt aan de War on Corona. Voor de derde keer ontrolt zich hetzelfde scenario: dramatische beelden (overvolle ziekenhuizen, stervende patiënten en wanhopige artsen) gaan de wereld rond, experts slaan alarm en voorspellen miljoenen doden, tegenexperts ontkennen dat en beweren dat het om een gewone griep gaat. Het regent cijfers, statistieken, grafieken en tabellen tot niemand nog weet wat hij ervan moet denken. De overheid treedt eerst aarzelend op, daarna drastisch. Een deel van de bevolking houdt zich strikt aan de regels en blijft ‘in haar kot’, een ander deel neemt het niet zo nauw en gaat op een bank in de zon zitten. De gehoorzamen zijn verontwaardigd over de ongehoorzamen, de spanningen nemen toe. Overal heerst onzekerheid en tegenspraak.

De verdeeldheid van de bevolking valt terug te voeren op de verdeeldheid van de experts, die het niet eens kunnen worden met elkaar. Meer nog dan de klimaatkwestie en 9/11, is de corona-crisis een crisis van het weten, een crisis van de wetenschap. Vroeger kwamen we tot weten via openbaring, via de bovenzintuiglijke waarnemingen van experts. Maar sinds Christus de vijgeboom deed verdorren, is die kennisweg voor ons afgesloten. Christus – het wezen van de waarheid – heeft zich met de aarde verbonden en kan alleen nog op aardse wijze gevonden worden – dat wil zeggen door middel van wetenschap, door middel van zintuiglijke waarneming en logisch denken. Maar meer dan een weg naar de waarheid is de wetenschap niet, de waarheid zelf – wier rijk niet van deze wereld is – kan ze ons niet geven. Anders dan men pleegt te denken, biedt de wetenschap ons geen zekerheid, integendeel. De onzekerheid is haar kruis maar ook haar zegen, want op die manier schept ze ruimte voor vrijheid.

De wetenschap stelt in vraag, ze zaait twijfel en oogst inzicht. Maar dat inzicht is nooit absoluut, het is voortschrijdend inzicht. De wetenschap is in voortdurende ontwikkeling, ze leert van haar fouten en herstelt ze door ideeën te laten botsen. Houdt die choc des idées echter op dan komt de wetenschap tot stilstand en verstart. Dat is wat we vandaag meemaken: tegengestelde meningen botsen niet meer, ze gaan de confrontatie uit de weg, ze graven zich in. Als gevolg daarvan blijft de ruimte voor vrijheid leeg en wordt ze ingenomen door machthebbers. Als de tegenspraak van de wetenschap onvruchtbaar wordt en geen nieuwe inzichten meer oplevert, dan zaait ze alleen nog twijfel, onzekerheid en angst. Die vormen de gedroomde voedingsbodem voor de macht: de parasitaire overheid gedraagt zich als een virus dat de bevolking des te meer kan infecteren naarmate deze angstig en onzeker is. Als er niet meer naar waarheid wordt gezocht, verliest de bevolking haar vrijheid en valt ten prooi aan de macht. 

Wat aanvankelijk een virus-epidemie was, is door het falen van de wetenschap een angst-epidemie geworden die dreigt te ontaarden in een machts-epidemie. Met Pasen was het moment bereikt waarop de experts voorspeld hadden dat de piek zou komen. Maar inmiddels voorspellen ze al nieuwe pieken, vooral als de bevolking niet doet wat haar opgedragen wordt. De angst en de onzekerheid nemen toe, mensen worden agressief en maken zich kwaad op degenen die de regels niet volgen. De oorlog tegen het coronavirus dreigt niet alleen een oorlog tegen de bevolking te worden, maar ook een oorlog onder de bevolking. En dat allemaal omdat de wetenschap tot stilstand is gekomen, omdat ze verstard is tot een beeld van tweedracht en onenigheid, een beeld dat we vandaag op wereldschaal zien verschijnen. De corona-crisis houdt de moderne wetenschap een spiegel voor en zolang ze zichzelf niet herkent in die spiegel, zal het beeld niet veranderen en zullen de crisissen elkaar blijven opvolgen. 

