Vijgen na Pasen

De wereld als een kunstwerk zien

Tag: Koen Meulenaere

De nar en de tijd

  
 
Onze democratie is zo diep gevallen dat we een nar als Kaaiman nodig hebben om de waarheid nog gepubliceerd te krijgen.   (Pieter Bauwens)

Advertenties

Karel sings the blues

  
Afgezien van Jo Cox, die er haar leven bij liet, worden David Cameron en Boris Johnson in ruime kring beschouwd als de grootste twee slachtoffers van de brexithistorie. Maar dat is niet zo. De grootste twee slachtoffers zijn aan deze zijde van het Kanaal te vinden en heten Herman Van Rompuy en Karel De Gucht. Suïcidaal! Alle twee.

Herman komt er wel overheen. De kleinkinderen wat vaker zien, zijn broer wat minder, en de rust van De Haan kan wonderen doen. Veel Duitsers daar, geeft ook een goed gevoel. Voor Karel ziet het er slechter uit. Zit zodanig te zeuren en te zagen over hoe erg het allemaal is, de uittrede van het Verenigd Koninkrijk, dat hij vorig weekend door Mireille bijna is buiten gezwierd. ‘Nog één keer het woord brexit en ge krijgt uw eigen exit’, maakte de ravissante Aalsterse politierechter korte metten met het gezanik van haar echtgenoot. En u weet: het vastgoed van het koppel De Gucht-Schreurs is eigendom van Schreurs. Getrouwd met scheiding van haar en gemeenschap van zijn goederen.

Gelukkig had Karel nog zijn column in Het Laatste Nieuws als uitlaatklep. Straks gaan de mensen waarschijnlijk weer zeggen dat ze het niet hadden zien aankomen, ‘hij had geen signalen uitgestuurd’ heet dat dan, maar de jongste en naar te vrezen valt laatste column van Karel staat gelijk met het inbeuken van de voordeur bij de zelfmoordlijn. Drijft op het midden van de Donk en de stenen zijn al ondergegaan.

Karel in HLN: ‘Sinds de uitslag van het referendum bekend is, voel ik mij droevig. De brexit hangt als een grijze nevel over mijn politieke ziel. Het weer, van een eindeloze triestigheid, zal er wel voor iets tussen zitten, maar het is dieper. Vroeger slikte ik een ontgoocheling door met een glas whisky, maar nu hebben zelfs acht flessen niet geholpen. Ik voel me ongemakkelijk, het eten smaakt me niet, ik slaap slecht, ik ga niet goed meer af, ik bak er niets meer van. Ik moet me verweren tegen een lamlendigheid die me dreigt te overvallen.’

Geef toe, dat ziet er niet goed uit. Toen Guy Verhofstadt hem indertijd twee messen, een kromzwaard en een dolk in de rug stak en de trappen van de Melsensstraat af schopte, bleef Karel combattiever dan ooit, maar nu slaagt hij er niet in recht te krabbelen. En thuis kan hij het niet kwijt. Voor Mireille betekent de brexit goedkoper shoppen in Londen, sinds de fatale dag is ze al meer op de Eurostar gesignaleerd dan Paul De Grauwe. Tot vreugde van het spoorwegpersoneel. Maar de wonde die bij Karel is geslagen, baart zorgen over zijn voortbestaan. En blijkbaar had hij het in zijn kwaadste droom niet zien aankomen.

(Koen Meulenaere) 

Er valt niet veel te lachen en dus …

  

Onderstaande tekst is van Koen Meulenaere. Merkwaardig toch dat we een humorist nodig hebben om ons eraan te herinneren dat het de Lijdensweek is. Met al die aanslagen zou een mens dat bijna vergeten. 

‘Als het echt brandt, is er geen plaats voor spot. Gelukkig duurt dat niet lang. Want het een gezegd gelijk het ander: is dit de Goede Week? Wat staat ons dan in de Slechte te wachten? Het was trouwens in 33 ook al geen te beste, zeker niet voor Hem aan wie ze gewijd is. Sta ons toe, in deze tijden van religieuze verdwazing, om dat de komende dagen wat nader toe te lichten. Vandaag is het Witte Donderdag, zo genoemd omdat de kruisbeelden met een witte doek overhangen moeten worden. Als de avondmis afgelopen is, luiden de klokken een laatste keer voor ze in groep naar Rome vliegen, en worden die witte doeken vervangen door paarse. Niet iedereen doet dit correct. 

Witte Donderdag, bij de brede massa enkel nog bekend door de Witte-Donderdagprijs in Bellegem, is de feestdag van alle verraders. We danken hem aan Judas Iskariot, idool der verklikkers. Had CD&V toen bestaan, Judas was zeker lid geworden. Meer dan dertig zilverlingen had hij niet nodig om Jezus met een kus te verraden, aan wat Matteüs omschrijft als ‘een grote bende met zwaarden en knuppels gewapende wilden, gestuurd door de hogepriesters en de oudsten van het volk’. Jezus, die het gebrek aan hygiëne bij zijn leerlingen niet meer kon aanzien, had voordien van lieverlee zelf hun vieze voeten eens gewassen, had geprobeerd hun het Onze Vader te leren, vruchteloos, en had de traiteur een avondmaal laten brengen. Daarna trok Hij naar het Hofke van Olijven om wat te bidden. En daar arriveerden ‘De bottinekes’ van die tijd en gaf Judas Hem de kus des doods. Stippen we voor de volledigheid aan dat bij Johannes geen sprake is van die kus. Wat ofwel wijst op onnauwkeurigheid en te denken geeft over de rest van zijn evangelie, of een minstens lichte vorm van homofobie verraadt.

Vóór ons Heer werd weggevoerd hieuw één apostel – de drie andere evangelisten zeggen niet welke maar volgens Johannes was het Simon Petrus – een oor van de dichtstbij staande vechtersbaas af, maar hij kreeg van Jezus nog onder zijn voeten ook. Lukas is de enige van de vier die beweert dat Jezus dat oor er terug heeft aangezet, al beschrijft hij niet exact hoe. Jammer, want het heeft lang geduurd voor gediplomeerde chirurgen diezelfde techniek in de vingers kregen. Na het oor-incident hield Jezus nog een van zijn beroemde cryptische preken, geen touw aan vast te knopen, waarna Matteüs laconiek afsluit: ‘Toen lieten alle leerlingen Hem in de steek en namen de vlucht.’ En hij moet zelf een van die lafaards zijn geweest, want van de vier evangelisten waren alleen hij en Johannes ook apostel. Er zijn dus slechts twee ooggetuigen van de arrestatie van Jezus, en die spreken elkaar radicaal tegen, zoals bij ooggetuigen gebruikelijk.’

