Vijgen na Pasen

De wereld als een kunstwerk zien

Tag: kerstmis

De Maagd en het Woord

Le Verbe divin
la Vierge le porte,
elle est en chemin:
Qui ouvre sa porte?

(Juan de la Cruz)

20131224-190228.jpg

De herders

Omdat eenvoudigen verstaan
Wat door geen ingewikkeld zoeken
Noch lezen in geleerde boeken
Begrepen wordt of nagegaan,

Zijn herders toen in uwe stal
Geknield en hebben U aanbeden;
Dit is tweeduizend jaar geleden
En nog weet elk het overal.

Geen mens heeft ooit hun naam gemeld;
De rest van hun onschuldig leven
Is door geen wetenschap beschreven,
Wordt slechts aan kinderen verteld.

(Anton van Duinkerken)

20131224-151512.jpg

De weeën zijn begonnen

20131223-190931.jpg

Waai zegt de wind,
Woei doen de bomen,
Ik denk dat het kindje
Nu wel gaat komen.

Vrede op aarde

De kerstwens ‘vrede op aarde’ gaat niet zomaar in vervulling doordat er ergens een staakt-het-vuren wordt afgekondigd. Er zijn enkele voorwaarden aan verbonden. De woorden ‘aan alle mensen van goede wil’ houden al een beperking in. Maar de belangrijkste voorwaarde voor de vrede waarover de engelen tot de herders spraken, is dat eerst het goddelijke in de hemelhoogten zich openbaart: ‘Gloria in excelsis’. Echte vrede ontstaat alleen wanneer in het binnenste van de mens iets neerdaalt dat uit hemelhoogten stamt. Vrede is de toestand waarin de ziel verkeert als ze de openbaring van het goddelijke in zich opgenomen heeft.

Wat wij in onze tijd moeten ontwikkelen is een zintuig voor wat bezig is ten onder te gaan, opdat we het zouden herkennen, en een zintuig voor wat aan het opkomen is, opdat we de groei ervan zouden kunnen bevorderen. De uiterlijke wereld is in verval. Het vergankelijke en het tijdelijke zijn nu op grote schaal bezig te vergaan. Maar bij deze processen voegt zich in onze tijd ook een ontkiemen, een opgang. En wanneer we, door de scheuren en barsten van de uiteenvallende zintuiglijke wereld, de eeuwigheid zacht zien oplichten, dan kunnen we daaraan de kracht ontlenen om wat ten onder gaat rustig aan de afgrond over te laten, en ons te houden aan het nieuwe dat komende is.

(Emil Bock: Kringloop van de Jaarfeesten)

20131223-182837.jpg

De twee Jezuskinderen

Kerstmis is zonder twijfel het feest-der-feesten.
Althans in de moderne, Westerse wereld.
Geen enkel feest wordt er met zoveel overgave en luister gevierd.
Eigenlijk gaat het om een hele feestweek, die begint met kerstmis en eindigt met nieuwjaar.
Kerstmis is, laten we zeggen, de gezinspool van deze jaarlijkse feestweek. Het wordt in familieverband gevierd.
Nieuwjaar daarentegen is de meer individuele pool. Het wordt gevierd met vrienden, vrienden die je zelf gemaakt hebt, en niet ‘gekregen’ zoals dat met familieleden het geval is.
Kerstmis is een religieus feest, nieuwjaar een werelds feest.
Het eerste wordt ingetogen gevierd, het tweede uitbundig.
Met kerstmis liggen de straten er verlaten bij, met nieuwjaar stromen ze vol.
Kerstmis is het feest van de kleine lichtjes, nieuwjaar dat van het spetterende vuurwerk.
Met kerstmis staat het kind centraal, met nieuwjaar de volwassenen.
Op 25 december slaapt het jaar als het ware in, op 1 januari ontwaakt het weer.

Kerst en Nieuw vormen dus een onmiskenbare polariteit.
Maar tegelijk vloeien ze in elkaar over.
Er is niet veel religieus meer aan kerstmis, terwijl nieuwjaar steeds meer een heidens ritueel wordt.
Kerstmis zet mensen aan tot een onbedaarlijke koopwoede, en nieuwjaar doet hetzelfde.
Met kerstmis wordt tomeloos gegeten en gedronken, en met nieuwjaar wordt dat nog eens overgedaan.
Al het goede bestaat nu immers in twee.
Twee keer dezelfde roes, en daarna de Grote Kater.