Wat we vandaag in de ‘wereldspiegel’ waarnemen, is hoe nauw de moderne wetenschap gelieerd is aan de macht. Haar grondlegger, Francis Bacon, vond dat we de natuur haar geheimen moesten ontfutselen door haar op de pijnbank te leggen, en dat hebben we ook gedaan. Het sprekendste voorbeeld van die geweldpleging is de deeltjesversneller in Genève, waar de materie met zoveel kracht in botsing wordt gebracht met andere materie dat ze versplintert tot ‘elementaire deeltjes’. Tegelijk is deze deeltjesversneller een beeld van de cirkel die rond is: het wetenschappelijke geweld heeft zich tegen zichzelf gekeerd. Het is niet de natuur die zich vandaag vijandig toont tegenover de mens, het is de wetenschappelijk verstarde mens zelf die zijn eigen grootste vijand is geworden. Een ander sprekend (sic) voorbeeld van die vermenging van wetenschap en macht is Marc Van Ranst, een wetenschapper die niet langer in zijn labo werkt, maar dagelijks vanop televisie de bevolking vertelt wat ze moet doen. 

Het is niet het coronavirus dat mensen vandaag opsluit ‘in hun kot’ en hen onderwerpt aan soms absurde regels, het is de samenwerking tussen wetenschap en macht die dat doet, de macht van de overheid, de macht van de farmaceutische industrie, de macht van het grote kapitaal. Die troebele vermenging is het gezicht van deze crisis, het gezicht dat we in de spiegel zien verschijnen en niet durven herkennen. Wat we niet onder ogen durven zien is dat de wetenschappelijke twijfel die ooit zo vruchtbaar was, vandaag een vernietigende kracht is geworden die zich tegen onszelf heeft gekeerd. We hebben die kracht ontwikkeld door vragen te stellen, door wetenschappelijke twijfel te zaaien, door ruimte voor onzekerheid en vrijheid te scheppen. Maar die twijfel is nu een doel op zich geworden, een middel om angst te verspreiden en macht uit te oefenen. We zijn – in meer dan één betekenis – verslaafd geraakt aan de macht, en het is die machtsverslaving die de wereld in zijn greep houdt en langzaam wurgt.

We zijn vandaag getuige van een ongeziene machtsontplooiing: zowat de hele wereldbevolking wordt opgesloten en gevangen gezet. De machtsontplooiers beroepen zich daarvoor op het gezag van de wetenschap, een gezag dat wij blindelings volgen omdat de wetenschap dagelijks haar macht over de natuur demonstreert. Zonder die macht zouden we niet meer kunnen (of willen) leven. We zijn compleet afhankelijk geworden van die wetenschappelijke macht, we zijn eraan verslaafd geraakt. Ze heeft ons gereduceerd tot blinde en angstige gelovigen die zich in hun kot laten opsluiten als pluimvee. De wetenschap heeft het geloof overwonnen, maar nu is ze zelf een geloof geworden, een wetenschapskerk die machtiger is dan welke religieuze kerk ooit was. We zijn met andere woorden van de regen in de drop terechtgekomen. De wetenschap, die ons vrij zou maken, berooft ons vandaag van onze vrijheid op een schaal die we enkele maanden geleden nog niet voor mogelijk hielden. 

De wereldwijde corona-crisis confronteert ons met de vraag: wat is er verkeerd gegaan? Het antwoord luidt: de wetenschap is verslaafd geraakt aan de macht. Machtswellust ligt ten grondslag aan de moderne wetenschap en vandaag komt ze aan de oppervlakte: overal duiken wetenschappers op die de bevolking vertellen wat ze moet doen en laten. Ze tonen ons hoe we onze handen moeten wassen, hoe we moeten winkelen, hoe we moeten niezen, ze tonen ons nog net niet hoe we het toiletpapier moeten gebruiken dat we gehamsterd hebben. Het is sterker dan henzelf. De wetenschap keert zich als het ware binnenstebuiten en we zien haar verborgen kern van macht en geweld verschijnen. We zagen dat reeds tijdens de klimaatkwestie, toen de verzamelde wetenschap aandrong op drastische maatregelen. Tegelijk zagen we hoe de buitenkant – de zekerheid, de objectiviteit – onzichtbaar werd: de wetenschappelijke voorspellingen kwamen niet uit, ze bleken fake news.