Close reading

Journalisten zijn als politici: ze liegen, en om hun laatste restje geweten te sussen, geloven ze zelf hun leugens.
Ik kan me anders niet voorstellen hoe iemand journalist of politicus zou kunnen zijn.
Gelukkig is er in dit land nog één iemand die ze allebei het vuur aan de schenen legt: Koen Meulenaere.
Als ze ook hem het zwijgen opleggen, zal God geen genade meer kennen met Sodoma en Gomorrha. En met Brussel zeker niet.
Daarom laat ik deze laatste rechtvaardige aan het woord.

20140910-175422.jpg

Over de identiteit van Jack the Ripper bestaan nu nog twee algemeen gangbare theorieën.
Na nieuw onderzoek gaan velen ervan uit dat de Pool Aaron Kosminski de beruchte seriemoordenaar was.
Om Willem Elsschot te citeren: ‘Een Pool, goddomme.’
Kaaiman leest over de kwestie in De Morgen en verneemt daar, en alleen daar, dat Aaron Kosminski niet alleen een Pool was, maar bovendien een Jood!
Een toevoeging waarvan de relevantie ons ontgaat, maar die wellicht moet worden toegeschreven aan het racistische karakter waarvoor De Morgen wereldwijd bekend staat sinds de misplaatste grap over Barack Obama die als aap werd afgebeeld, en de misplaatste column van Hans Vandeweghe over het geringe concentratievermogen van Afrikaanse voetballers.
Dat laatste is op het WK wel door de feiten bewezen, maar leidde niettemin tot een breuk tussen De Morgen en de KVS, nochtans geleid door Jan Goossens, zoon van de founding father van de krant.

Het artikel over Jack the Ripper is op wel meer punten illustratief voor De Morgen: tendentieus en onvolledig.

Zo vernemen we dat de Britse zakenman Russell Edwards in het bezit kwam van een met bloed doorweekte sjaal die door mevrouw Catherine Eddowes, een van de slachtoffers van de heer the Ripper, zou zijn gedragen op het moment van haar voortijdige dood.
En dat de heer Edwards deze sjaal op DNA-sporen heeft laten onderzoeken door professor Jari Louhelainen, een Fin goddomme.
Twee vragen dringen zich nu toch op bij elke lezer met drie hersencellen.
Eén: hoe kwam de heer Edwards in het bezit van deze sjaal?
Twee: waarom liet hij hem door professor Louhelainen onderzoeken, terwijl professor Jean-Jacques Cassiman veel meer voor de hand lag?
Drie: welk belang heeft de heer Edwards bij dat dure onderzoek?

Geen antwoord hierop in De Morgen.

In het VRT-journaal, waar ze eerder dit jaar ‘De rechtvaardige rechters’ al hadden teruggevonden, beweerden ze, en dat weer in alle ernst, dat Edwards de sjaal op een rommelmarkt had gekocht.
Jaja.
Naast een kraam met snuisterijen van Napoleon en Hendrik de Achtste waarschijnlijk.
Professor Louhelainen heeft ontdekt, of beweert dat toch, dat het bloed op die sjaal inderdaad van mevrouw Eddowes was, en dat er spermasporen van de heer Kosminski op aanwezig waren.

Weer twee vragen.

Hoe komt de professor aan het DNA van mevrouw Eddowes waarmee hij het bloed op de sjaal heeft vergeleken?
En hoe aan het DNA van de heer Kosminski?
Er zal wel een plausibel antwoord zijn op vraag één, maar ook dat staat niet in De Morgen.
Misschien is Siegfried Bracke enkele rapporten vergeten door te spelen, of misschien heeft Lisbeth Imbo ze in alle opwinding thuis laten liggen?
Het antwoord op vraag twee staat er wel: professor Louhelainen heeft het sperma op de sjaal vergeleken met het mitochondriaal DNA van een nakomelinge van de zus van de heer Kosminski, en bingo!

Wat een onzin, niet?

Er is gelukkig een tweede theorie in omloop, een meer ernstige, vooral verspreid door onze columnist Rik Van Cauwelaert: Jack the Ripper was een Saksen-Coburg.
Meer bepaald Albert Victor, the duke of Clarence, een buitenechtelijk kind van Edward de Zevende.
Die Saksen-Coburgs zijn nog geen haar veranderd.
Al is vergeleken bij de daden van Jack the Ripper het kleurige geklodder van Delphine Boël vrij onschuldig.

20140910-180021.jpg

Red Star Line

Het WK blijft spannend.
Zo verscheen er vandaag in De Morgen een artikel van Jan Callebaut, marktonderzoeker en adviseur (van onder meer Kris Peeters).
Het begint met de woorden:
‘De media zijn altijd afhankelijk geweest van sterke persoonlijkheden. Nu meer dan ooit.’
Een ietwat dubbelzinnig begin als u ’t mij vraagt, want het vermoeden rijst dat deze woorden op hemzelf betrekking hebben.
Maar algauw wordt dat rechtgezet.
‘In deze wereldbekertijden moet het grote menselijke leed wijken voor de kleine pijntjes van volkse superhelden. In de sport, de belangrijkste bijzaak in onze samenleving, is de journalistiek in handen van een grote variëteit mensen.’

20140620-145458.jpg

Eén blik op de wat papperige kop van Callebaut volstaat om de conclusie te trekken dat hij geen actief deel uitmaakt van het Grote Sportgebeuren.
Maar hij heeft wel bewondering voor de grote variëteit mensen die dat wel doen.
Want: ‘sport is als het leven zelf, soms boeiend, soms spannend, maar altijd passioneel.’
Huh?
Het leven, altijd passioneel?
Ik zou wel eens willen weten hoe dat passionele leven van Jan Callebaut eruitziet.
De markt onderzoeken: ik had geen idee dat het de passie zo hoog kon doen oplaaien.
Blijkbaar is Jan Callebaut toch een van die sterke persoonlijkheden waar de media volgens hem zo afhankelijk van zijn.
Ik moet toegeven, de passie slaat als een verzengend vuur van zijn column af.
Want u raadt nooit waar zijn bewieroking van de sportjournalistiek toe leidt.
Hij komt, helemaal op het eind uit bij … stoute Hans Vandeweghe!
Over hem schrijft hij:
‘Heldere taal, creatieve metaforen, juiste ontleding is zijn handelsmerk. Zijn chargerende dissectie van het Afrikaans voetbal twee weken terug was pijnlijk precies: het grote Afrikaanse talent erkennend maar veroordelend voor de zwermen managers en makelaars.’
Nou moe!
Het moet wel gloeiende passie zijn die Jan de verdediging doet opnemen van een gore racist als Hans, en die hem vervolgens doet zeggen:
‘Het woord racisme viel in deze context mijns inziens prematuur.’
Prematuur?
Hoe kan een beschuldiging van racisme ooit prematuur zijn als zowat iedere Vlaming een racist is en het structurele en onderbuikige racisme blijft toenemen!