20131218-122925.jpg

Beide feesten zijn in feite materialistische feesten.
Ze zitten helemaal in de greep van de commercie en het consumeren.
Voor wie nog enig echt ‘kerstgevoel’ heeft, is dat bijzonder pijnlijk.
Wat eigenlijk het meest tot bezinning stemmende feest van het jaar zou moeten zijn, is nu precies het omgekeerde.

Ik kijk dan ook ieder jaar weer steil op tegen de uiterlijke verplichtingen van dit feest.
In al die wereldse drukte slaag ik er niet in de kinderlijke innigheid van dit feest te beleven.
En toch kijk ik ieder jaar weer uit naar die tijd.
Ik geniet van de kerstbomen en de lichtjes (voor zover het tenminste geen blauwe lichtjes zijn).
Ik geniet van de kerstmuziek (voor zover het tenminste geen rock’n roll is).
Ik geniet van het eten (voor zover de verveling me tenminste niet tot schransen drijft).
Ik geniet van alle glitter en schijn (voor zover het tenminste niet ál te smakeloos wordt).
Ik heb in principe helemaal niets tegen deze materiële kant van de zaak.
Want ik ben er mij zeer van bewust dat zonder die materiële kant kerstmis hoogstwaarschijnlijk niét meer zou worden gevierd.
Of we het nu graag horen of niet, het zijn de kooplieden die de kersttraditie in stand houden, want de schriftgeleerden zullen het zeker niet doen.
Het is buitengewoon zielig om moderne pastoors en pastors te horen betogen dat het kerstverhaal enkel een … verhaaltje is, een paar mooie beelden verzonnen door kinderlijke zielen om ‘de komst van het licht’ te vieren.
De essentie van kerstmis is voor hen dus een leeg begrip, een dode, sentimentele abstractie. En daar moeten volwassen ‘gelovigen’ het dan mee doen.

Nee, dan liever de kooplieden.
Zij houden kerstmis tenminste nog een beetje levendig.
Zij houden de mogelijkheid open dat mensen over dit feest en het bijbehorende verhaal gaan nadenken.

20131218-123039.jpg

Wie dat laatste doet, komt vroeg of laat tot twee merkwaardige conclusies.
De eerste is dat eigenlijk niemand meer weet wat er met kerstmis gevierd wordt.
Sommigen zeggen dat het de geboorte van Jezus is.
Anderen zeggen dat het de winterzonnewende is.
Nog anderen zeggen dat het de geboorte van Mithras is.
En zo zullen er nog wel een paar meningen zijn.
Maar ze hebben geen van allen gelijk.
Althans niet volgens Bruno Skerath.
Wat we met kerstmis vieren, zei hij in wat misschien wel zijn laatste voordracht was, is de intrede van Christus in de aardesfeer.
Wat Skerath met die ‘aardesfeer’ bedoelde, is me niet duidelijk.
Ik vermoed dat het de ethersfeer is van de aarde, de sfeer tussen materie en geest.

In ieder geval is Christus niet dezelfde als Jezus.
Jezus werd pas Jezus Christus tijdens de doop in de Jordaan.
Toen nam de goddelijke geest van Christus zijn intrek in het aardse lichaam van Jezus.
Er liggen dus ongeveer 30 jaar tussen de intrede van Christus in de ethersfeer en zijn intrede in de fysieke sfeer, zijn eigenlijke menswording.
Met kerstmis vieren we dus niet de menswording van Christus en evenmin de geboorte van Jezus.
Wat we met kerstmis vieren, is ‘de komst van Christus op aarde’.
Die komst is in feite nog een geestelijk gebeuren, hoewel het, naar verluidt, gepaard ging met vreemde natuurverschijnselen.
We vieren met kerstmis dus een mysterie, een esoterisch feest dat door christelijke ingewijden ingesteld is.

Dat is de eerste conclusie waartoe we komen als we ons verdiepen in de betekenis van kerstmis.
Een tweede conclusie is dat er met dit feest-der-feesten nog een ander mysterie verbonden is, een mysterie dat zelfs nog in dat volkomen gecommercialiseerde hedendaagse feest tot uitdrukking komt: het geheim van de twee Jezuskinderen.