Weten maakt plaats voor macht. De hedendaagse wetenschap laat haar masker vallen en we zien een angstaanjagend gezicht verschijnen dat zijn machtswellust niet langer verbergt. De corona-crisis is voor de wetenschap het moment van de waarheid, de waarheid over zichzelf. Ze kijkt in een spiegel en ziet daar een angstige, zieke, radeloze mensheid die hopeloos verdeeld is en zich niet teweer kan stellen tegen haar corrupte en incompetente ‘leiders’. Is de wetenschap niet even radeloos en verdeeld, is zij niet even weerloos tegen de macht? Ja, zit die machthebber niet diep in haarzelf verborgen en spreekt ze niet in zijn naam zonder het te beseffen? Wat is er gebeurd met haar idealen, wat is er gebeurd met de waarheid? Waar is de glimlach van de Verlichting gebleven? De corona-crisis zou voor iedere rechtgeaarde wetenschapper een gewetenscrisis moeten zijn, want hij ziet in de spiegel iemand die op het toppunt van zijn kunnen staat en toch tot niets anders in staat is dan de wereld angst aan te jagen. Dat kan nooit de bedoeling zijn.

Marc Van Ranst wordt gesponsord door farmaciereus Johnson&Johnson en hij is niet de enige. Door wie worden al die virologen en epidemiologen gesponsord die vandaag als politici optreden? Zou daar nog één onafhankelijke wetenschapper bij zijn? Zijn die wetenschappelijke leiders niet veeleer geleiders? Zijn zij niet de spreekbuis van de Mammon? Sturen zij niet aan op een (jaarlijks) verplichte vaccinatie van de hele wereldbevolking en draait de War on Corona in werkelijkheid niet om geld, waanzinnig veel geld? Draait de hele wetenschap vandaag niet om geld? Wie kan nog aan wetenschap doen zonder gesponsord te worden door de bedrijfswereld? En die bedrijfswereld sponsort heus niet uit idealisme, uit liefde voor de wetenschap. Die tijd is lang voorbij. In feite is de tijd van de wetenschap voorbij. Mensen beginnen nog wel uit liefde en idealisme wetenschap te studeren, maar als ze doorkrijgen dat de geldschieters waar willen voor hun geld – en geen waarheid – is het te laat: ze kunnen niet meer terug, ze zitten gevangen.

De wetenschap zit gevangen zoals de wereldbevolking vandaag gevangen zit. De angst die ze die bevolking aanjaagt, is haar eigen angst: de angst dat het afgelopen is met haar. Als de wetenschapper het woord moet spreken van degene wiens brood hij eet, dan houdt hij op een wetenschapper te zijn. Als de uitkomst van zijn onderzoek reeds vastligt en hij de fundamentele onzekerheid van de wetenschap niet kan handhaven, dan is hij geen onafhankelijke waarheidszoeker meer, maar een slaaf van de machtszoekers. Die waarheid kan de moderne wetenschapper niet onder ogen zien, want als hij ernaar handelt raakt hij alles kwijt: zijn inkomen, zijn reputatie, zijn sociale en geestelijke status. De inconvenient truth waar de waarheidszoeker voor terugdeinst is dat hij enkel nog aan wetenschap kan doen door haar te verraden, door haar te reduceren tot een middel om macht te verwerven. Aangezien wetenschappers ook maar mensen zijn, zitten ze gevangen in deze paradox, ze kunnen geen kant meer op. 

Wetenschappers sturen vandaag aan op een wereldrevolutie. Als we het klimaat willen redden, als we de natuur willen redden, als we ons leven willen redden, dan moet alles radicaal anders worden, zeggen ze. Maar ze spreken tegen een spiegel, ze hebben het over zichzelf. Het is in de wetenschap zelf dat de revolutie moet plaatsgrijpen. Het heeft geen enkele zin een drastische ommekeer te verwachten van de machthebbers want hun machtswellust wil alleen maar Ewigkeit, tiefe, tiefe Ewigkeit. Ze zullen niet ophouden tot alles vernietigd is, de wetenschap, de vrijheid, de beschaving, zijzelf. Maar hoe kan de wetenschap die ommekeer bewerkstelligen als ze aan handen en voeten gebonden is? Hoe kan ze zichzelf helpen als ze aan het kruis gespijkerd is? De wetenschap beleeft vandaag haar Golgotha: ze kan alleen nog haar eigen sterven, haar eigen onmacht onder ogen zien. En uit die onmacht moet de vraag geboren worden: wie kan mij helpen? Waar kan ik de waarheid vinden die mij bevrijdt?