20140620-150039.jpg

Jan verklaart: ‘Racisme is een zo ernstig misdrijf dat men met dat woord zuinig en bedachtzaam dient om te springen.’
En hij voegt eraan toe:
‘Natuurlijk is sport een uitvergroting van de samenleving. Sport als de paradox van het leven. Om het met de woorden van Hans te zeggen: topsport is de ultieme meritocratie. In sport is het de beste die zou moeten winnen.’
Wat dat ermee te maken heeft, en wat het eigenlijk betekent, is niet duidelijk.
Maar het leert me wel dat Jan een handige jongen is.
Een echte marktonderzoeker.

Als ik namelijk naar de mediamarkt (met kleine letter!) kijk, dan meen ik een koerswijziging waar te nemen.
Ze is vooralsnog nauwelijks merkbaar, want het mediaschip is als de Titanic: zo’n mastodont doe je niet zomaar de steven van links naar rechts wenden.
Zelfs als het roer helemaal wordt omgegooid, duurt het nog een hele tijd voor de koerswijziging zichtbaar wordt.
Jan en ik, geboren marktonderzoekers als we zijn, zien waarschijnlijk hetzelfde: het onzinkbaar gewaande linkse fregat stevent op een ijsberg af.
En de eerste ratten verlaten het schip.

20140620-150522.jpg

Stel je voor dat het ondenkbare gebeurt en dat Bart De Wever aan de macht komt!
Dan is het zaak om een Anciauxtje te doen en het geweer van schouder te veranderen.
Ik sta vol bewondering voor de subtiele manier waarop Jan Callebaut dat doet.
Na een lange inleiding waarvan je je afvraagt waarheen ze leidt, komt uiteindelijk aap Hans uit de mouw.
Maar de lezer is nog niet van zijn verbazing bekomen of hij wordt met een goocheltruc afgeleid: er wordt hem een reeks raadselachtige zinnen toegeworpen waar hij zolang moet op kauwen dat hij vergeet dat brave Jan eigenlijkteigenlijk de verdediging van stoute Hans heeft opgenomen.
Zijn column is in zodanige woorden opgesteld dat je er alle kanten mee uit kunt.
En dat is altijd een veilige positie in een snel veranderende markt.
Zal het politieke en (dus ook) het mediaschip inderdaad haar koers naar rechts verleggen?
Of is het maar een tijdelijk uitwijkmanoeuvre?
Jan houdt alle opties open.
Hij denkt: liever blode Jan dan dode Jan.

Ook Hugo Camps voelt de bui hangen.
Hij papt nog eens flink aan met zijn goede maten Guy en Karel (het Joenk en de Fraudeur), maar brengt toch ook een zeker begrip op voor Bart en Lies (de Leider en zijn Iron Lady).
Maar het mooist van al is dat de Grote Lakei als een … dissident wordt voorgesteld!

Ja, we beleven passionele tijden!
De gensters vliegen alle richtingen uit en de aarde blijft globaal opwarmen.
Gelukkig zijn er ook mediapersoonlijkheden die het hoofd koel houden.
Zoals Kaaiman.
Hij analyseert de situatie van het Linkse Schip op nuchtere en objectieve wijze:

20140620-150948.jpg

Intussen bij de sp.a.
BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Dat klinkt als een klok, niet?
Ritmisch. Scandeert lekker.
En uit alle afdelingen dreunt het steeds luider: BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Kaaiman was als gewoonlijk de eerste en kreeg, ook zoals gewoonlijk, pas na een periode van aarzeling en bezinning overal navolging.
BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Lang geleden dat de Vlaamse socialisten nog eens eensgezind achter een zo sterke slogan opstapten.
Het lijkt wel een nieuwe lange mars.
Opzij, opzij, opzij, de rode stoet trekt hier voorbij.

Op kop het Hageland. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Afdeling Hasselt. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Lommel. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Antwerpen stad. BABY BACK BOITEN! BABY BACK BOITEN! BABY BACK BOITEN! BABY BACK BOITEN!
De Kempen. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Brussel. BLEITER BERT BUITEN! BLEITER BERT BUITEN!
Het Waasland. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Ook de afdeling Vilvoorde marcheert. BABY BACK BUITEN! Bonte Hans Binnen! BABY BACK BUITEN! Bonte Hans Binnen!
Oeioei, de Leuvenaars. BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!! BABY BACK BUITEN!!!!
Welk van die drie woorden zou hij niet begrijpen?
Daar is Freya.
Rood jurkje, witte gympies.
AL WIE DA NI SPRINGT, AL WIE DA NI SPRINGT, AL WIE DA NI SPRINGT IS N-VA!
AL WIE DA NI SPRINGT, AL WIE DA NI SPRINGT, AL WIE DA NI SPRINGT IS N-VA!
Ho, de dissidente West-Vlaamse delegatie. BAARD CROMBEZ BUITEN! BAARD CROMBEZ BUITEN! BAARD CROMBEZ BUITEN! BAARD CROMBEZ BUITEN!
En wie hebben we hier: Louis en Jenny Tobback!
Voor het eerst sinds 1 mei weer eens samen in een stoet.
BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN! LOUIS TOBBACK, UW SOCIALE ZEKERHEID. BABY BACK BUITEN! BABY BACK BUITEN!
Tot slot de voorzitter zelf, ergens op zee. ‘HET GROOTZEIL REVEN MANNEKES! ROND DE GIEK! EN OP MIJN TEKEN: OVERSTAG!’

Aldus Koen Meulenaere.

Geen passie hier, maar feiten.
Het is bijna pure geesteswetenschap.
And I like that.
Er is al passie genoeg in de wereld.

20140620-151838.jpg

At your service?