20131218-123202.jpg

Het was Rudolf Steiner die dit geheim in 1909 onthulde.
Er waren niet één maar twee Jezuskinderen.
Op het eerste gezicht klinkt dat volslagen ongeloofwaardig.
Het klinkt als één van de talloze onthullingen van diep verborgen geheimen die ‘het christendom op zijn grondvesten doen schudden’.
Merkwaardig genoeg wordt er over dít geheim nooit gerept in de brede stroom van ‘onthullingsliteratuur’.
En niet minder merkwaardig is dat er in de bijbel zelf op ondubbelzinnige wijze wordt naar verwezen.
Toen ik er zelf voor het eerst over hoorde, kon ik het niet geloven.
Maar ik sloeg de bijbel open en inderdaad, daar stond het, zwart op wit: Jezus werd niet in een stal maar in een huis geboren. Althans in het evangelie van Mattheus.
In het evangelie van Lucas stond het overbekende verhaal van de herders en de stal.
Toen ik die twee geboorteverhalen – Marcus en Johannes vermelden het niet – naast elkaar legde, trof het me hoe totaal verschillend die verhalen waren. Het enige wat ze gemeen hadden, waren de namen: in beide gevallen heetten de ouders Jozef en Maria, en het kind Jezus. En in beide gevallen vond de geboorte plaats in Bethlehem.
Maar voor de rest was alles verschillend, meer nog het was tegengesteld.
Bij Mattheus is er een huis, waarschijnlijk een rijk huis, want Jezus was van koninklijken bloede en dienovereenkomstig werd hij bezocht door koningen ‘die van verre kwamen’.
Bij Lucas heeft het kind niet eens een huis, het moet geboren worden in een stal, in het stro tussen de dieren, en het krijgt bezoek van enkele herders uit de buurt.
Groter verschil is nauwelijks denkbaar.

20131218-123335.jpg

20131218-123400.jpg

En toch heeft niemand dat de afgelopen 2000 jaar opgemerkt.

Enigszins begrijpelijk is dat wel, want als er twee Jezussen waren, wat is er dan met de andere gebeurd, degene die géén Christus werd?
En wat was de relatie tussen die twee?
Waarom moesten er trouwens twee zijn?
Het zijn allemaal vragen die niet beantwoord moeten worden wanneer men ervan uitgaat dat de twee geboorteverhalen ieder – in beeldvorm – één aspect van dezelfde geboorte belichten. Er zijn namelijk heel wat zaken in de evangeliën die niet letterlijk moeten worden genomen.
Daartegenover staat dan weer dat beide verhalen nadrukkelijk een geslachtsregister vermelden, als om erop te wijzen dat het wel degelijk om een reële, historische gebeurtenis gaat. En die geslachtsregisters zijn zodanig verschillend dat ze nooit op dezelfde persoon betrekking kunnen hebben.
De tijdsaanduidingen in de geboorteverhalen van Mattheus en Lucas wijzen ook op een heel ander moment in de geschiedenis.
En dan zwijgen we nog over de totaal andere sfeer van beide verhalen. Het ene (Mattheus) heel dramatisch, met een erfopvolger die maar op het nippertje aan de dood ontsnapt. Het ander (Lucas) heel bescheiden en ingetogen, zonder enig drama behalve dan de herberg die vol was.
Nee, het is veel logischer om uit te gaan van twee verschillende geboorten.

En toch heeft men dat niet gedaan.

Dat doet vragen rijzen over de ontwikkeling van het christendom. Want de mensen die het mysterie van de komst van Christus kenden (en het als kerstfeest lieten inschrijven in het kerkelijke jaar) moeten ook het geheim van de twee Jezuskinderen gekend hebben.
Waarom is dat geheim niettemin gedurende al die eeuwen bewaard gebleven?

Een en ander wijst op het uit elkaar gaan van twee fundamentele richtingen in het christendom: het exoterische christendom van de katholieke kerk, die zich verbond met het Romeinse Rijk, en het esoterische christendom dat ‘zuiver’ bleef maar ondergronds moest gaan, zoals de eerste christenen in de catacomben van Rome.
Terwijl de kerk zich ontwikkelde tot een machtig instituut dook het esoterische christendom onder, tot het in de 20ste eeuw door Rudolf Steiner weer aan de oppervlakte kwam.