20140219-183926.jpg

Bij de vorming van de huidige Belgische regering zat er een spelbreker aan de onderhandelingstafel, iemand die zich niet aan de regels van het spel hield, zijnde: er wordt onderhandeld tot de Vlamingen toegeven.
Die spelbreker was Bart De Wever, toen nog 150 kilo zwaar.
Hij wilde niet plooien zoals de Belgische traditie dat eiste.
Hij hield het (dikke) been stijf.
Yves Leterme had hem dat al eens voorgedaan en het was hem niet goed bekomen: de toorn Gods – lees: van het Belgisch bestel – was over hem neergedaald.
Zo’n gigantische partij moddergooien had dit land nog nooit meegemaakt.
Leterme kwam in het ziekenhuis terecht. Je zou voor minder.
Dat was het moment om ermee te kappen en te zeggen: ik heb gedaan wat ik kon, maar hier kan geen mens tegenop!
Men zou Leterme tot held verklaard hebben, tot martelaar voor de Vlaamse zaak.
Maar Leterme wilde van geen wijken weten.
En hij brak.
Hij deed uiteindelijk wat al zijn voorgangers gedaan hadden: toegeven.
Het betekende het einde van zijn politieke carrière. Tegenwoordig zit hij ergens in Parijs, op een kantoortje van de Oeso, wat dat ook moge betekenen. Hij komt nog slechts in het nieuws als hij weer eens een mail of een tweet naar de verkeerde persoon stuurt.

Dus toen Bart De Wever dezelfde kant opging – tegen de eisen van de Franstaligen in dus – voelde ik bewondering voor zijn moed, maar ik dacht tegelijk: vroeg of laat breekt die kerel.
Niemand is bestand tegen een mentale lynchpartij zoals Leterme die te verduren had gekregen.

We zijn intussen een paar jaar verder, en tot mijn grote verbazing staat Bart De Wever nog altijd overeind.
Wat Leterme had meegemaakt, was nochtans peanuts vergeleken bij wat De Wever moest, en nog altijd moet verduren.
Iedere dag weer wordt hij in de kranten – alle kranten – onder vuur genomen, jaar in jaar uit, zonder ophouden. Het lijkt wel een journalistieke remake van ’14-’18, met dat verschil dat de strijdende partijen toen aan elkaar gewaagd waren.
Nu is het David tegen Goliath.
Eén tegen allen.
Want, zoals Koen Meulenaere hieronder schrijft, het Vlaamse verzet wordt belichaamd door één man: Bart De Wever.
Valt hij weg, dan is het verzet gebroken, zoals in Nederland met Pim Fortuyn.

20140219-183537.jpg

Bart De Wever zou niet zijn wie hij vandaag is, zonder ‘Vlaamse bewustwording’.
Op de een of andere manier zijn de Vlamingen wakker geworden.
Maar dat (langzame en moeizame) Vlaamse ontwaken, bestaat ook niet zonder Bart De Wever.
Volk en leider hebben elkaar nodig.
Volk en leider: het klinkt onnozel, ik weet het.
Anno 2014 zou een volk geen leider meer nodig mogen hebben, het zou op democratische wijze zichzelf moeten besturen, zoals de Zwitsers dat (min of meer) doen.
Maar België is geen democratisch land, zoals Zwitserland.
De Vlamingen vormen er de meerderheid, maar ze moeten voor alles de toelating vragen aan de Franstaligen. Ze moeten zelfs betalen als ze willen krijgen waar ze recht op hebben.
Het zou lachwekkend zijn als het niet zo beschamend was.
En dus heeft Vlaanderen een ‘leider’ nodig.

Hoe dat gaat aflopen: ik weet het niet.
Ik denk nog altijd dat Bart De Wever zal breken. Hij is al twee keer in het ziekenhuis opgenomen met een gevaarlijke infectie. En ook zijn vrouw is al op Intensieve beland. Je moet niet vragen onder welke spanningen dat gezin leeft.
Bart De Wever speelt dan ook alles of niets.
Hij heeft geen andere keuze.
Als men hem na 25 mei opnieuw aan de kant zet – men gaat in het moderne Europa toch geen rekening houden met de wil van een volk zeker! – dan is het met hem afgelopen, dan is zijn politieke carrière gebroken nog voor ze begonnen is.

Ik ben, net als Koen Meulenaere, heel benieuwd hoe dat gaat aflopen.
Hopelijk niet als Pim Fortuyn, de Onfortuinlijke.

PIM

In het gezin De Wever liggen ze tegenwoordig om beurten op sterven. Eerst onze leider, dan de vrouw van onze leider, dan weer onze leider zelf… gelukkig heeft tante Lies een ijzeren gestel. Dat ProNoKal-dieet heeft blijkbaar enkele vervelende nevenwerkingen, wat aandachtige waarnemers al wel was opgevallen. Iemand ooit Karel De Gucht ziek geweten? Nooit. Het Joenk wel: geelzucht. Zat bij de verkiezingen van 1995 in zijn pyjama in Het Journaal. En kreeg een tweede aanval van
het geel toen bleek dat niet hij maar Jean-Luc Dehaene had gewonnen.

De vraag waarvoor u, kiezer, zich gesteld ziet, luidt: bent u bereid het bestuur van het land toe te vertrouwen aan een slappe dweil die eruitziet als de dood van Ieperen en die meer in de Intensieve Zorg zit dan in het parlement? Als De Wever zo doorgaat, veranderen de transfers in de ziekteverzekering weldra van richting. Het enig mogelijke antwoord is: ‘Neen.’ Hij kan vier jobs al niet aan, wat zou hij er nog een vijfde bij nemen?

Pim Fortuyn! Het mag niet hardop gezegd worden, maar je kunt toch niet anders dan een parallel trekken met het geval Pim Fortuyn? Die kwam dan wel niet door uitputting om het leven, maar het resultaat was hetzelfde. Zijn partij, in alle peilingen naar de sterren geschoten, zat plots zonder kopman. Negen dagen voor de verkiezingen. Waaruit Fortuyn mits wat fortuin als minister-president tevoorschijn had kunnen komen. Ze zouden wat beleefd hebben, de Nederlanders. Niet zo erg als wat ze uiteindelijk onder Jan Peter Balkenende hebben meegemaakt, maar het zou er toch niet ver af geweest zijn.
De Lijst Pim Fortuyn behaalde ondanks de tamelijk definitieve afwezigheid van haar boegbeeld 26 zetels, werd na CDA de grootste partij van Nederland, en had negen portefeuilles in het eerste kabinet Balkenende. Dat het logischerwijs geen jaar volhield, en toen was het gedaan met de Lijst. Fortuyn zelf kreeg in zijn graf 1.358.000 voorkeurstemmen, en werd tot ontzetting van weldenkend Nederland en Vlaanderen twee jaar later ook verkozen tot Grootste Nederlander aller tijden. Vóór Willem van Oranje en Willem Drees. Johan Cruijff was pas zesde. Ze hebben nog hun uiterste best gedaan om te doen geloven dat er iets was misgelopen met de telling, maar de KRO weigerde te zwichten.
Tot zo ver Nederland. Haalt onze leider 25 mei? Vorig weekend in Londen eens binnengestapt bij Ladbrokes, het enige betrouwbare richtbaken in het leven. Een verraste bookmaker pleegde snel twee telefoontjes en gooide ons dan bijna het kantoor uit: ‘Hij is én burgemeester, én partijvoorzitter, én Vlaams Parlementslid, én campagneleider, én lijsttrekker, én columnist, én separatist, én marathonloper, én zwemkampioen, én vader van vier kinderen, én bevriend met een Sherman tank, én in één jaar tachtig kilo vermagerd, én zijn broer is professor aan de Universiteit Gent? En gij wilt hier komen wedden dat hij 25 mei niet meer haalt? Meneer, wij nemen weddenschappen aan, geen zekerheden.’
Wil dus iemand die dwaas van een Bart De Wever stoppen voor het te laat is? Johan Van Overtveldt zal de N-VA wel overnemen. Alleen nog leren om het woord ‘confederalisme’ uit te spreken zonder een vies gezicht te trekken.
En iets meer volume bij ‘De Vlaamse Leeuw’ graag.