Vandaag blijft er in het moderne Westen vrijwel niets meer over van de ooit zo machtige kerk, en dat is deels te wijten aan haar schrijnende geestelijke leegte. Maar ofschoon de antroposofie die leegte zou kunnen opvullen, weigert de kerk – die het werk van Rudolf Steiner nochtans goed kent – ieder contact.
Deze zelfvernietigende halsstarrigheid geeft een idee van hoe diep de vijandschap is tussen het exoterische en het esoterische christendom, een vijandschap die in de Middeleeuwen nog tot uiting kwam in de uitroeiing van de Katharen.

20131218-123551.jpg

Er is echter één gebied waarop exoterisch en esoterisch christendom elkaar de hand reiken, en dat is de kunst.
In talloze kerken, kathedralen en kunstwerken die door de kerk werden gepatroneerd, zijn esoterische elementen verwerkt. Met name het geheim van de twee Jezuskinderen was bij verschillende kunstenaars bekend. Ze verwerkten het op zo’n ingenieuze manier in hun beelden en schilderijen dat het alleen voor ‘ingewijden’ zichtbaar was.
Met name Rubens beschikte over zeer preciese informatie over (onder andere) beide Jezuskinderen. Aan de hand van zijn schilderijen kan de exacte geboortedatum van beide kinderen worden vastgesteld. En die geboortedatum valt helemaal niet op 25 december.
De Jezus uit het Mattheusevangelie – op grond van zijn geslachtsregister ook wel de salomonische Jezus geheten – werd geboren op 15 september in 7 voor Christus.
De Jezus uit het Lucasevangelie – ook wel de nathanische Jezus geheten – werd geboren op 14 januari van het jaar 1.
Rubens encodeerde zijn esoterische kennis zo nauwkeurig in zijn schilderijen dat zelfs het geboorteuur van de kinderen eruit kan worden afgeleid.
Het was Jos Verhulst die als eerste deze ‘Rubenscode’ brak en op die manier een geheel nieuwe kijk op Rubens mogelijk maakte.

20131218-123648.jpg

Als geen ander belichaamt deze Vlaming het samengaan van exoterisch en esoterisch christendom.
Aan de ene kant was hij het artistieke boegbeeld van de contrareformatie. Zijn schilderijen verheerlijkten het katholicisme en waren zeer gegeerd bij de kerk. Maar ook als diplomaat koos Rubens ondubbelzinnig de zijde van het extreem-katholieke Spanje en toonde hij zich een ware zoon van de kerk.
Aan de andere kant moet Rubens nauwe contacten onderhouden hebben met esoterische kringen, want de informatie waarover hij beschikte was nergens anders te vinden. Zo was hij niet alleen op de hoogte van het bestaan van Uranus, Neptunus en Pluto, planeten die pas eeuwen later ontdekt zouden worden, maar hij kende ook heel precies hun positie aan de hemel.

Rubens leefde dus in twee zeer verschillende werelden: een exoterische, zeer wereldlijke en zeer zinnelijke wereld, en een esoterische, zeer geestelijke en zeer bovenzinnelijke wereld. Dat maakt hem echter minder uitzonderlijk dan men zou denken, want in feite leeft iedere kunstenaar in deze twee werelden. Kunst verenigt sowieso altijd materie en geest. Rubens is alleen uniek doordat de tegenstellingen die hij verenigt zo extreem zijn.

Het is mijns inziens dan ook niet verwonderlijk dat het geheim van de twee Jezuskinderen Rubens zo nauw aan het hart lag. Dit geheim is als het ware het oerbeeld van de kunst en tevens van het samengaan van exoterisch en esoterisch. Dat is ook de reden waarom het zelfs vandaag nog tot uitdrukking komt in het moderne, volkomen gecommercialiseerde kerstfeest. Wat er van het in oorsprong esoterische kerstmis (de viering van de komst van een goddelijk wezen) nog overblijft, is een poging om van de donkerste periode van het jaar iets kunstzinnigs te maken. En ondanks de verregaande materialisering van wat ooit zo spiritueel was, blijven beide polen van het kunstzinnige nog altijd zichtbaar. Ook al heeft de moderne mens minder dan ooit weet van het geheim van de twee Jezuskinderen, diep in zijn ziel leeft het nog altijd. En bij een collectief kunstzinnig streven zoals kerstmis – hoe onbeholpen ook – nog altijd is, komt het aan de oppervlakte.
Tenminste voor wie de wereld als een kunstwerk wil zien …