20140219-183717.jpg

In Vlaamse Velden

Ten huize Debrouwere is de afgelopen weken gekeken naar het 4de seizoen van ‘De kinderen van Dewindt’. Dat gebeurde met gemengde gevoelens, maar toch met plezier, want ondanks een aantal pertinente mankementen, heeft de reeks toch zijn kwaliteiten.
Dus ging ik op zoek naar het vervolg, want we wilden weten hoe de kinderen van Karel Dewindt zich zouden redden uit de klauwen van nonkel Bob. En ook hoe de buitenechtelijke lesbische affaire van Ellen zou aflopen.

20140204-101946.jpg

Helaas, geen 5de seizoen te vinden.
Dat was frustrerend, want ik kijk heel graag naar fictie van eigen bodem. Als het tenminste een beetje te doen is, en dat is helaas lang niet altijd het geval. Vlaamse fictie, het blijft problematisch.
Hoe komt dat?
Ik zie drie redenen.
1. Vlaanderen is te klein. Hoeveel zenders zijn er inmiddels: drie, vier, vijf, meer? En die willen allemaal fictie maken. Dan wordt de spoeling wel heel dun.
2. Vlaanderen heeft geen eigen taal. Het Vlaams is een verzameling dialecten, het Nederlands is een vreemde taal (ook als is ze oorspronkelijk van Vlaamse komaf). Vlamingen kunnen zich alleen op schoolse manier uitdrukken in het Nederlands en in tv-series wreekt zich dat: acteurs verliezen de helft van hun mogelijkheden als ze ABN moeten spreken. Het worden bordkartonnen figuren. De jongere generaties bedienen zich gelukkig meer en meer van de zogenaamde ‘tussentaal’ – een compromis tussen dialect en ABN – maar oudere acteurs (genre Mia Doornaert) gebruiken nog vaak een Nederlands dat zo bekakt is dat je tenen ervan gaan krullen.
3. Vlaanderen heeft geen intelligentsia, althans geen organisch gegroeide intelligentsia. De huidige bovenlaag is ontstaan in verzet tegen la Flandre profonde, het vooroorlogse verpauperde Vlaanderen van ongeletterde boeren en arbeiders. Dat arme Vlaanderen bestaat al lang niet meer, maar het verzet ertegen is gebleven en vormt voor veel Vlaamse intellectuelen en kunstenaars nog altijd een soort ‘beschavingsmissie’. Dat komt onder meer tot uiting in tv-series waarin op meer of minder subtiele wijze de spot wordt gedreven met de ‘simpele’ Vlaming.

20140204-102337.jpg

Deze drie factoren maken ‘Vlaamse fictie’ tot een begrip dat zeer gemengde gevoelens oproept. Als ze alledrie tegelijk aanwezig zijn, is het resultaat echt niet te pruimen. Zijn ze alledrie afwezig, dan kan het resultaat hartverwarmend zijn.
‘Kinderen van Dewindt’ houdt een beetje het midden tussen de twee.
De serie is goed in beeld gebracht. Er wordt prima geacteerd. De acteurs hebben – godzijdank – niet de opdracht gekregen om keurig ABN te spreken.
Wel was er blijkbaar niet genoeg geld om voldoende goede acteurs of goede scenaristen te betalen. Dat zorgt voor dissonanten die soms zo grotesk zijn dat je als kijker in lachen uitbarst. Maar het belangrijkste is, wat mij betreft, dat er in deze reeks geen spoor is van het zo typische ‘te kakken zetten’ van de simpele Vlaming. Er worden trouwens alleen maar normale Vlamingen geportretteerd: een verademing.

Al bij al dus best te genieten deze ‘Kinderen van Dewindt’. En dat smaakte naar meer, naar meer Vlaamse fictie bedoel ik. Want als het goed is, is kunst van eigen bodem (zou die uitdrukking nog toegestaan zijn?) toch een echte meerwaarde. Alleen al het feit dat ‘Kinderen van Dewindt’ zich in Antwerpen afspeelt, is voor mij al een reden om ernaar te kijken.
Dus keek ik in de Mediamarkt uit naar andere Vlaamse fictie.
Ik had enthousiaste commentaren gehoord over ‘Eigen Kweek’, maar dat bleek nog te duur te zijn. Ik betaal geen 35 euro voor een tv-serie.
Mijn oog viel op ‘Quiz me Quick’: 15 euro. Dat leek me redelijk.
En ik had goede recensies gelezen.

20140204-102621.jpg

Toch voelde ik argwaan. Een reeks over een quiz? En geschreven door Bart De Pauw? Dat beloofde niet veel goeds. Ik had ‘Loft’ gezien, naar een scenario van dezelfde Bart De Pauw, en vond dat een vreselijk over het paard getilde film. Niet toevallig weer een film die zijn uiterste best deed om vooral niet Vlaams te zijn.
‘Quiz me Quick’ zag er dan weer héél Vlaams uit, van het soort karikaturale Vlaamsigheid dat evenveel afkeer verraadt als het streven om alle Vlaamsheid uit te bannen.
Nee, het zag er niet goed uit.
Maar ik liet de wens de vader van mijn gedachten zijn. Ik wilde na ‘Kinderen van Dewindt’ zo graag weer iets van eigen bodem zien, dat ik de gok waagde.