(Wordt vervolgd)

20131218-123800.jpg

Boogschutter

Toen ik vanavond, zo rond een uur of vijf, nog even naar ‘het dorp’ ging om bij de apotheker een flesje Echinaforce te halen teneinde een opkomende keelpijn de baas te blijven, zag ik boven de horizon – voor zover je in Destelbergen een horizon kunt zien – een smalle roodgeelgloeiende strook die wonderlijk contrasteerde met de overigens volkomen kleurloze wereld.
Het deed me meteen denken aan de zonsverduistering die ik 14 jaar geleden (niet) gezien heb.
Ook toen was de lucht bedekt met een ondoordringbare wolkenlaag en zag je in de avondschemering alleen die gloeiende strook aan de horizon, alsof je door een spleet de hel kon zien.

20131123-191313.jpg

Het was precies hetzelfde, met dat verschil dat de avondschemering toen ’s morgens tegen de middag optrad.
Alhoewel, verschil?
Kent dit seizoen – daar is de Boogschutter! – wel een ochtend?
Het is alsof de avond ’s morgens al begint en de hele dag duurt.
Eén lange avondschemering zijn de dagen nu.
Eén lange zonsverduistering is deze laatste rechte lijn van het jaar.
Rechte lijn: die woorden passen wel bij de Boogschutter.
Niet alleen schiet hij zijn pijlen recht op hun doel af, maar hij dendert ook rechtdoor zonder te letten op wat hij onder z’n hoeven verplettert.
Want de Boogschutter is half mens, half paard, en je zult het maar meemaken om onder zijn hoeven terecht te komen.
Het tegenoverliggende teken – de Tweelingen – zul je dan weer niet gauw betrappen op iets rechtlijnigs.
Het is het meest speelse teken van de hele dierenriem.
Altijd iets te beleven, maar wél vermoeiend.
Edoch, zo grof als de Boogschutter kan zijn, zo fijnzinnig kan de Tweeling zijn.
En allebei zijn ze in hoge mate onbewust van zichzelf, een tegelijk ontwapenende en ergerlijke eigenschap.

Wie wil zich nu bewust zijn van al die grauwheid, van die dag-die-geen-dag-is!
Het is net als tijdens een zonsverduistering: niemand let op wat er zich beneden afspeelt, alle aandacht is toegespitst op wat er boven te gebeuren staat.
Daarom is iedereen in een rechte lijn naar ‘de plek’ gekomen: om getuige te zijn van het indrukwekkendste wat er in de natuur te zien is.
En wat daar te zien is – als er tenminste geen ondoordringbare wolken hangen – is het kerstmis van de natuur: het geboren worden van het kind (de onbekende zon) uit de vereniging van de (bekende) zon en de maan, de man en vrouw van de natuur.
Ja, mensen komen van over de hele wereld om een zonsverduistering te zien, net als de drie koningen 2000 jaar geleden naar Bethlehem kwamen om getuige te zijn van de-zon-die-’s nachts-begon-te-schijnen.
De ster van Bethlehem, dat was de onbekende zon, zoals die ook tijdens een zonsverduistering begint te schijnen.
Vandaag weet iedereen waar je moet zijn om zo’n (totale) zonsverduistering te kunnen meemaken, maar 2000 jaar geleden wisten alleen ‘drie koningen’ dat.

Boogschutter is dan ook het teken van de wijsheid.
Maar het is een tamelijk grove, rechtlijnige wijsheid, een wijsheid die ontstaat door naar ’s nachts naar de sterren te kijken en er in gedachten rechte lijnen tussen te trekken.
Een oude-zielenwijsheid.
Groots, maar getekend door de dood.
Een wijsheid van de eeuwige avondschemering, een grijze wijsheid.
Niet de kleurrijke, levendige, speelse wijsheid van het spelende kind.
Maar het is wél die kinderlijke wijsheid waardoor de Boogschutter onweerstaanbaar aangetrokken wordt en die hem al de rest (zichzelf inbegrepen) doet vergeten.

We schrijven eind november, de eindspurt is ingezet, de laatste rechte lijn naar de geboorte van ‘het kind’.

20131123-191354.jpg