An wilde niet kijken. Een serie over een quiz? Kom nou!
Laten we dan kijken naar ‘A serious Man’, stelde ik voor, een film van de gebroeders Coen. Echte kunst! Heb ik op jouw aanraden gekocht!
Mijn aanraden?
Ja, je had daar iets over gelezen en zei dat ik er eens moest naar uitkijken.
Ze herinnerde er zich niets meer van.
Vooruit dan maar.
Het bleek een film te zijn over joden in het Amerika van de jaren ’60.
Alleen al de interieurs waren om ziek van te worden.
Het deed denken aan ‘Mad Men’, maar dan nog saaier.
We zaten er lichtjes verbouwereerd naar te kijken, maar bleven hopen dat het verhaal op dreef zou komen. In plaats daarvan hield het opeens op.
We barstten allebei in lachen uit.
Wat een grap! Je maakt een film waarin niets gebeurt en opeens, zonder verwittiging, hou je er mee op.
We keken nog even naar de extra’s: een interview met de makers.
Meestal zijn die extra’s het bekijken niet waard, maar nu was het nóg erger.
Mijn God! Wat een zelfingenomen gewauwel! Wat een pseudo-artistiek geneuzel!
En ik die dacht dat alleen Europeanen dat deden …

20140204-102853.jpg

De volgende avond zei An: laten we toch eens naar die quizdinges kijken.
Tja, veel erger dan die joodse jaren ’60 kon het niet zijn.
Het begon alvast niet goed. De begingeneriek schreeuwde: kijk eens hoe origineel wij zijn!
Vervolgens gebeurde er niks meer.
Wat nu weer?
Het duurde een tijdje voor het tot ons doordrong dat we naar het hoofdmenu zaten te kijken.
Hoe origineel!
Het volgende wat me opviel, was de slechte beeldkwaliteit. De schaduwen leken wel vloeibare blauwe vlekken. Zou dat ook artistiek bedoeld zijn?
Ik vond het in ieder geval beledigend: het minste wat je van een moderne tv-serie mag verwachten, is dat ze technisch OK is.
Enfin, ik wil er geen woorden meer aan vuilmaken.
We zaten de eerste aflevering uit, en het was meteen de laatste.
De volgende avond keken we dan maar voor de derde of de vierde keer naar NYPD Blue.
Wat een verademing!
Ze deden ook wel iets artistiekerigs met de begingeneriek, maar voor de rest was het vakwerk. Zoals je van Amerikanen kunt verwachten.

Aan dat alles moest ik denken toen ik gisteren Koen Meulenaeres commentaar las op ‘In Vlaamse Velden’, de tv-serie over de eerste wereldoorlog die momenteel wordt uitgezonden. Hij maakt er zoals gewoonlijk een karikatuur van, maar te vrezen valt dat ze gelijkend is.

20140204-103057.jpg

VLAAMS VELDJE

Die Eerste Wereldoorlog kan zo erg niet geweest zijn, afgaande op ‘In Vlaamse velden’, het jongste drama, sommigen spreken van kwaliteitsdrama, van de openbare omroep. We zien vier zatladders per fiets over telkens dezelfde veldwegel van honderd meter heen en weer zwalpen, en nu en dan ontploft het lichtste voetzoekertje uit de feestartikelenzaak.
Er is één meisje verkracht, geen Vlaamse fictie kan zonder, maar wacht tot meester Plateau voor de rechtbank aantoont dat ze nog maagd is.

De Slag van Halen! Beter bekend als de Slag der Zilveren Helmen aan de Gete.
De Wehrmacht werd er niet alleen tegengehouden, maar in mootjes en nootjes gehakt. We schrijven 12 augustus 1914 en de forten rondom Luik hadden, kan het iemand verbazen, niet lang standgehouden. De Duitse troepen van generaal Georg von der Marwitz rukten op en dachten via de brug van Halen over de elders ondoorwaadbare kolkende Gete te geraken. Aha, dat viel tegen. Aan de overkant werden ze opgewacht door de mannen van onze generaal Léon De Witte: een regiment Jagers te Paard, een peloton lansiers en een detachement van de gidsen.

De Duitse cavalerie stormde overmoedig als steeds met blanke sabel Halen binnen, maar werd van aan de IJzerbeek en van uit de Loksbergse bossen onder vuur genomen door Belgische artillerie en zo recht naar een hinderlaag in Zelk gedreven, waar ze droog en wel werd afgeslacht.
Rittmeister von Bodecker , de commandant van het eskadron, werd in hechtenis genomen, de enige Duitser in vier jaar. Naast honderden Pruisen en helaas één paard, verloren ook enkele dappere Belgen het leven in deze bloedige veldslag.

Maar op de VRT vinden ze blijkbaar dat een van de meest heroïsche gevechten uit de geschiedenis van ons leger belachelijk mag worden gemaakt door drie fuseliers met een sigaret in hun mond in een greppel te leggen, vervolgens een paar theelichtjes door de lucht te gooien, en alle drie de Belgische soldaten te doen wegvluchten. Op een velo. Dat is spotten met onze gesneuvelden, zoiets.
Het heeft duidelijk weer niet veel mogen kosten.
Stel: men had Steven Spielberg gevraagd. Ieper bestond niet meer.
Zestigduizend Duitse acteurs en evenveel Vlaamse zouden in de velden rond Boezinge op elkaar inbeuken, een fortuin aan granaten en bommen zou voor onze ogen ontploffen, en er zou zoveel rook en vuur uit de Vlaamse velden spuiten dat ze vanuit Frankrijk moesten komen blussen. Een getrainde hond, Snoopy, schoot Manfred von Richthofen uit de lucht.

Nu de versie van de VRT. Twaalf Duitsers! Twaalf. Van wie negen met een pinhelm, want meer waren er niet in de kostuumafdeling.
Twaalf man, dat was blijkbaar de troepensterkte waarmee keizer Wilhelm Europa wou veroveren.
Aan Belgische kant zeven lapzwansen en veertien deserteurs.
En dokter Boesmans, die de aangeboren Vlaamse neiging tot collaboratie personaliseert. ‘Herzlich willkommen, meine Herren.’ Vuurkracht van ons leger: één klappertjespistool en een verroeste tweeloop. Gemiddelde temperatuur aan het front: 17 graden Celsius. Mosterd enkel op de hotdogs.
Op de eerste de beste buurtbarbecue wordt feller gevochten.
Over de wijze waarop de Nolfbarak wordt voorbereid, willen wij het niet eens hebben. Maar indien het echt gebeurd is zoals de VRT wil doen geloven, verbaast het ons niets dat het uiteindelijke resultaat de huidige Universiteit Gent is.

Tot zover Koen Meulenaere.

Even later las ik in de krant dat op Canvas het ‘Unsere Mütter, unsere Väter’ uitgezonden wordt. De kans dat ‘In Vlaamse Velden’ standhoudt naast dit aangrijpende Duitse oorlogsdrama is zo goed als onbestaande. De kans dat het belachelijk wordt gemaakt, is daarentegen zeer reëel.

Een mens vraagt zich af wat ze daar denken, bij de Vlaamse televisie.

20140204-103415.jpg

Kandidaat vertoont gebrek aan ernst

20140109-151155.jpg

Nadat jonge haai Wim Coenen vanmorgen in de krant verkondigde dat nonkel Michel moest ophouden met zwanzen en dat over moest laten aan vaklui such as himself, was het de beurt aan oude draak Marc Didden om dat stomme, provincialistische plebs eens goed de levieten te lezen: altijd maar overdrijven, nooit eens nuanceren!

Wat me trof, was dat die jonge haai in de grond precies hetzelfde verkondigde als de oude draak: mond houden en luisteren!
Ja, de Stalinistische geest is nog lang niet dood!
Hij heeft alleen zijn snor afgeschoren en een trendy bril opgezet.
O ja, er is nóg een klein verschil: vroeger zette hij een grote bek op tegen ‘de bourgeois’ en riep hij ‘Alle Macht aan de Arbeiders!’
Nu zet hij een grote bek op tegen de arbeiders en roept hij ‘Alle Macht aan de Bourgeois’, want dat laatste is hij inmiddels zelf geworden.
’t Kan verkeren, zoals Marx al zei.

Wie had kunnen denken dat het harige rapalje dat vroeger aan de Leuvense Alma stond toeteren met een pak stencils onder de arm, vandaag de wacht zou uitmaken in kranten en media!
Wie had gedacht dat ze vandaag precies het tegenovergestelde zouden roepen als toen!
Wie had verwacht dat al die jonge gasten vandaag naar hun pijpen zouden dansen!

Ach ja, wie zei ook alweer dat je gemakkelijker een hond voorbij een hotdog-kraam sleept dan een socialist voorbij een zak met geld?
Die zak met geld heeft het ‘em natuurlijk gedaan.

Vraag het maar eens aan een oude krokodil als Koen Kaaiman.
Toevallig haalde hij vandaag ook wat jeugdherinneringen op in de krant.
Lees maar:

Het is een heel geschuif geweest om alle Van Rompuys op de juiste plaats op de verkeerde lijst te wringen. En och arme Carl Devlies, hij valt meer uit de boot dan de doorsneepassagier naar Lampedusa. Maar op Herman na heeft elke Van Rompuy nu uitzicht op een job.
Tijd voor een grote onthulling: op wie stemt Kaaiman?
Velen willen dat weten.
Geen geheimen tussen u en mij: op Tine Van Rompuy, Partij van de Arbeid.
Al jaren.
Columnist, communist, één front, één strijd.
Kaaiman was al in zijn studententijd overtuigd marxist-leninist.
Stalinist nooit, vandaar dat ons toenmalige celhoofd de Amada-leiding afraadde ons als volwaardig lid toe te laten. Dat was nadat wij op een vergadering hadden gevraagd of de slachtoffers van Stalin misschien minder dood waren geweest dan die van Hitler.
Sowieso werd al getwijfeld aan ons geloof in een proletarische revolutie, omdat wij in het studentenblad een tekst van Leo Trotski hadden gepubliceerd en erbij hadden gezet dat hij van Mao was. Om eens te zien of iemand dat zou opmerken. Dat was het geval.
‘Kandidaat vertoont gebrek aan ernst’, noteerde het celhoofd. Die later nog een tijdje voor Trends heeft geschreven, want Lenins wegen zijn al even ondoorgrondelijk als die van God, die overigens niet bestaat.

Toen uw Kaaiman samen met Rik Van Cauwelaert voor Sportmagazine werkte, kreeg hij daar op een dag de schok van zijn leven toen datzelfde celhoofd onze redactie kwam binnengestapt en vroeg of wij geïnteresseerd waren in een artikel over vissengevechten in China. Hij was dat net een verdieping hoger bij Trends gaan voorstellen, maar Johan Van Overtveldt, de toekomstige minister-president, had hem afgescheept met: ‘Vissengevechten? Dat is voor de mannen van de sport.’

Omdat het celhoofd geld nodig had voor zijn volgende reis naar Peking, besloot hij dit advies op te volgen. Ook toen al leidden adviezen van Van Overtveldt zelden tot succes, dat zullen ze bij de N-VA nog wel ondervinden.

Rik Van Cauwelaert, die in die tijd elk weekend met zijn beste hanen naar Noord-Frankrijk trok, keek het celhoofd enige tijd sprakeloos aan, en vroeg toen: ‘En hoe verloopt dat, zo een vissengevecht?’ Waarop het celhoofd: ‘Wel, er staat een grote bokaal vol water, ze gooien daar twee vissen in, en die vechten.’
Na van deze mededeling bekomen te zijn, vroeg de Rik: ‘En als ze niet vechten?’
Bij deze dwaze veronderstelling, typisch voor een kapitalist, moest het celhoofd dan weer even nadenken, alvorens te antwoorden: ‘Dan zetten ze elektriciteit op het water en die het langst spartelt, is de winnaar.’

Kaaiman heeft Rik toen discreet een briefje toegestopt waarop stond: ‘Kandidaat vertoont gebrek aan ernst.’

Het is nadien toch nog in Trends verschenen, dat stuk over die vissengevechten, nadat het celhoofd de briljante inval had gekregen er een tabelletje bij te zetten met de economische implicaties van vissengevechten op de Chinese zeevaardij. En daar kon je bij Frans Crols altijd mee aankomen.
Dus Tine Van Rompuy. Omdat wij graag een communist willen verkiezen, maar dan wel een uit een deugdelijke familie, en die combinatie is veeleer zeldzaam. Nu zullen sommigen geneigd zijn een bijkomende vraag te stellen: ‘Wat doet een communist, strekking Peking dan nog, bij een prestigieuze zakenkrant als De Tijd?’
Awel, het kapitalisme van binnenuit bestrijden.
En voorlopig lukt dat aardig.

20140109-151434.jpg

De strijd tegen het pipoïsme

Dit weekend gratis bij De Tijd: Het Jaar van de Kaaiman.
Voor wie een collector’s item wil bemachtigen.
Een voorsmaakje.

BEET VOORAF

Eenieder heeft in het leven een opdracht gekregen, hetzij van Ons Heerke, hetzij van de VDAB. En die van uw Kaaiman bestaat erin het pipoïsme in onze maatschappij te doorprikken. Wel dan heb je je werk. Heel veel werk zelfs.

Het pipoïsme is een algemene term die niet in Van Dale, en ook niet in enig ander papieren of digitaal woordenboek is opgenomen. Torenpoepster wel, met dank aan de christelijke volkspartij. Volksnationalist ook, eveneens met dank aan de christelijke volkspartij. Maar pipoïsme niet.

Pipoïsme is dan ook een begrip dat niet eenduidig te definiëren of te omschrijven valt. Niettemin voelt iedereen spontaan aan wat ermee bedoeld wordt. Je zou het in zekere zin een vorm van aanstellerij kunnen noemen, maar dan een speciale, Vlaamse variant ervan. Een overtreffende trap, die nog met een extra dosis domheid gekruid is.

Nergens tiert het pipoïsme zo welig als in de politiek en de media. Of het zou in de culturele sector moeten zijn, waar een verstandig mens zich verre van houdt. De culturele sector in Vlaanderen zou best eerst worden afgeschaft en daarna verboden. Dat vanwege het grote aantal onuitstaanbare poseurs dat er verwaand als een pauw in rond paradeert. Meestal gesubsidieerd.

Wie het pipoïsme in ons land wil blootleggen, weet niet waar te beginnen. En nog minder waar te eindigen. Een overaanbod van zichzelf ernstig nemende malloten bevolkt en bezoekt onze media, en krijgt daar steeds vaker en steeds langer de tijd om de meest hoogdravende wartaal uit te kramen. Bij de VRT staat dat zelfs in de beheersovereenkomst, het moet het enige punt daaruit zijn dat zo plichtbewust in de praktijk wordt gebracht.

Welnu, waarde lezer van De Tijd, moge het kleinood dat u in handen houdt, en dat op zijn bescheiden wijze de erkentelijkheid van de krant uitdrukt voor uw aanwezigheid in onze lezersschare, u ervan overtuigen dat uw Kaaiman niet zal rusten voor de laatste pipo de strot is doorgebeten. Hij zal dus nooit rusten, en al helemaal niet in vrede.

(Koen Meulenaere)

20131222-125658.jpg

Gratis!

20131217-113218.jpg

Met Koen Meulenaere is het een beetje als met Rudolf Steiner: als er ergens een overzicht verschijnt, is hij er nooit bij.
Koen Meulenaere is de scherpste – en wat meer is: de geestigste – pen van Vlaanderen, en dat wordt door zijn ‘collega’s’ zorgvuldig verzwegen.
Ze doen alsof hij niet bestaat.
Maar hij bestaat dus wel.
Sinds hij bij Knack zijn koffers gepakt heeft en een herenleventje gedag zei – één column per week – schrijft hij nu iedere dag een column, en wel in De Tijd, die vreemde rose gazet, ook een buitenbeentje in de Vlaamse media.
Een bloemlezing van die columns verschijnt nu zaterdag, als gratis bijlage bij de rose gazet.
Hét moment voor een kennismaking, zou ik zeggen.

Ik laat Kaaiman zelf aan het woord:

Even uw aandacht graag. Nu zaterdag zit gratis en voor niets bij uw krant: ‘Het jaar van de Kaaiman’, een bundeling van de vijftig minst slechte columns van uw geliefde, zo mogen we hopen, columnist. Een initiatief van de directie van Mediafin, voegen wij er Pilatusgewijs de handen wassend snel aan toe.

Zelf hebben wij het afgeraden vanwege nare ervaringen in het verleden, maar een directeur nam ons terzijde en siste ons boos toe: ‘Luister eens hier, we hebben al veel te veel betaald voor die rommel, dus het enige wat we kunnen doen is proberen er nog een deel van te recupereren. Ik dacht niet dat gij er veel belang bij hebt om dwars te liggen.’

Goed goed, dan niet. Hebt u thuis een tafel die wat wiebelt of een kier die moet gestopt tegen de kou, dan is dat probleem zaterdag van de baan. Een ambetante nonkel moet voor Kerstmis nog een zodanig waardeloos geschenk krijgen dat hij goed begrijpt hoezeer hij wordt beledigd? Zoek niet langer, zaterdag kunt u het onder de boom leggen.

Eén keer eerder heeft uw Kaaiman een paar van zijn stukjes laten bundelen, door de uitgeverij van de VRT nog wel, en dat staat nog altijd in de statistieken van de boekhandelaren als een van de minst geslaagde uitgaven sinds Dirk Martens in Aalst een drukpers in elkaar schroefde. Werd later enkel overtroffen door ‘Het klauwen van de leeuw’ van Marc Reynebeau.
Toenmalig BRTN-woordvoerder Hugo Morrens was de initiatiefnemer en hij had onze tegenwerping, dat in die columns op schandelijke wijze de draak werd gestoken met BRT-vedetten, van tafel geveegd met het argument: ‘Juist daarom.’
‘Behalve in het omroepkoor zouden de meesten beter een toontje lager zingen’, besloot Morrens, die jarenlang verslaggever was op den Antwerp en dus nooit neen zei tegen een kleine provocatie.

Om een kort verhaal nog korter te maken: dat werd niks, dat boekje. ‘De wondere wereld van de verslaggever’ heette het, en weinigen wensten zich in die wereld te verdiepen. Oplage van 2.000 stuks en een jaar later ontvingen wij een brief van de uitgever die ons gul de kans bood om de resterende 1.900 exemplaren tegen een gunstprijs aan te kopen. De ramsj, een Jiddisch woord voor rommelverkoop, waren ze al gepasseerd. Zonder succes: twee gestolen. Of meer waarschijnlijk: verloren.

De BRT heeft zijn eigen voorraad indirect naar de papiercontainer gestuurd door ‘De wondere wereld van de verslaggever’ als prijs te geven in een televisiequiz. Voor de verliezer! Het enige plezier dat wij er zelf aan hebben beleefd: de verbijsterde blik op het gelaat van de ongelukkige, die in korte tijd twee dreunen op zijn neus kreeg. Eén omdat hij verloor ten aanschouwen van heel Vlaanderen, en een tweede omdat hij naar huis werd gestuurd met een prul waarvan iedereen zag dat het anders in de vuilnisbak was geëindigd.

Volgens de directie van Mediafin is dat gevaar deze keer, hoewel niet helemaal onbestaande, toch kleiner: u krijgt ‘Het jaar van de Kaaiman’ namelijk gratis, willen of niet, nu zaterdag bij De Tijd. Met steun van Fernand Huts! Die eiste alleen dat er genoeg stukken tegen Eddy Bruyninckx en Marc Van Peel zouden in komen, maar dat was sowieso het geval.

20131217-113429.jpg